"Kennis over aids niet genoeg'

DEN HAAG, 9 SEPT. “De kennis omtrent aids - wat het is en hoe je infectie kunt voorkomen - is er wel. Maar weten en doen is een groot verschil”, zegt de arts W.J.O. Beaumont, hoofd infectieziekten en hygiëne van de Haagse GGD naar aanleiding van het royement van een aidspatiënt bij de Haage biljartclub Middenoord. “Het incident geeft wel aan dat we ons bepaald nog niet op de borst hoeven te kloppen.”

De gemeente heeft de vereniging inmiddels een ultimatum gesteld. Het royement van de met het aidsvirus (HIV) geïnfecteerde hemofilie-patiënt moet ongedaan worden gemaakt, anders mag niet langer gebruik worden gemaakt van de gemeentelijk centrum Vredeoord. Dit ondanks het feit dat de man in kwestie al heeft laten weten niet meer te willen terugkeren.

“Naar we hebben begrepen gaat het om het argument dat de leden via de biljartkeu besmet zouden raken als die man wondjes op zijn hand heeft. Daaruit blijkt een groot gebrek aan kennis”, aldus een woordvoerster van de gemeente. Om die reden heeft de gemeente aangeboden op de volgende biljartavond - volgende week dinsdag - een voorlichtingsavond te houden over besmettingsrisico's.

Dat kennis het werkelijke probleem is, lijkt echter onwaarschijnlijk. Het kennisniveau omtrent besmettingsrisico's bij aids staat onder de Nederlandse bevolking al sinds 1987, toen de eerste grote campagnes voor een breed publiek op gang kwamen, op een zeer hoog peil. Dat blijkt uit een onderzoek van NSS-Marktonderzoek, dat regelmatig de kennis en de houding van de bevolking ten opzichte van maatschappelijke problemen meet.

Die grote kennis is reden om in de huidige campagnes slechts "handhaving van het huidige kennisniveau' na te streven. In een onderzoek van juni 1991 antwoordde 88 procent ontkennend op de vraag of men aids kan krijgen door een besmet persoon een hand te geven. Besmetting door een muggebeet achtte 48 procent van de bevolking onmogelijk, 26 procent twijfelde en 26 procent achtte het wel mogelijk. Drinken uit hetzelfde glas zag 62 procent van de bevolking niet als een risico. Besmetting via de wc-bril wordt niet meer gemeten, al in 1987 bleek maar 5 procent dit als een gevaar te zien. Werken in een bedrijf met een besmet persoon leek 70 procent van de bevolking ongevaarlijk.

Hoewel Nederlanders zich blijkens hetzelfde onderzoek zeer tolerant tonen tegenover aidspatiënten en seropositieven, is het de vraag of het hier niet gaat om "sociaal gewenste antwoorden', die weinig over de werkelijke houding zeggen.