Brinkman wil na '94 voor 17 mld bezuinigingen

DEN HAAG, 9 SEPT. CDA-fractieleider Brinkman vindt dat het volgende kabinet ongeveer 17 miljard gulden moet bezuinigen.

Dit schrijft hij in het CDA-jaarboek 1992-1993 dat vanmorgen werd gepresenteerd. Brinkman, die volgens de huidige premier Lubbers bij de volgende verkiezingen de nieuwe lijsttrekker van het CDA moet worden, vindt dat na 1994 het financieringstekort verder moet worden teruggedrongen. Het huidige kabinet heeft als doelstelling dat het financieringstekort van het Rijk in 1994 3,25 procent van het nationaal inkomen wordt. Eerdere pleidooien van Brinkman op dit gebied zijn nu uitgemond in een concreet getal: hij wil na 1994 streven naar een tekort van 2 procent. “Dan heb je het toch al gauw over een extra uitgavenbeperking van 6 à 7 miljard en dus over de aanvullende opdracht om nog eens in allerlei hoeken en gaten rond te kijken. Durven we dat aan?”

Ook wil Brinkman na 1994 de collectieve lastendruk - de som van belastingen en sociale premies die nu 53,6 procent van het nationaal inkomen bedraagt - jaarlijks verminderen met 0,5 procentpunt. “Dat zou over een periode van vier jaar een aanvullende inspanning betekenen van ruim tien miljard beperking van collectieve uitgaven.”

CDA-minister Andriessen (economische zaken) pleitte eerder dit jaar op een spreekbeurt in Ulft voor afspraken om met ingang van volgend jaar in de periode tot 2000 de collectieve lastendruk telkens met ten minste een half procentpunt terug te dringen en dit streven op te nemen in het verkiezingsprogramma van zijn partij. Het terugdringen van het financieringstekort daarentegen is volgens Andriessen na 1994 niet meer de grootste zorg.

Vice-premier en PvdA-leider Kok liet onlangs in een vraaggesprek met het PvdA-blad PRO weten dat na 1994 de druk tot bezuinigen afneemt. “In 1994 hebben we het ergste gehad en gaat het er een slag anders uitzien.” Kok erkent wel de noodzaak van een verdere verlaging van het financieringstekort - ook om te voldoen aan de EG-normen - maar noemt geen cijfermatige, maar een kwalitatieve norm. “Ik vind dat Nederland na 1994 zo snel mogelijk toe moet naar een situatie waarin we ons jaarlijks niet méér in de schulden steken dan nodig is voor investeringen.” Bij dat pleidooi sluit Brinkman zich aan. Ook hij vindt dat de rijksoverheid straks geen leningen meer moet doen omconsumptieve uitgaven te bekostigen.