Stichting wil offerbroden nu begraven

ROTTERDAM, 8 SEPT. De Stichting Cargo, die bij wijze van "nationaal geschenk aan de zee' een hoogspanningsmast met twintigduizend broden had willen storten voor de kust, wil de mast begraven. De stichting reageert hiermee op het besluit van de Raad van State geen voorlopige vergunning toe te wijzen voor het laten zinken van de mast in de Noordzee.

Als "begraafplaats' heeft Cargo gekozen voor de plek waar de mast is gebouwd: het werkeiland Breezanddijk naast de Afsluitdijk. Hiervoor moeten volgens Rijkswaterstaat de betrokken gemeente (Wonseradeel), de provincie Friesland en het Rijk vergunningen afgeven. Vanochtend heeft Cargo een aanvraag voor een vergunning ingediend bij Rijkswaterstaat.

Volgens drs. B. Hoogland, hoofd bureau afvalstoffen van de provincie Friesland, wordt de met broden gevulde mast waarschijnlijk als afvalstof beschouwd. “In dat geval is de kans niet groot dat de provincie vergunning verleent om de mast te begraven”, aldus Hoogland.

Volgens de Stichting Cargo werd de kritiek op het project de afgelopen maanden steeds heviger. Medewerkers werden bedreigd en aan de mast zijn vernielingen aangericht. Ook ontving de stichting veel boze brieven, “tot uit Canada, Australië en Japan”, aldus de verklaring. De "begrafenis' van de hoogspanningsmast is gepland op het tijdstip waarop de mast in zee zou worden afgezonken, in de nacht van 18 op 19 september.

De Stichting Natuur en Milieu en de Werkgroep Noordzee, die zich van meet af aan hebben verzet tegen het project, zijn blij met de uitspraak van de Raad van State. “De zee blijft verschoond van onnodige vervuiling”, aldus een woordvoerder van Natuur en Milieu.