Russische invasie op Farnborough

Het kan voor de Britten bijna niet pijnlijker. Op de tweejaarlijkse luchtvaartexpositie op de Britse basis Farnborough, de traditionele uitstalkast van de Britse luchtvaartindustrie, zijn het de nieuwe vliegtuigen van de voormalige Sovjet-Unie die zowel op de grond als bij de demonstraties in de lucht de show stelen.

FARNBOROUGH, 11 SEPT. - Groot-Brittannië heeft niets opzienbarends te bieden op de luchtvaartshow van Farnborough. De EFA, de Europese jager die de trekpleister van de show had moeten worden, maar door de Duitse politiek vleugellam is gemaakt, valt vooral op door zijn afwezigheid.

Russische bommenwerpers, jachtvliegtuigen, verkenningstoestellen en aanvalshelikopters, waartegen de Royal Air Force tot voor kort ten koste van miljarden ponden bescherming moest bieden, vullen nu de startbanen op de Britse testbasis.

Na zeventig jaar isolement zijn de Russische vliegtuigontwerpers nu vastbesloten de wereld te laten zien wat zij allemaal te bieden hebben. En dat is, zo moeten Westerse fabrikanten toegeven, verbazingwekkend veel. Wat tot het einde van de Koude Oorlog steeds was aangezien voor een ondoorgrondelijk staatsproduktiecomplex, blijkt nu te bestaan uit honderden afzonderlijke bedrijven die stuk voor stuk op commerciële voet verder willen en naarstig op zoek zijn naar afnemers.

Het Gemenebest van Onafhankelijke Staten heeft “massaal de aanval geopend op de exportmarkt”, zo concludeerden deze week de verzamelde luchtvaartexperts op Farnborough. Het vervelende is dat die aanval komt op een moment dat de Westerse luchtvaart in een diep dal zit en de industrie door verlaging van de defensieuitgaven en teruglopende orders nauwelijks het hoofd boven water kan houden.

In het harde gevecht om klanten vormen de Russen “een extra dimensie, waar we niet op zitten te wachten,” aldus vice-voorzitter Syd Gillibrand van het concern British Aerospace. “Als dit het zogeheten vredesdividend moet zijn van de afloop van de Koude Oorlog, dan schieten we daar ook niet veel mee op. De commerciële export van moderne Russische gevechtsvliegtuigen kan leiden tot nieuwe regionale wapenwedlopen, omdat buurlanden een verdediging gaan zoeken voor de MiG's en Soekhoi's.”

Het gegeven dat de Russen op deze manier onbedoeld nieuwe afzetmarkten creëren is echter niet elke Westerse vliegtuigfabrikant onwelkom, al overheerst bij de vliegtuigbouwers op dit moment nog de vrees voor de onverwacht grote concurrentie uit het GOS.

Uit het Russische en Oekraënse aanbod op Farnborough valt gemakkelijk een zeer moderne luchtmacht samen te stellen. Van de meer dan twintig toestellen gaat de meeste aandacht uit naar de grote Toepolev Toe-22M3 bommenwerper (NAVO-codenaam Backfire-C). De Backfire kan worden uitgerust met kruisraketten en was voor de Europese NAVO-landen jarenlang het meest gevreesde luchtwapen van de Sovjet-Unie. Het hoofd van het Toepolev-ontwerpbureau Mikhail Oelganov wil niet reageren op berichten dat Iran onlangs twaalf Backfires heeft besteld. Maar de aanwezigheid van de bommenwerper op Farnborough en de vermelding ervan op de lijst van Avia-export, de gezamenlijke handelsmaatschappij, geven aan dat ook dit vliegtuig te koop is.

Onder de Russische primeurs is ook de tot voor kort geheime Kamov Ka-50 aanvalshelikopter (NAVO-naam Hokum), die serieus wordt aangeboden aan de Britse luchtmacht. De prestaties van de Ka-50 zouden beter zijn dan die van de Frans-Duitse Tiger-gevechtshelikopter. Dat kon overigens moeilijk bewezen worden, omdat de vlieger van de Hokum geen visum had gekregen voor Engeland en de helikopter met zijn dubbele rotor dus niet gevlogen kon worden.

Yakovlev probeert klanten te vinden voor zijn supersonische VTOL-jager, de Yak-141. De toekomst van deze vertikaal opstijgende marinejager is onzeker, omdat Moskou de machine niet wil kopen.

Het Bureau Mikoyan biedt op Farnborough nieuwe uitvoeringen aan van de wendbare MIG-29 en de MIG-31 en Soekhoi presenteert in de kleuren van de Russische staat (en opvallend niet met de bekende rode ster) de tegenhanger van de Amerikaanse F-111, de Soe-24 Fencer aanvals- en verkenningsbommenwerper. Drie Fencers kunnen tegelijk in de lucht worden bijgetankt door de Ilyushin IL-78, ook aanwezig op Farnborough.

Het meest in het oog springend bij de civiele vliegtuigen is het Farnborough-debuut van de Toepolev Toe-204, die voorvloog met Britse Rolls-Royce straalmotoren. De Toe-204 lijkt als twee druppels water op de Boeing 757 en is de eerste van een reeks Russische toestellen die met Westerse - lees: zuinige - motoren op de markt wordt gebracht. De Toepolev-machine zou twintig procent goedkoper zijn in aanschaf dan vergelijkbare Europese of Amerikaanse verkeersvliegtuigen.

Nog maar een paar jaar geleden was het ondenkbaar dat een Westerse luchtvaartshow de primeur zou krijgen van de nieuwste ontwerpen van Mikoyan, Kamov, Toepolev of Soekhoi. Laat staan dat een 230 man tellende delegatie, waaronder de directeuren en ontwerpers van alle belangrijke produktiecentra, bereid zou zijn gedetailleerde technische vragen openhartig te beantwoorden.

In een karig chalet - merkwaardigerwijs met een vertegenwoordiging van het Amerikaanse ministerie van defensie als naaste buur - gaat dat nog uiterst chaotisch en de Russen lijken er vooral zichzelf in de weg te lopen. De GOS-vertegenwoordigers geven toe dat ze nog niet goed weten hoe ze hun produkten moeten presenteren en commercieel moeten verkopen.

Wat de ster had moeten worden van de 60ste Farnborough airshow, de nieuwe Europese jager EFA (European Fighter Aircraft) van Frankrijk, Duitsland, Italië en Engeland, is alleen aanwezig in de vorm van een houten model. Het eerste prototype van de Eurofighter zal pas in oktober vliegen. British Aerospace, de grote pleitbezorger van de EFA, probeert het gemis te vergoeilijken door met een vluchtsimulator alvast te wijzen op de superieure gevechtscapaciteiten van de Eurofighter. Maar het blijft wrang als concurrent Soekhoi pal naast de BAe stand al een verbeterde uitvoering kan laten zien van EFA's tegenhanger, de Soe-27 Flanker.

In de nieuwste verkoopfolders wordt de Soe-27, de beste Russische jager, nog altijd afgeschilderd als graadmeter voor de prestaties van de EFA, maar ondertussen is in Rusland de produktie van de Soe-35 "Super Flanker' al begonnen.