Henk Molenaar, bemiddelaar tussen orde en chaos

ROTTERDAM, 4 SEPT. “Als je 's avonds het Havenbedrijf belde, nam niet de portier maar Molenaar op”, herinnert zich drs. Roel den Dunnen, tot 1990 havenwethouder in Rotterdam. Iedereen die met ir. H. Molenaar gewerkt heeft, roemt zijn ongelooflijke werklust. Een keiharde werker die ontzag wekte met zijn enorme kennis van zaken.

Zijn brede belangstelling wordt gezien als de oorzaak van zijn gedetailleerde kennis. Molenaar, afkomstig uit een socialistisch onderwijzersgezin in Rotterdam-Zuid, was niet alleen genteresseerd in de haven. Henk Molenaar (61) zit midden in een paar moeilijke weken. De op zijn persoon gerichte publiciteit rond zijn afscheid als algemeen directeur van het Gemeentelijk Havenbedrijf Rotterdam vindt hij maar niets. Dat zegt voormalig havenwethouder drs. J. Riezenkamp die ruim 12 jaar geleden verantwoordelijk was voor zijn benoeming.

Molenaar valt op door zijn relativerend vermogen. Sommigen noemen dat de filosofische inslag van Molenaar. Anderen leggen de nadruk op zijn lange-termijnvisie. “Belangrijk omdat het in de haven over miljardeninvesteringen gaat die over een periode van 25 jaar worden afgeschreven”, zegt de huidige havenwethouder Smit.

Niet iedereen was direct overtuigd van capaciteiten van deze waterbouwkundig ingenieur. “Is het wel de juiste man op de juiste plaats, vroeg men zich destijds af”, zegt ondernemer J.S.C. Schoufour, voormalig voorzitter van Scheepvaartvereniging Zuid.

Molenaar werkte dertig jaar bij het Havenbedrijf. Sinds 1973 zat hij in de directie als technisch adjunct-directeur. In 1979 werd hij algemeen directeur. Onder zijn voorgangers was de haven uitgegroeid tot 's werelds grootste overslaghaven. De Rotterdamse haven viert deze week het feit dat dat nu al dertig jaar zo is.

Politici en vertegenwoordigers van werkgevers en werknemers vinden dat Molenaar het er goed van afgebracht heeft. “Hij wist zijn ideeën altijd goed te verkopen. Hij had overzicht en kennis van zaken. In de negen jaar dat ik wethouder was, heb ik hem nog nooit een krediet geweigerd”, zegt drs. Roel den Dunnen. “De werknemers heeft hij nooit een loer gedraait,” vertelt Joop Verroen van de Vervoersbond FNV. “Ik was blij met deze hoofddirecteur”, zegt H. Schacht, voorzitter van de SVZ Havenondernemersvereniging.

Molenaar praat graag over de vele onderwerpen die hem boeien. “Juist op de meest hectische momenten kon hij een referaat van een half uur houden over de technische aspecten van bij voorbeeld de beveiliging van het kantoorgebouw aan het Marconiplein”, zegt Cees van der Knaap van de Vervoersbond CNV. “Dat was tactisch gezien slim: de sfeer verbeterde daardoor”, aldus Van der Knaap, die zelf ook afscheid nam van de haven. Als Molenaar eenmaal ter zake kwam, formuleerde hij scherp en wist hij in korte tijd helder te schetsen hoe de zaken er volgens hem voor stonden, is de ervaring van FNV-er Verroen.

Molenaar ziet zichzelf als intermediair, als zelfstandige bemiddelaar tussen de chaos en de orde. “Het Havenbedrijf heeft twee rollen. Een orderol: we moeten zorgen dat de schepen veilig door de haven varen en zich aan de voorschriften houden. Dat is de overheidszijde van dit bedrijf. Aan de andere kant moeten we creatief zijn, de haven aanpassen aan veranderingen. Dat is de manier waarop het bedrijfsleven tegen de haven aankijkt. Als directeur heb ik altijd de derde partij willen zijn die deze twee werelden combineert. De partij die waar nodig voor een vertaalslag zorgt.”

“Het Havenbedrijf moet er voor waken niet te veel in een van die twee sporen te raken. De derde partij mag zich nooit te veel identificeren met een van de twee partijen. Dat zet kwaad bloed bij de andere partij. Kennis van wat in die twee werelden speelt, is van belang, maar je moet nooit met de argumenten van de deskundige proberen de chaoot te overtuigen van de noodzaak van orde. Dat heeft geen zin. Zo ontstaan Haagse toestanden. Dan is steeds harder schreeuwen de enige weg die overblijft. Tot je geen stem meer over hebt omdat je al die tijd hebt staan schreeuwen.” Molenaar mag zijn mening graag illustreren met een verhaaltje.

Het Gemeentelijk Havenbedrijf (omzet 1991: 603 miljoen gulden) is zelf weer een afspiegeling van de "triade orde, chaos en bemiddelaar' die Molenaar om zich heen waarneemt. Het bedrijf, waar 880 mensen werken, bestaat uit drie afdelingen: scheepvaart, exploitatie/acquistie en haveninnovatie.

Mister Havenbedrijf, zoals Den Dunnen hem omschrijft, is steeds op de achtergrond bezig geweest met ontwikkelingen die op de langere termijn voor de haven van belang zijn. In een vroeg stadium riep hij de raden van bestuur van de concerns met stukgoedbedrijven bij elkaar - in Wassenaar omdat de ondernemers niet met elkaar gezien wilden worden - om te praten over de gezamenlijke sanering van die branche. Ook hier trachtte hij twijfelaars te overtuigen met een parabel. Een ondernemer met een goed renderend bedrijf die klaagde dat de voorgenomen sanering “zo'n gedoe” was, vertelde hij het volgende. “Vergelijk uw bedrijf met een mooie villa in een straat waar alle huizen op een dag afbranden.”

Molenaar houdt van discussiëren, maar niet van praten over zichzelf. Daar heeft hij kwalificaties als ondoorgrondelijk, introvert en stug aan te danken. “Hij komt niet snel achter zijn snor vandaan”, zegt Schoufour die 45 jaar in de haven heeft gewerkt.

De buitenwacht ziet het ontwerp Havenplan 2010 dat vorig jaar werd gepresenteerd, als een plan waar Molenaar duidelijk zijn stempel op heeft gedrukt. “Het is een evenwichtige mix tussen groei en zorg voor het milieu”, meent Van der Knaap. “Het Havenplan staat voor de omslag in denken over de haven waar Molenaar voor staat. De bedrijven in de haven moeten meer met de langstrekkende goederenstromen doen”, zegt havenwethouder Smit. Molenaar is de eerste om daar een kanttekening bij te plaatsen. “We hebben onze bedoelingen duidelijk gemaakt, maar we waren al bezig met de uitvoering van het plan voordat het uitkwam en het Havenbedrijf zal er nog mee bezig zijn als het al lang vergeten is.”

    • Frank van Alphen