Rafsanjani roept Afghanen op tot einde broederstrijd

ISLAMABAD, 8 SEPT. De Iraanse leider Rafsanjani, op bezoek in Pakistan, heeft de strijdende partijen in Afghanistan opgeroepen een eind te maken aan de strijd om de macht. Samen met de Pakistaanse leiders wil hij hun “gezamenlijke islamitische invloed” aanwenden om een eind aan de gevechten te maken.

Bij een zitting van het Pakistaanse parlement noemde hij de huidige situatie in Afghanistan barbaars. “De islam, 's wereld sterkste kracht tegen de arrogante Westerse machten, moet een eind kunnen maken aan de verschillen tussen shi'ieten en sunnieten, Perziërs en Pathanen. We zijn allemaal broeders.”

Rafsanjani beschuldigde de nieuwe islamitische machthebbers ervan zichzelf in de handen van het het Westen te drijven. Tijdens een vierdaags bezoek praat de Iraanse leider met de Pakistaanse minister-president Sharif over de gevechten in Afghanistan tussen de fundamentalistische guerrillaleider Hekmatyar en de vier maanden oude regering. Sharif onderstreepte na afloop van de gespreken ook het belang van Iraans-Pakistaanse pogingen vrede in het verscheurde land te brengen.

Pakistan heeft tijdens de veertien jaar durende oorlog in Afghanistan altijd de guerrillabeweging van Hekmatyar gesteund. Iran verleende daarentegen veel steun aan de shi'itische partij Hezb-I-Wahdat.

Sunnietische leiders in Kabul beschuldigden de Iraanse leider gisteren ervan het geweld in de hoofdstad aan te moedigen. In Kabul bestaat de helft van de anderhalf miljoen inwoners uit shi'itische moslims. In de rest van het land maken ze niet meer dan 15 procent van de bevolking uit. (Reuter, AP, AFP)