Ulla Hahn: Een man in huis. Vertaald door Gerda ...

Ulla Hahn: Een man in huis. Vertaald door Gerda Meijerink. Uitg. BZZTÔH, 127 blz. Prijs ƒ 24,50.

Rainer Maria Rilke: De aantekeningen van Malte Laurids Brigge. Vertaald door Pim Lukkenaer. Uitg. Balans, 198 blz. Prijs ƒ 29,90.

Barbara Honigmann: Nietige liefde. Vertaald door Gerrit Bussink. Uitg BZZTÔH, 95 blz. Prijs ƒ 26,50.

Rafael Seligmann: De Jiddische Mamme. Vertaald door Tinke Davids. Uitg. Kasimir, 243 blz. Prijs ƒ 34,90.

Stefan Zweig: Schaaknovelle en andere verhalen. Uitg. Athenaeum-Polak & Van Gennep, 531 blz. Prijs ƒ 49,50. Geb. ƒ 75,-

Theodor Storm: Het huis van meneer Bijtebauw. Vertaald door Klaus Siegel, met een nawoord van Wolfgang Herrlitz en een zeefdruk van Luuk de Weert. Uitg. Nota Bene, 40 blz. Prijs ƒ 22,50.

Een kerstidylle in de Duitse provincie: het sneeuwt, de klokken luiden, de kerkgangers knikken elkaar vriendelijk toe. Maria, een van hen, is in een opperbeste stemming. Jaar in jaar uit liet haar gehuwde minnaar haar met de feestdagen zitten, maar nu wacht hij haar op in haar smaakvol gemeubileerde flat. Dat zij hem met geweld moest dwingen bij haar te blijven kan de pret niet drukken. Integendeel. De spaarzaam geklede, geknevelde en met gouden boeien aan haar bed vastgeketende man roept een ongekende hartstocht bij haar op, een passie die het produkt is van zorgvuldige berekening. Want Maria laat zich niet langer door haar vrijer misbruiken; de rollen worden omgedraaid. Stinkend in zijn eigen uitwerpselen, verzwakt en vermagerd, kan de man haar ten slotte niet meer bekoren. Na het feest van Christus' geboorte sleept zij hem als een oude kerstboom haar woning uit; opgeruimd staat netjes.

De vertelling Een man in huis, het prozadebuut van de dichteres Ulla Hahn, is brutaal, oppervlakkig en amusant. Daarmee voldoet het in alle opzichten aan de eisen van de markt.

Ulla Hahn: Een man in huis. Vertaald door Gerda Meijerink. Uitg. BZZTÔH, 127 blz. Prijs ƒ 24,50.

"Hoe zou het zijn als we onze successen minachtten, als we helemaal van voren af aan zouden beginnen het werk van de liefde te leren, dat altijd voor ons is gedaan?' In de Aufzeichnungen des Malte Laurids Brigge (1910) dweept de Praagse dichter Rainer Maria Rilke met een vrouwelijke vorm van liefde die niets met ordinaire bezitsdrang te maken heeft. De uiterste consequentie van zo'n van alle aardse belangen gezuiverde liefde is een totale overgave aan God de Schepper. Rilkes alter ego Malte staat daar helemaal voor open, als hij maar wist waar hij God kon vinden. De eenzame kunstenaar wordt heen en weer geslingerd tussen spirituele ervaringen en schier ondraaglijke angstvisioenen. Het Parijse straatleven dringt tot in alle kieren van zijn zolderkamer door en vult zijn hoofd met beelden van verval, onttakeling en dood. Zelfs zuigelingen zijn al getekend: "Een kind in een stilstaande kinderwagen, het was dik, groenig en had een duidelijke uitslag op het voorhoofd. (-) Het kind sliep, de mond stond open, ademde jodium, frites, angst. Dat was nu eenmaal zo. Het voornaamste was dat je leefde.' De vertaling van deze "eerste moderne roman uit de Europese letterkunde' dateert uit 1981 en is niet alleen voorzien van een nuttig notenapparaat, maar ook van een overdaad aan accenttekens.

Rainer Maria Rilke: De aantekeningen van Malte Laurids Brigge. Vertaald door Pim Lukkenaer. Uitg. Balans, 198 blz. Prijs ƒ 29,90.

In de vertelling Nietige liefde citeert Barbara Honigmann enige versregels van Rilke: "En weg te gaan: waarom? Uit drang, geaardheid/ uit duistere verwachting, ongeduld/ uit onbegrip en onverstand.' Ook bij Honigmann is de ik-figuur een hypergevoelig kunstenaarstype dat in Parijs de confrontatie met het onbekende aangaat. Deze vluchtelinge uit de DDR vindt onderdak in een vochtig souterrain, waar zij de hele dag benen langs haar raam ziet gaan terwijl de bijbehorende gezichten voor haar verborgen blijven. Maar het onbekende is toch vooral haar eigen verleden, haar afkomst, haar vader. Na de oorlog hielp de man mee aan de opbouw van het nieuwe Duitsland, maar zelfs in deze nadrukkelijk antifascistische staat kon hij niet voor zijn joodse identiteit uitkomen: "(-) dat [land] moest immers totaal anders worden dan het oude Duitsland en daarom was het maar beter om helemaal niet meer over de joden te praten.' Zijn leven lang was de vader op de vlucht, voor de nazi's, voor vrienden en ook voor zichzelf. Dat patroon, het voortdurende loslaten van plaatsen en mensen, wordt door de dochter voortgezet. Het zwervende bestaan verbindt haar met haar beide minnaars en houdt hen tevens op een afstand. Wat overblijft is een vaag verlangen naar samenzijn.

