Uitstel bezoek is nederlaag Jeltsin

MOSKOU, 10 SEPT. Het besluit om de diplomatieke betrekkingen met Japan aan een ultieme test te onderwerpen, is in Moskou nogal banaal geregisseerd.

Vorige week begonnen de openlijke omtrekkende bewegingen. De Japanse autoriteiten zouden niet genegen zijn om de gewapende lijfwachten van president Boris Jeltsin openlijk op hun eilanden te laten rondlopen, zo werd gezegd in de Russische hoofdstad. Verontwaardiging alom uiteraard. Vandaar dat Jeltsin gisteren in zijn officiële communiqué kon spreken van een “complex van omstandigheden” dat hem had genoopt zijn voorgenomen staatsbezoek aan Japan voor onbepaalde tijd uit te stellen.

Het ogenschijnlijke motief voor het besluit om niet naar Japan te gaan, is specifieker: de Koerillen, vier kleine eilandjes in het Verre Oosten die in het Europese deel van Rusland een welhaast mythische dimensie hebben gekregen. Maar de echte reden om de reis af te blazen is gelegen in het Kremlin waar zich nu al maanden een verwoede machtsstrijd afspeelt. Want rond de Koerillen cirkelen alle binnenlandse tegenstellingen die er maar zijn. Die variëren van militaire geo-politiek (de positie van Rusland in de Pacific) via financieel beleid (geen uitverkoop van een eilandengroep die volgens Moskou voor ruim honderd miljard aan grondstoffen in de bodem zou hebben) tot nationalistische sentiment (de eenheid van het Russische Rijk).

In het kader van de normalisatie van de buitenlandse betrekkingen van de Sovjet Unie wilden voormalig president Michail Gorbatsjov en diens minister van buitenlandse zaken, Edoeard Sjevardnadze, de Koerillen twee jaar geleden van de hand doen. Tegen een hoop harde yens en andere materiële toezeggingen uiteraard. Jeltsin maakte zich daar toen al kwaad over. Hij wenste hoe dan ook in elke "deal' gekend te worden. Maar die woede werd indertijd toch vooral geïnterpreteerd als een politieke manoeuvre van de Russische leider die in die dagen nog genoegen moest nemen met een plaats op het tweede plan.

Maar nu blijkt dat die reis van Gorbatsjov in veel opzichten een voorbode was. Er is in de versie van vandaag echter één cruciaal verschil. Gorbatsjov ging, ondanks de toen circulerende geruchten dat er in zijn afwezigheid in Moskou wel eens een machtsgreep gepleegd zou kunnen worden. Hoewel ook Jeltsin de laatste maanden steeds meer is gaan gokken op de buitenlandse kaart terwille van intern gebruik, heeft hij een herhaling van de bluf die Gorbatsjov toen tentoonspreidde nu niet aangedurfd.

In de Russische veiligheidsraad, die bestaat uit politici, top-militairen en geheime agenten, was het gisteren tot een regelrechte confrontatie gekomen tussen de "westerlingen' in de politieke top en hun tegenstanders. Minister Kozyrev van buitenlandse zaken zag daar zijn pleidooi om hoe dan ook te gaan na aanvallen van vice-president Roetskoj en minister van defensie Gratsjov in rook opgaan. Toen ook voorzitter Skokov, een van de vooraanstaande leden van de Sverdlovsk-groep (de ex-communisten die Jeltsin nog kent uit de tijd dat hij partijsecretaris was in het huidige Jekaterinaburg), partij koos, wist de president wat hem te doen stond: bakzeil halen, door de knieën gaan voor het nationalistische kamp en zijn minister van buitenlandse zaken vervolgens hard laten vallen. Met zijn plotselinge besluit om Japan te schofferen, heeft Jeltsin de zwaarste nederlaag uit zijn eenjarige presidentiële bestaan geleden. In de buitenlandse politiek én in de binnenlandse arena.