Corruptie bepaalt verkiezingen Thailand

"Corruptie-eter' Chamlong Srimuang kan tot in kleinste gehuchten van de hele Thaise regio Chiang Mai op warme steun rekenen van de kiezers, ten minste dat zeggen ze, maar zullen ze ook morgen op hem stemmen? De militairen hebben van de democratie een farce gemaakt, maar de Thaise economie groeit razendsnel en de wijdverbreide corruptie laat veel mensen meeprofiteren. “Als ze nu nog geen keus kunnen maken heeft de Thaise democratie een lange weg te gaan.”

CHIANG MAI, 12 SEPT. “Aha, daar zijn al die aanplakbiljetten voor”, zegt Bumrung Chaiwong, een verkoper van toeristische trips in de Noordthaise stad Chiang Mai. Het was hem ontgaan dat er morgen parlementsverkiezingen worden gehouden. Over tochten per olifant naar de noordelijke bergstammen, het kopen van rijstpapieren paraplu's en over traditionele Thaise massage kan Bumrung alles vertellen, maar de verkiezingen laten hem koud.

De 150.000 inwoners van Chiang Mai - na de metropool Bangkok (5,5 miljoen mensen) en Nakhon Ratchasima (200.000) de derde stad van Thailand - denken zoals de meeste Thais met gemengde gevoelens aan de komende verkiezingen. Is het allemaal wel de moeite waard? Zal straks niet gewoon blijken, als steeds tevoren, dat de militairen hun alomvattende greep op de samenleving hebben weten vast te houden en verder gaan met hun corrupte praktijken? Want hoewel Thailand al sinds 1932 een constitutionele democratie is, zijn militairen gekomen en gegaan zoals het ze uitkwam, in zestig jaar hadden zeventien staatsgrepen plaats.

Alle hoop van democratisch-gezinde groepen is gericht op de Palang Dharma-partij van de devote boeddhistische politicus Chamlong Srimuang. Men spreekt van de "Chamlong-koorts'; niemand schaamt zich er voor uit te komen op de man met het stekelhaar te stemmen. Yuth, een 33-jarige hotelemployée steekt zijn duim omhoog voor Chamlong. “Iedereen gaat hier op hem stemmen”, zegt hij zelfverzekerd.

Chiang Mai ligt, zoals de kraai vliegt, op 700 kilometer van Bangkok. Het is een eigenwijs gebied, ooit het onafhankelijke koninkrijk Lanna, dat tot begin deze eeuw een relatieve mate van autonomie wist te handhaven. De bevolking is er niet altijd even vriendelijk - een buitenstaander kan ook een indringer zijn. De talloze bergstammen leven nog grotendeels hun eigen leven, al zijn ze overgeleverd aan de Westerse en Japanse toeristen, die in grote aantallen mensen komen kijken.

In de hele regio Chiang Mai, tot in de kleinste gehuchten heeft de Chamlong-koorts toegeslagen. Neem Hot, een plaats van niks, negentig kilometer ten zuiden van Chiang Mai, een doorgangsweg, wat huizen en winkels. De bus stopt bij een samenraapsel van voedselstalletjes en werkplaatsen. Een jonge boeddhistische monnik - fel oranje jeevon, sandalen, intellectueel rond brilletje - stapt uit en banjert door de padies, op weg naar zijn tempel. Hoog in de lantaarnpalen van Hot hangen aanplakborden van kandidaten. Vooral de reclame van Palang Dharma springt in het oog. Partij-leider Chamlong maakt op het portret een perfecte wai, de boeddhistische manier van groeten en "kijkt neer' op drie lokale kandidaten van zijn partij. Het meisje bij de fruitstal kijkt geamuseerd naar de aandacht voor de borden. Gaat ze stemmen? Ze wijst omhoog naar Chamlong Srimuang.

De Palang Dharma heeft een tuktuk in Hot afgehuurd om Chamlong aan de kiezer te brengen. De driewielige, lawaaierige taxibrommer is beplakt met foto's van Chamlongs arrestatie, tijdens de democratische betogingen in mei, waarop de geboeide leider wordt afgevoerd door twee leden van de militaire politie. het onderschrift, in het sierlijke Thaise letterschrift luidt: “Hij vecht voor het volk en voor de democratie”. De berijder van de tuktuk tuft er lekker op los, hij heeft een bandje op staan met muziek en teksten van Chamlong en rijdt uiteraard de hele dag op kosten van de partij rond.

Op een grasveldje heeft de Palang Dharma een videoscherm opgesteld waarop beelden van de bloedige gebeurtenissen van deze lente worden getoond, de boodschap: stem Chamlong opdat dit nooit meer gebeurt. Het zijn vooral nieuwsgierige kinderen die, giechelend, naar de filmpjes kijken, zoals ze ook naar de populaire vechtfilms kijken.

In Mae Sariang, nog eens honderd kilometer verder, hebben de mensen het te druk voor de verkiezingen, zo lijkt het. De hoofdstraat in het stadje is aan één kant opgebroken om een nieuwe riolering aan te leggen. De arbeiders vinden de buschauffeur die er langs wil maar een lastige man. Zelfs in deze uithoek van Thailand zijn de winkels voorzien van alle vormen van modern comfort. De snel groeiende welvaart in grote delen van het land - alleen het noordoosten blijft duidelijk achter - is een paradoxale afremmer van de democratie.

De militairen mogen door hun veelvuldige interventies van de democratie een farce hebben gemaakt, de economie van Thailand is al jarenlang een van de snelst groeiende ter wereld, met groeicijfers van om en nabij de tien procent. De generaals denken goed aan zichzelf, maar de corruptie is zo wijd verspreid dat veel meer mensen ervan "meeprofiteren' en dat betekent ook dat de bestrijding moeilijker is.

Corruptie-eter Chamlong Srimuang, zoveel is duidelijk, kan in Chiang Mai, in Hot, en in Mae Sariang, op warme steun rekenen van de kiezers, ten minste dat zeggen ze, maar doen ze het ook? Dat is het probleem van de Thais: het verschil tussen zeggen en doen. Hoewel velen in hun hart geporteerd mogen zijn voor de anti-corruptie opstelling van de Palang Darma, is een paar honderd baht of een lekkere ham de moeite waard om op een andere partij te stemmen. De mate waarin traditionele partijen in staat zijn hun aloude omkooppraktijken uit te voeren zal daarom bepalend zijn voor de uitslag.

“Dit is een verkiezingsrace die niet te voorspellen is, zoiets hebben we nog nooit gezien”, zegt een medewerker van Pollwatch, een semi-regeringsinstantie die toeziet op een goed verloop van de verkiezingen. “De mensen kunnen duidelijk kiezen tussen de phak marn ("duivelse partijen', vóór de militairen) en de phak thep (de "engelpartijen', voor democratie), als ze nu nog geen keus kunnen maken heeft de Thaise democratie een lange weg te gaan.”

Pollwatch is officieel een onafhankelijk instituut, dat in het verleden in een kwade reuk stond wegens vermeende banden met de militairen. Interim-premier Anand Panyarachun reorganiseerde het instituut en heeft alle medewerkers de strikte opdracht gegeven streng toe te zien op onregelmatigheden en zich volledig neutraal op te stellen.

Langs de kant van de weg, tussen Mae Sariang en Hot staat een oude vrouw, aan haar kleren te zien, een lid van de Hmong-stam, ze rookt een pijp. Gaat ze ook stemmen? Ze zegt niets, ook niet als de vreemde vraag wordt vertaald in het Thai. Ze rookt haar pijp en draait zich om.