Vance: Bosnische partijen bereid tot overleg in Genève

LJUBLJANA, 11 SEPT. De Bosnische president en moslimleider, Alija Izetbegovic, heeft zich bereid verklaard met de Serviërs in Bosnië te gaan praten.

Dat zei gisteren de speciale afgevaardigde van de VN, Cyrus Vance, die met de EG-diplomaat Lord Owen de Joegoslavische vredesconferentie leidt, in Sarajevo. Izetbegovic weigerde Servische leiders te ontmoeten nadat hij hen in mei van oorlogsmisdaden beschuldigde.

In Sarajevo werd tot kort voordat Vance en Owen daar gisteren arriveerden fel gevochten. Om veiligheidsredenen besloten de beide diplomaten niet per vliegtuig maar over land vanuit de Kroatische havenstad Split naar de Bosnische hoofdstad te reizen. Tijdens de gesprekken met Izetbegovic werd de omgeving van het presidentiële paleis door blauwhelmen afgezet.

Tijdens hun vijf uur durende verblijf in Sarajevo droegen beide heren een kogelvrijvest en een helm. Zij spraken ook met de leider van de Servische minderheid in Bosnië, Radovan Karadzic. Karadzic sprak eveneens de bereidheid uit aan vredesgesprekken deel te nemen die volgende week vrijdag in Genève beginnen. Woensdag zegde de leider van de Kroatische minderheid, Mate Boban, in Zagreb toe dat hij naar Genève komt.

Vance en Owen spraken vanmorgen berichten tegen als zouden zij gisteren met de strijdende partijen in Sarajevo een staakt-het-vuren zijn overeengekomen. Het Franse ministerie van defensie verklaarde gisteren dat de beide diplomaten in de Bosnische hoofdstad met de strijdende partijen een staakt-het-vuren overeen waren gekomen. “Wij weten niets over een bestand”, aldus Vance.

De Kroatische regering maakte gisteren bekend dat vorige week vrijdag op het vliegveld van Zagreb tijdens een inspectie van een Iraanse Boeing 747 met hulpgoederen voor Sarajevo aan boord, een grote hoeveelheid wapens en munitie was gevonden. In een verklaring wordt gezegd dat men de wapens in beslag genomen heeft en het vliegtuig heeft teruggestuurd. De Verenigde Naties hebben een wapenembargo tegen deze en andere voormalige Joegoslavische republieken uitgevaardigd. Kroatië heeft wegens het incident een officieel protest ingediend bij de regering in Teheran.

De Iraanse president, Hashemi Rafsanjani, die op dit moment een vierdaags bezoek aan China brengt, heeft gisteren ontkend dat de Iraanse Boeing 747 wapens aan boord had. Rafsanjani zei echter dat Iran in de toekomst wellicht de moslims wapens zal leveren. “Als zij wapens van Iran willen hebben, zullen wij dat overwegen.” Ook zei hij: “De situatie is nu erg slecht. De een heeft alle wapens en binnenkort moet de andere partij ze ook van iemand krijgen.”

De Joegoslavische minister van buitenlandse zaken, Vladislav Jovanovic, is gisteren afgetreden. Jovanovic zei dat hij niet langer deel kan uitmaken van een regering “waarin steeds openlijker een politiek wordt bedreven die indruist tegen de belangen van Servië en het Servische volk”. Jovanovic maakte zijn aftreden bekend nadat premier Milan Panic besloot de leden van de delegatie van Klein-Joegoslavië, Servië en Montenegro, in Genève te vervangen. De delegatie zou volgens Panic de vredesinitiatieven van zijn regering te weinig ondersteunen en onder invloed staan van de Servische president Slobodan Milosevic, die verantwoordelijk wordt gesteld voor de oorlog in Bosnië. Jovanovic geldt als een politieke bondgenoot van Milosevic. Zijn politieke meningsverschillen met de Joegoslavische premier Milan Panic zijn de afgelopen weken breed uitgemeten in de Joegoslavische media.

    • Theo Engelen