Barbara Honigmann: Nietige liefde. Vertaald door Gerrit Bussink. Uitg BZZTÔH, 95 blz. Prijs ƒ 26,50.

Wat maakt joodse moeders zo bijzonder? Rafael Seligmann, in Israel geboren en nu in de Bondsrepubliek woonachtig, licht in de schelmenroman Die Jiddische Mamme een tipje van de sluier op. Veelzeggend is de openingsscène: moeder en zoon zitten samen in bad; zij streelt de peuter en fluistert hem zoete woordjes in het oor. Ook waarschuwt zij hem voor de gevaren die hem buiten de badkuip te wachten staan, maar het kind wil niet naar haar luisteren. Het klautert op eigen kracht uit de badkuip en valt voorover op de tegelvloer. Hoe hard het bloedende kereltje ook huilt, zijn Mamme laat hem rustig liggen. Ze heeft hem toch gewaarschuwd? Die episode verklaart waarom hoofdpersoon Samy op zijn dertigste nog steeds bij zijn moeder woont. Dat deze charmante schlemiel op een dag toch nog voor haar vlucht wekt enige verbazing. Samy vliegt naar Israël, en daar delen allerlei huwelijkskandidates zijn vrijgezellensponde: een kibboetsmeisje, een luxe-vrouwtje, een sefardische schone. Maar Samy, zoveel wordt wel duidelijk, is uitsluitend op zoek naar zijn Jiddische Mamme.

Rafael Seligmann: De Jiddische Mamme. Vertaald door Tinke Davids. Uitg. Kasimir, 243 blz. Prijs ƒ 34,90.

De novellen van Stefan Zweig, gebundeld in de uitstekend vertaalde uitgave Schaaknovelle en andere verhalen, ademen een sfeer van decadentie en noodlottigheid. In zijn vroege vertellingen, die uit de eerste decennia van deze eeuw dateren, leeft Zweig zich op hartstochtelijke en soms nogal sentimentele wijze in de psyche van kinderen en vooral van vrouwen in. Zij bewegen zich in de hogere kringen van Wenen en zijn altijd mooi, droevig en nerveus. Zij dragen een geheim dat hen kwelt en in verrukking brengt. Een rijpe, getrouwde vrouw wil nog één keer door een vreemde bemind worden voordat zij voorgoed haar levenslust verliest; een andere vrouw vergooit haar leven voor een man die haar totaal niet kent. Het enige dat deze vrouwen naar de wel erg schimmige manspersonen toe drijft is het verlangen zichzelf te verliezen in een maalstroom van verwarrende gevoelens. "Een loodzwaar, een onverbruikt gevoel had hier gewacht en stormde nu met gespreide armen de eerste tegemoet die het scheen te verdienen.'

Stefan Zweig: Schaaknovelle en andere verhalen. Uitg. Athenaeum-Polak & Van Gennep, 531 blz. Prijs ƒ 49,50. Geb. ƒ 75,-

"Moge je temidden van die ondieren van jou verkommeren!' Die vloek spreekt een arme vrouw over haar rijke halfbroer uit wanneer zij vergeefs een beroep op hem doet en haar zoontje door 's mans gierigheid sterft. Na deze verwensing schrompelt de vrek ineen tot het formaat van een tuinkabouter, terwijl zijn beide katers maar door blijven groeien. Theodor Storm schreef het sprookje Het huis van meneer Bijtebauw in 1863. Bijtebauw profiteerde niet alleen van de ellende van arme mensen, hij maakte zich ook aan racisme schuldig door zijn bij een zwarte vrouw verwekte kinderen voor grof geld te verkopen. De vele boekhoudkundig nauwkeurige rekensommen geven het sprookje een realistisch tintje. Geloofwaardig wordt zo ook de moraal van het verhaal, die erop neerkomt dat geldzucht de mensen isoleert en hen tot slaven maakt van een mechanisme dat zij amper kunnen doorzien. De schrijver demoniseert het kapitalisme te zeer om voor een werkelijk scherp criticus van zijn tijd te kunnen doorgaan. Wel bewijst het sprookje dat Storm meer is dan alleen de schrijver van lyrische liefdesverklaringen aan het Sleeswijkse landschap.

Theodor Storm: Het huis van meneer Bijtebauw. Vertaald door Klaus Siegel, met een nawoord van Wolfgang Herrlitz en een zeefdruk van Luuk de Weert. Uitg. Nota Bene, 40 blz. Prijs ƒ 22,50.