Koning Knut

In Van Dale staat de kanoet met de klemtoon op de ka, kanoet. Inderdaad, zo wordt het vaak gezegd. Maar kanoet kan ook en dat zeggen de kenners. Wat mijzelf betreft: ik liet me pas nog een kanoet ontvallen en moest toen hevig blozen.

De vogel is genoemd naar Knut, koning van Denemarken en Engeland omstreeks het jaar 1000. Hem worden verschillende kunststukjes toegeschreven die te maken hadden met zijn macht over eb en vloed, zich dus afspeelden op de scheidslijn tussen land en zee.

Deze scheidslijn nu is het terrein van de kanoet. Altijd tussen land en zee - in een zo vlak mogelijk landschap! Zeker voor een beest dat kan vliegen houdt de kanoet er een zeldzaam plat wereldbeeld op na. Hij is wars van elke verhevenheid.

Bij het NIOZ op Texel werden kanoeten in een kooi geplaatst waarin het getij kon worden nagebootst. Bij opkomend water bleven ze rustig staan. Was niet iemand ze op een daartoe bedoeld plankier gaan zetten, dan waren ze in alle rust verdronken. Op het vrije wad lossen kanoeten dit probleem op door met het water mee te lopen, heel langzaam hoger. In opstapjes van meer dan een centimeter schijnen ze gewoon niet te geloven.

Ik heb eens overwogen ze voortaan kortweg 'knoet' te noemen. Maar enige onduidelijkheid past hun zonder twijfel beter: vogels tussen kanoet en kanoet.