Scenario's voor een herschikking van het EMS

Als Frankrijk op 20 september "non' stemt, houden de Europese Gemeenschap en het EMS niet op te bestaan. Wel is de EMU, de economische en monetaire unie waarover in Maastricht overeenstemming is bereikt, dan van de baan. Op de financiële markten kan een crisis uitbreken en de spanningen tussen de valuta die deel uitmaken van het EMS kunnen dan onhoudbaar worden. Een herschikking van de koersen is in dat geval onvermijdelijk.

Dit weekeinde komen in de Britse stad Bath de EG-ministers van financiën bijeen voor een "informele Ecofin', waaraan ook de presidenten van de centrale banken deelnemen. Deze bijeenkomst stond al op de agenda, maar krijgt extra gewicht door de recente spanningen in het EMS. De ministers zullen ongetwijfeld hierover spreken en noodscenario's opstellen, maar ze zullen alle moeite moeten doen om publieke uitspraken over een herschikking van de spilkoersen te vermijden. Aanpassing van de koersen, twee weken voor het Franse referendum over het Verdrag van Maastricht, zou de politieke doodssteek zijn voor de Economische en Monetaire Unie (EMU), het streven naar één Europese munt voor het einde van deze eeuw.

Herschikkingen moeten worden goedgekeurd door de ministers van financiën, die worden geadviseerd door de centrale-bankpresidenten. Gewoonlijk hebben aanpassingen van de koersen plaats in het weekeinde, als de financiële markten gesloten zijn. Nu wil het geval dat op zondag 20 september de EG-ministers en de centrale bankiers allemaal in Washington zijn in verband met de jaarvergadering van het Internationale Monetaire Fonds. Ze zouden daar 's avonds ter plekke een "informele Ecofin' bijeen kunnen roepen om een besluit over een herschikking te nemen. De eerstvolgende gelegenheid is het weekeinde van 27 september.

In het scenario van koersaanpassingen lopen de posities van de EMS-landen uiteen. Duitsland heeft in het verleden laten doorschemeren niet onwelwillend te staan tegenover een opwaardering van de D-mark, maar dat heeft Frankrijk tot nu toe tegengehouden. Het Britse pond, dat twee jaar geleden op een hoge koers in het EMS is gestapt, zal devalueren, evenals de Italiaanse lire waarvan de waarde is uitgehold door de hogere Italiaanse inflatie. De Spaanse peseta, de Portugese escudo en het Ierse punt komen eveneens in aanmerking voor devaluatie, ook al staat de peseta sterk in het EMS als gevolg van de hoge Spaanse rente.

De gulden, de Belgische frank en de Deense kroon zullen met de D-mark meegaan. De grote vraag is wat Frankrijk zal doen. Frankrijk wil Duitsland om politieke redenen absoluut volgen bij een herschikking en heeft daarvoor goede argumenten, gezien de Franse monetaire prestaties van de afgelopen jaren. Daarmee heeft Frankrijk, evenals in 1985 en 1987, de sleutel tot de herschikking in handen.

Landen die devalueren, verbeteren hun concurrentiepositie en dat is gunstig voor landen in recessie, zoals Groot-Brittannië. De Britten zouden een devaluatie politiek kunnen inkleden door tegelijkertijd over te gaan tot de "smalle band' van het EMS. Italië heeft dat twee jaar geleden ook gedaan, zonder blijvend succes, zoals blijkt. Nu geldt voor het pond - evenals voor de peseta en de escudo - nog een marge van maximaal zes procent afwijking van de sterkste munt. Voor de overige munten geldt een bandbreedte van 2,25 procent.

Revaluatie van de D-mark drukt de inflatie in Duitsland en dat biedt ruimte voor een Duitse renteverlaging die kan doorwerken in de rest van Europa. Bovendien vermindert een Duitse rentedaling de aantrekkelijkheid van de D-mark ten opzichte van de dollar. De koersval van de dollar was mede aanleiding voor de huidige spanningen in het EMS.