Windhoos

Zaterdag zag ik in Petten - dat ligt aan de Noordzee vlak boven de Hondsbosse Zeedijk, dus tussen Bergen en Callantsoog - boven zee twee rare donkere staande wolken, die nog het meest leken op van die zakken met een gat van onderen, waarmee je room op een taart spuit.

Zouden dat twee windhozen zijn? dacht ik. Ik had in de krant gelezen dat op Ameland een windhoos alle tenten van een camping de lucht had ingezogen. Maar twee tegelijk, leek me wat veel. Ze kwamen in mijn richting, en ik keek naar iets om me aan vast te houden. Toen draaiden ze af naar het noorden.

Maandag las ik in de krant dat ze bij Den Helder de grond hadden geraakt en wat rotzooi de lucht ingezogen hadden - zonder ongelukken.

Er waren wel acht windhozen gezien, en dat kwam door het warme zeewater. Dat was inderdaad lekker warm, maar toch niet zo kokend dat je een stoomfluit verwacht.

Komt dat woord hoos van het hozen, en zouden zeelui op een lek schip hopen dat de windhoos hun schip leeghoost?

Of komt het van het Franse woord hausse, dat "stijging' betekent? Geen van beide. Hoos betekent: broekspijp, en daar leek het ding wel een beetje op.