"Hammarskjöld werd neergehaald'

LONDEN, 11 SEPT. Het vliegtuig waarin VN-secretaris-generaal Dag Hammarskjöld op 17 september 1961 verongelukte, is neergeschoten door huurlingen die werkten voor Belgische mijnbelangen. Dat schrijven twee voormalige VN-functionarissen in een brief aan de Britse krant The Guardian. Het vliegtuig waarin Hammarskjöld vloog, stortte neer bij Ndola in het voormalige Noord-Rhodesië, tegenwoordig Zambia. Een Rhodesisch onderzoeksteam kwam toen tot de conclusie “dat er geen bewijsmateriaal was voor enige suggestie dat er op het vliegtuig was geschoten. Behalve Hammarskjöld kwamen nog dertien mensen om, onder wie de Zweedse bemanning van zes koppen.

Volgens de nu 77-jarige Ivan Smith, een van de twee VN-functionarissen, hebben de huurlingen in op band opgenomen interviews toegegeven dat ze op het vliegtuig van Hammerskjöld hebben geschoten vanuit twee Haviland-vliegtuigen die daartoe speciaal met machinegeweren waren uitgerust. Hammarskjöld was onderweg van van Leopoldville (tegenwoordig Kinshasa) naar Ndola voor een ontmoeting met Moise Tsjombe om hem ertoe te bewegen een einde te maken aan de afscheiding van de provincie Katanga. Toen de Belgische Kongo in 1960 onafhankelijk werd, werd Tsjombe voorlopig president van Katanga, een provincie die rijk was aan delfstoffen als koper, kobalt en uranium. Hij wilde Katanga een volledig onafhankelijke staat maken, wat tot een burgeroorlog leidde, waarin Tsjombe uiteindelijk het onderspit dolf.

In de brief schrijven Smith en Conor Cruise O'Brien, in de jaren zestig VN-vertegenwoordiger in Katanga en nu een bekend politiek commentator, aan The Guardian: “Europese industriëlen hadden twee vliegtuigen gestuurd om Hammarsjöld te onderscheppen voordat hij Tsjombe zou ontmoeten zodat zij hem tot samenwerking zouden kunnen bewegen. Ze hebben nooit bedoeld hem te doden. Ivan Smith heeft overduidelijk bewijsmateriaal verzameld dat de industriëlen hun twee "wilde' piloten toestemming hadden gegeven om waarschuwingsschoten te lossen op het VN-toestel, als het zou weigeren af te buigen naar Kamina (610 kilometer ten noordwesten van Ndola) voor consultaties. Het waarschuwingsschot moet per ongeluk een kabel hebben geraakt.”

In de brief wordt Tsjombe beschreven als een werktuig in handen van de Europese industriëlen. Zij vreesden dat Tsjombe aan de pressie van Hammarsjöld zou toegeven en daarmee hun belangen zou kunnen schaden. De huurlingen zouden gehandeld hebben in opdracht van een groep die bestond uit het Belgische Union Minière de Haut Katanga en Britse en Amerikaanse belangen. (AP)