Russische troepen in 1993 weg uit Litouwen

MOSKOU, 9 SEPT. Rusland heeft gisteren beloofd alle nog in Litouwen gelegerde eenheden van het Rode Leger in 1993 terug te trekken. De ministers van defensie parafeerden gisteren in Moskou een akkoord met die strekking, na een gesprek tussen de presidenten van beide landen, Jeltsin en Landsbergis.

Volgens het akkoord begint de aftocht van de 20.500 Russische militairen in de naaste toekomst; tegen de zomer van volgend jaar moet het vertrek zijn voltooid.

Het was aanvankelijk de bedoeling dat Jeltsin en Landsbergis het akkoord gisteren zouden ondertekenen. Dat ging evenwel niet door omdat het akkoord volgens een woordvoerder van Jeltsin nog enkele “kleine technische mankementen” vertoont. Het zal nu volgende maand door de twee presidenten worden getekend.

Tot dusverre heeft Rusland steeds volgehouden zijn troepen niet uit Litouwen (en de beide andere Baltische landen) te kunnen terugtrekken omdat het niet in staat is ze in Rusland op te vangen. Aanvankelijk heette het dat de troepen tot 1999 in de Baltische landen zouden blijven, later werd het jaartal 1994 gehanteerd. Er zijn tot nu toe slechts zeer kleine eenheden van het Rode Leger uit Litouwen vertrokken. De Litouwers zelf hebben in een referendum in juni de “onmiddellijke en onvoorwaardelijke” aftocht van de Russische troepen geëist.

De Russische onderminister van buitenlandse zaken Tsjoerkin heeft gisteren in een vraaggesprek met het blad Koeranty gewaarschuwd dat het akkoord met Litouwen niet betekent dat Rusland ook zijn militairen uit Letland en Estland al midden volgend jaar kan weghalen. Tsjoerkin klaagde dat de Esten en de Letten zich in de onderhandelingen harder opstellen dan de Litouwers en dat de Russische minderheden in Estland en Letland worden “gediscrimineerd”. (AP)