Jubileumfestival VluchtelingenWerk in het teken van culturele benvloeding; Velden van glas, zand en houtskool

VluchtelingenWerk, de organisatie die zich inzet voor vluchtelingen en asielzoekers in Nederland, bestaat 12,5 jaar en viert dat morgen in het Utrechtse Muziekcentrum Vredenburg met een groot cultureel festival. Onder het motto "Balling of Wereldburger' zullen Nederlandse en buitenlandse deelnemers in een programma van muziek, dans, cabaret, gedichten en verhalen een beeld geven van het leven in ballingschap. De organisatoren willen vooral duidelijk maken hoe de verschillende culturen elkaar benvloeden - hoe er een soort kunstzinnige kruisbestuiving ontstaat waarbij de vluchteling iets opsteekt van zijn nieuwe landgenoten en vice versa.

Gekozen is voor een culturele invalshoek, zegt Jacobien van Boeyen van VluchtelingenWerk in Amsterdam, omdat “kunstenaars bij uitstek in staat zijn op een subtiele manier uitdrukking te geven aan hun ervaringen. Aan de andere kant wilden wij laten zien dat hun cultuur ook voor ons van belang kan zijn. Vluchtelingen worden vaak als zielig en hulpbehoevend voorgesteld, maar dat zijn ze niet. Over het algemeen zijn het juist de mensen met een relatief hoge opleiding die in staat waren de sprong naar de vrijheid te wagen. De titel Balling of Wereldburger slaat op de gemoedstoestand waartussen elke vluchteling balanceert: het verlangen naar het eigen land en het gevoel er toch ook een nieuw thuis bij gekregen te hebben”.

Het festival in Utrecht is bestemd voor asielzoekers en vluchtelingen en voor vrijwilligers en instanties die bij de opvang en begeleiding betrokken zijn. Er worden 3600 bezoekers verwacht. Daarnaast is tot en met 30 september in elf filmhuizen in Nederland het filmfestival "A place in the sun' te bezoeken. Er worden meer dan twintig actuele speelfilms van en over vluchtelingen vertoond, geen documentaires deze keer, omdat die al zo vaak op de televisie te zien zijn. Op het programma staan onder andere The Border met Jack Nicholson en I love Vienna, een komische speelfilm over Iraanse vluchtelingen in Wenen.

In Kunstzaal Achter den Dom in Utrecht opent minister D'Ancona (WVC) morgen een expositie van beeldend kunstenaars, getiteld "Sources and Shelters', die daar tot en met 30 september blijft. De organisatoren hebben zestig vluchtelingen/kunstenaars aangeschreven. Uiteindelijk zijn zes van hen door een jury van kunstexperts geselecteerd. Daarbij is vooral gelet op de artistieke kwaliteit van hun werk.

De zes komen uit Argentinië, Bulgarije, Irak, Roemenië, Siberië en Suriname. Zij kregen een museumjaarkaart en een reisbudget om door Nederland te reizen, musea te bezoeken en contacten met Nederlandse kunstenaars te leggen. Hun indrukken van de Nederlandse cultuur hebben zij verwerkt in een installatie, ieder vanuit hun eigen invalshoek als schilderkunst, architectuur, keramiek of videokunst. De tentoonstelling zal vanaf oktober door het land reizen.

Een van de exposanten, de Irakees Monkith Saaid (geb. 1959), legt in zijn installatie de nadruk op de manier waarop vluchtelingen het reizen beleven. Terwijl de Nederlander reizen associeert met vakantie, het ontdekken van onbekende oorden, eten, drinken en vrolijk zijn, overheerst bij de balling de associatie met angst en onzekerheid. Saaid: “Voor een balling heeft reizen te maken met oppassen en voorzichtig zijn, met paspoortcontrole, douane, politie en een papierwinkel van formulieren”. Saaid, die in Baghdad architectuur en beeldhouwkunst studeerde en sinds 1989 in Nederland is, heeft een installatie van natuurlijke materialen opgebouwd die verwijzen naar zijn Iraakse achtergrond. Op de grond liggen velden van glas, kurk, zand en houtskool. De bezoeker loopt er overheen en kijkt daarbij door de gaten in de ruggen van een rij ordners naar impressies van Nederland. Aan weerszijden staan slagbomen. De symboliek van de ordnermappen is duidelijk: zij verwijzen naar het ambtelijk apparaat waarmee iedere vluchteling wordt geconfronteerd.

De Bulgaarse graficus Peter Lazarov stelde een tentoonstelling binnen de tentoonstelling samen met werk van Nederlandse kunstenaars met wie hij zich verwant voelt, zoals Maurits Escher, Lou Strik en Ton Zwiers.

Niet iedere kunstenaar vindt het prettig met zijn status als vluchteling vereenzelvigd te worden. “Vaak zijn het jonge kunstenaars die zich een positie proberen te verwerven. Ze willen dat hun werk serieus wordt genomen en niet dat er vergoelijkend over wordt gesproken, omdat ze vluchteling zijn,” aldus Jacobien van Boeyen.

In landen waar de mensenrechten en de vrijheid van meningsuiting in het gedrang zijn lopen kunstenaars vaak grote risico's, tenzij zij zich aan het regime conformeren. De meeste kunstenaars ontvluchtten hun land mede omdat zij belemmerd werden in de vrije uitoefening van hun beroep. Volgens Van Boeyen komen de laatste tijd vooral veel beeldend kunstenaars uit landen als Iran en Irak.

In Nederland wonen waarschijnlijk een paar honderd gevluchte kunstenaars op een totaal van 27 duizend vluchtelingen. VluchtelingenWerk heeft ter gelegenheid van het jubileum lesmateriaal voor scholen samengesteld waarin helder wordt uitgelegd wat vluchtelingen en asielzoekers zijn. Gezien de recente provocaties tegen asielzoekers, onder andere in Duitsland, is dat geen onnodige luxe. Er heersen veel misverstanden over asielzoekers. Van Boeyen: “Uit een recente opiniepeiling blijkt dat veel mensen denken dat de meeste asielzoekers voor een oorlog zijn gevlucht. Maar oorlog is in Nederland niet eens een reden om asiel te krijgen. Wel als men wordt vervolgd op grond van politieke overtuiging, ras, godsdienst of omdat men tot een bepaalde sociale groep behoort.”