Rambo's

“Meneer, het is oorlog!” De vrouwelijke beambte op het vliegveld van Zagreb maakt zich kwaad op een buitenlandse passagier die incheckt voor een vlucht terug naar huis. Zij heeft de man zojuist te kennen gegeven dat hij de batterijen uit zijn koffer moet halen, zoals een simpel stickertje boven de balie al aangeeft: een zwarte batterij met een streep erdoor. De man maakt stennis, want op de heenvlucht had hij geen enkel probleem. Terwijl hij met tegenzin de batterijen uit zijn transistor haalt, mompelt de vrouw: “Iedereen doet net alsof er hier geen oorlog is.”

In de Kroatische hoofdstad Zagreb is van de oorlog die in het voormalige Joegoslavië woedt, maar weinig te merken. Tenminste, op het eerste gezicht. In het centrum van de stad rijden de witte auto's van de Verenigde Naties rond, zowel van de vluchtelingenorganisatie van de VN (UNHCR) als van UNPROFOR, de vredesmacht van de VN. Een enkele Kroatische soldaat loopt in uniform met zijn vriendin over het voormalige Plein van de Republiek.

Het Kroatisch nationalisme bloeit. Op vele straathoeken zie je standjes waar de bevolking en een enkele toerist Kroatische vlaggen kunnen kopen, T-shirts met het wapen van Kroatië, nationalistische leuzen, stickers, badges, aanstekers en vechtpetten. Bovendien is er een rijke voorraad aan cassettebandjes met Kroatische strijdliederen. Het zijn spullen die ook buiten oorlogstijd van de hand gaan, maar nu doen de verkopers pas echt goede zaken.

In de kathedraal van Zagreb, afgebeeld op de achterkant van bankbiljetten van de nog jonge Kroatische munteenheid (dinar), speelt het orgel (78 registers, 6068 pijpen) een somber stuk. In tegenstelling tot de andere kerken in de stad zitten hier geen vluchtelingen. De enige affiches die er verkrijgbaar zijn, tonen getekende embryo's en pleiten tegen abortus. Naast het gebouw staan mensen in de rij voor een kantoor van Caritas. Er worden voedselpakketten uitgedeeld. Een handvol vluchtelingen eet de inhoud ter plekke op, maar inwoners van Zagreb die vluchtelingen in huis hebben opgenomen - gemakkelijk te herkennen aan hun nette kleren - stoppen de pakketten in een boodschappentas.

In de boekwinkels is de oorlog handelswaar. Behalve zeer recente "cartografische publikaties' zoals een etnische-, een geografische- en een wegenkaart van Kroatië, Bosnië en Herzegovina zijn er vele tientallen verschillende boeken en videobanden die de verschrikkingen van de oorlog laten zien. Ronduit luguber is het centimeters dikke boek Massamoorden in Kroatië, 1991-1992. Nationalistische sentimenten en haatgevoelens tegen de Serviërs worden opgeschroefd door werken als De oorlog tegen Kroatië: een chronologie van de agressie en Kroatië: ziekenhuizen als doel. Videobanden laten vooral verwoestingen van Kroatische steden zien.

De speelgoedwinkels in de stad leveren op hun manier een bijdrage aan de oorlog tegen Servië: in etalages liggen geweren, Rambo-sets en plastic soldaten waarmee Kroatische kinderen op tientallen kilometers van het echte front oorlogje kunnen spelen.

Met een beetje geluk loop je in Zagreb een echte Rambo tegen het lijf. Dat gebeurde toen ik met collega's de tijd doodde voor de deur van een autoverhuurbedrijf, wachtend op een Golf met dichtgestopte kogelgaten. “Zijn jullie journalisten”, vroeg een klerenkast in legeruniform, die zich voorstelde als Carlos. Hij bleek een strijder van het HOS (Kroatische Verdedigingsmacht) te zijn, de neo-fascistische militie die buiten het reguliere Kroatische leger om tegen de Serviërs vecht. Zijn ogen bleven onzichtbaar achter een stoere zonnebril, model Ray Ban, een handelsmerk van de HOS. Of we hem konden vertellen waar het internationale perscentrum was. Hij had namelijk "big news'. Nee, hij wilde er voorlopig niks over kwijt. Maar na enig aandringen trok hij uit zijn binnenzak een mapje met enkele tientallen foto's, waarvan hij er in een snelle beweging een paar liet zien, alsof het vakantiefoto's waren. Van dichtbij gefotografeerde lijken op een asfaltweg. Daarna borg hij het mapje weer even snel op in zijn gevechtsjas. We maakten een afspraak, waarna Carlos in stevige looppas terugliep. Maar de ontmoeting in zijn kazerne ging niet door. Diezelfde avond nog belde hij af.