De balans van Bolkestein

Waar was Frits Bolkestein de afgelopen weken eigenlijk niet? Interviews, artikelen, optredens in het land, het is nauwelijks meer bij te houden.

Neem alleen al de oogst van de afgelopen twee weken: Bolkestein over Europa in een artikel voor het maandblad Internationale Spectator, Bolkestein over het minderhedendebat in een bijdrage voor de Volkskrant, Bolkestein over de toonzetting van de minderhedendiscussie in een debat met redacteuren van het dagblad Trouw, Bolkestein over nationalisme in een debat met de hoogleraar Entzinger, Bolkestein over conservatisme in een stuk voor het Hollands Maandblad, Bolkestein over Bolkestein in een interview met Elsevier. En nòg weet hij niet van ophouden. Er komt nog meer. “Frits heeft nog een paar dingen op de plank liggen”, meldde zijn woordvoerder vorige week.

Al die stukken van Bolkestein genereren op hun beurt weer een veelvoud aan stukken over of met verwijzingen naar Bolkestein. Het hoofdartikel van deze krant refereerde gisteren aan het Europa-artikel van Bolkestein in de Internationale Spectator, J.L. Heldring wijdde afgelopen dinsdag zijn column aan Bolkesteins uitleg van het begrip conservatisme en ook de column van Martin van Amerongen van vorige week vrijdag ging in zijn geheel over Bolkestein.

Het mooiste compliment kreeg Bolkestein tot nu toe van de oud nieuw Linkser Arie van der Zwan die in het weekblad Elsevier zei dat dank zij Bolkestein “politiek en maatschappelijk de thermiek nu bij de VVD zit”. En inderdaad, het valt niet te ontkennen dat het maatschappelijk debat, voor zover daarvan in dit land tenminste sprake is, momenteel wordt beheerst door Bolkestein. In die zin heeft hij zijn eigen opdracht vervuld. Werkend voor de Shell in het verre buitenland, kwam hij aan het begin van de jaren zeventig slechts zo nu en dan in Nederland en verbaasde zich. Het heersende opinieklimaat in Nederland was wel erg eenzijdig. Tegelijkertijd achtte de toen nog partijloze Bolkestein het een illusie dat hij invloed kon uitoefenen op “zoiets ongrijpbaars” als dat Nederlandse opinieklimaat. In het eerste hoofdstuk van zijn twee jaar geleden verschenen boek De engel en het beest schreef hij over die periode dat bescheidenheid dus geboden was. Hij begon aan zijn lange mars door de VVD.

Bescheiden is Bolkestein al lang niet meer getuige de hierboven weergegeven en ongetwijfeld onvolledige opsomming van zijn aandeel in het Nederlandse opinieklimaat van de afgelopen veertien dagen. Eerder is het omgekeerde het geval. Door de VVD werd hij in het voorjaar van 1990 op het schild gezet als redder van de partij, maar Bolkestein heeft dit voor zich zelf opgerekt tot therapeut van de Nederlandse samenleving. “Je proeft in Nederland al vrij snel die ethische instelling, je stuit bij veel onderwerpen op het morele zenuwstelsel. Die onderwerpen zijn omgeven door een pantser van taboeïsering en het duurt tien jaar voordat het is doorbroken”, zei hij in het vraaggesprek dat Derk Jan Eppink van deze krant begin juli met hem had.

Onder het mom van "iemand moet het toch zeggen' is Bolkestein de discussie begonnen. Dat hij het minderhedendebat claimt (waar andere politici er weer het zwijgen toe hebben gedaan is de term debat overigens wat bizar) is zijn goed recht, maar ten onrechte beschouwt hij zich nu ook als initiator van het debat over Europa. “Dat hebben de Denen losgemaakt, maar ik ben er in september 1991 al mee begonnen”, zei hij tegen Elsevier. Dat is dan rijkelijk laat want het het "Europa-debat' wordt al sinds jaar en dag gevoerd door de kleine christelijke partijen en, in mindere mate, klein links. Bolkestein kan dan ook hooguit beweren dat hij sinds september meer oog heeft gekregen voor de argumenten van degenen die reeds langer vraagtekens plaatsten bij dat ene Europa.

Bolkestein behoort zonder meer tot de "opinion-leaders', maar hoe staat het met de oppositieleider Bolkestein? Tot nu toe hebben fractie en partij hem volop gesteund. Maar toch meer uit noodzaak dan uit overtuiging. De partij had na Nijpels en Voorhoeve vooral behoefte aan rust. Een fors intern debat draagt daar niet aan bij. Hierdoor heeft Bolkestein maximale ruimte voor zijn eigen ideeën gekregen. Het nieuwe Europa-standpunt van de partij is daarvan het beste voorbeeld. De nuanceringen die Bolkestein ten aanzien van de Europese eenwording heeft aangebracht, druisen lijnrecht in tegen eerdere opvattingen van zijn partij. Maar om de lieve vrede te bewaren schaarden dit voorjaar alle VVD-ers zich achter een mistige compromisformulering waar iedereen het zijne in kon lezen.

Bolkestein zet de toon en de partij volgt. Het tekent de inhoudelijke armoede waarmee de VVD al sinds jaar en dag kampt. De partij staat er immers om bekend veel liever over personen te discussiëren dan over zaken. De thema's komen niet uit de partij voort, maar rechtstreeks van Bolkestein. In de fractie heeft hij slechts een kleine groep vertrouwelingen. Maar hij praat vooral graag met mensen van buiten die iets te melden hebben en dat hoeven zeker geen VVD-ers te zijn. Tijdens het "happy hour' bepalen Bolkestein en zijn naaste medewerkers elke dinsdagmiddag waar het die week over zal gaan. Waar zal Frits wat zeggen, dat is de "leading question' tijdens dat beraad. Zolang het electorale resultaat van dit alles positief is, mag Bolkestein zijn gang gaan. En dat is het geval: de VVD staat al weer geruime tijd op winst in de peilingen. Niet spectaculair, maar na de slachtingen van de afgelopen verkiezingen is alles meegenomen.

Natuurlijk wordt in de oude VVD-gelederen nog wel eens met weemoed teruggedacht aan de tijd dat er ècht oppositie gevoerd kon worden. Wiegel die ten strijde trok tegen het "staatssocialisme' maakte van de VVD een volkspartij. Nijpels die tien jaar geleden kon opponeren tegen het chaotische kabinet Van Agt-Den Uyl bezorgde de partij zelfs een recordwinst van tien zetels. Nu gaat de grote winst naar D66, de partij die nota bene oppositie voert ten gunste van het kabinet.

Bolkestein overstelpt zijn partij en de rest van Nederland met inhoud en heeft daarmee een verder doel dan alleen de volgende verkiezingen. Bolkestein voert geen oppositie tegen het kabinet, maar tegen de Nederlandse consensussamenleving. Het is weer eens iets geheel anders, en past ook totaal niet in de traditionele politieke kaders. Maar aangezien die politieke kaders juist steeds minder aansluiting hebben bij de rest van Nederland, is het zo'n interessant experiment.