In Duitsland

Voor steenmarters, zo vat Karl Kügelschafter zijn bevindingen samen, vormen geparkeerde auto's een natuurlijk element in hun verstedelijkte leefgebied. De ruimte onder de motorkap beschouwen ze als een prettige schuilplaats. Bij het exploreren van deze ruimte bijten ze nu en dan een ontstekingskabel of waterslang kapot, wat tot aanzienlijke schade kan leiden.

De meeste schade wordt aangericht door mannetjes. Wanneer deze elkaar een territorium betwisten, zullen ze om beurten proberen de sporen van de ander uit te wissen door die van zichzelf te versterken. Auto's staan dan in de vuurlinie, het aantal schadegevallen neemt explosief toe.

Iemand had acht keer schade in zes weken. Hij woonde aan de ene kant van de stad, zijn vriendin aan de andere. Op beide adressen moet een steenmarter in de buurt zijn geweest. Met zijn auto, helemaal vol van zijn vriendin waarschijnlijk, bracht de man voortdurend oorlogsverklaringen over. Tevens verstrekte hij zijn garagehouder als het ware de kalender van zijn liefdeleven.

Het onderzoek begon in 1985. Het werd uitgevoerd door de Arbeitskreis Wildbiologie van de Justus-Liebig-Universität in Gieszen bij Frankfort en betaald door Audi, Mercedes en BMW. Niets helpt, behalve het aanbrengen van marter-werende voorzieningen aan de auto-onderkant.