Niet-gebonden landen willen democratisering van Verenigde Naties

JAKARTA, 7 SEPT. In een Boodschap van Jakarta hebben de leiders van de Niet-gebonden landen gisteren “namens de meerderheid van de mensheid”, opgeroepen tot “versterking” en “democratisering” van de Verenigde Naties.

Nu "Niet-gebondenheid' in de zin van een 'blokvrije' status geen bindmiddel meer is, geeft de Boodschap van Jakarta het begrip een nieuwe inhoud: vermindering van de afhankelijkheid ten opzichte van het rijke Noorden. Dit moet zijn beslag krijgen in een “vreedzamer en rechtvaardiger wereldorde”, met als bouwstenen “vrede en gerechtigheid, veiligheid, ontwikkeling en democratie, zowel in als tussen staten”.

De Boodschap kent de VN een “centrale rol” toe als de “belichaming van het nieuwe multilateralisme”. De Niet-gebonden top stelde een “werkgroep op hoog niveau” in om concrete voorstellen voor hervorming van de VN te doen.

De Niet-gebondenen verklaren zich voorstanders van “regionale mechanismen voor conflictoplossing”, maar vinden dat “strict moet worden vastgehouden aan het beginsel van niet-inmenging in de binnenlandse aangelegenheden van andere staten”. Zij verwerpen dat “een land gebruik maakt van zijn macht om zijn opvattingen over democratie en mensenrechten te dicteren of die als voorwaarden op te leggen”.

De wereldeconomie is volgens de top dringend toe aan “herstructurering”, gezien de “groeiende kloof in welvaart en technologie tussen Noord en Zuid'. Het Zuiden wordt in toenemende mate “gehandicapt” door “protectionisme”, “verminderde kapitaalstromen” en “de historische val van de grondstoffenprijzen, alsmede een verpletterende schuldenlast”. In de Boodschap wordt polarisatie vermeden: “nooit tevoren waren lot en toekomst van Noord en Zuid zo verweven”.

Tot het laatst toe hebben de Niet-gebonden leiders geworsteld met de kwestie-Joegoslavië. Vorig weekeinde werd een splitsing in de gelederen voorkomen door een beslissing over het lidmaatschap van de Joegoslavische rompstaat uit te stellen. In ruil voor dat uitstel eiste een aantal moslim-staten echter een krachtige veroordeling in het slotdocument van het Servische optreden in Bosnië.

Een compromistekst die de ministers vrijdag overhandigden aan het plenum, waarin “de wreedheden' in Bosnië werden veroordeeld zonder schuldigen te noemen, kon zaterdag geen genade vinden in de ogen van moslim-landen als Maleisië, Iran, Saudi-Arabië, Pakistan en Afghanistan. Daarmee dwongen zij een speciale zitting af van het coördinatiebureau onder leiding van de Indonesische president Soeharto, dat pas gistermorgen besloot tot een concessie aan de moslim-landen. Dit ondanks verzet van Afrikaanse en Latijnsamerikaanse delegaties, die partijkeuze in etnische twisten beschouwen als een ongewenst precedent. Volgens een afgevaardigde uit Belgrado vormden zij “de zwijgende meerderheid, die wordt geterroriseerd door rijke en machtige moslimlanden”.

De betreffende passage in het slotdocument luidt nu: “De lidstaten onderstrepen de ontoelaatbaarheid van agressie en gewelddadige verwerving van grondgebied” en “veroordelen met kracht de stuitende politiek van etnische zuivering die wordt uitgevoerd door Serviërs in Bosnië-Herzegovina”. Zowel “agressie” als de vermelding van “Serviërs” zijn toevoegingen bij de oorspronkelijke tekst.

Irak, dat in de Midden-Oostenparagraaf van het slotdokument een expliciete veroordeling eiste van het door Amerikanen, Engelsen Fransen afgedwongen vliegverbod in het zuiden van het land, bleek geïsoleerd toen Saudi-Arabië en de Golfstaten dwars gingen liggen. De slottekst bevat nu alleen een oproep om “de soevereiniteit van alle landen in het gebied te respecteren”. Deze zin geeft uitdrukking aan de zorg van veel lidstaten dat Irak uiteenvalt met alle destabiliserende gevolgen vandien voor de regio.