Belegging in Japanse aandelen blijft riskant

Nu de Japanse aandelenkoersen weer winst boeken, begint het bij sommige beleggers te kriebelen. Zelfs nu het Nikkei-gemiddelde de laatste weken enkele duizenden punten is gestegen, zijn de meeste Japanse aandelen ogenschijnlijk een "koopje'. Sommige "blue chips' in Tokio staan nog steeds op een koersniveau dat in jaren niet zo laag is geweest.

Het Nikkei-gemiddelde is nu gestegen tot het hoogste niveau sedert 21 mei dit jaar. “Logica maakt nu plaats voor koopkoorts. Beleggers schudden de angst voor "oververhitting' en de sombere winstprognoses van zich af”, aldus een handelaar van een buitenlands effectenhuis. De toegenomen omzetten waren vandaag dan ook grotendeels te danken aan de kooplust van buitenlandse beleggers en particuliere Japanse beleggers.

Bedrijven als elektronicagigant Matshushita, autofabrikant Nissan en Hitachi (elektronica) en Fuijitsu (computers) noteren iets boven of gelijk met de boekwaarde van hun activa. Deze fondsen zijn nu te koop tegen een koerswinstverhouding die niet veel afwijkst van die van vergelijkbare Amerikaanse fondsen.

Bij de aankoop van een aandeel anticipeert de belegger op de toekomstige resultaten. Hoe sneller de resultaten stijgen, des te beter de belegging. Uitgaande van de economische ontwikkelingen van de afgelopen veertig jaar lijkt een belegging in Tokio dus veel aantrekkelijker dan een in Wall Street.

Hardnekkige geruchten over discontoverlaging, die mogelijk zou samenvallen met een gunstige kwartaalrapportage (volgende week vrijdag) van de centrale bank, versterken de kooplust.

Helaas vielen Westerse beleggers een jaar geleden voor hetzelfde argument. Toen stond het Nikkei-225-gemiddelde op 22.000 punten. Om die reden stellen Westerse vermogensbeheerders zich op het moment terughoudend op. Ze zijn niet zeker of een belegging in Tokio de "investering van de jaren negentig' is of dat een nieuwe koersdaling mogelijk is. De fluctuaties van het Nikkei-gemiddelde blijven uitermate grillig.

De binnenlandse institutionele beleggers in Japan blijven om die reden uitermate terughoudend bij hun aankopen, ondanks de druk die het Japanse ministerie van financiën op hen uitoefent. De uiteindelijke oorzaak van de crash in Japan is niet weggenomen - de Japanse "bubble-economie' van zeer hoge aandelen- en onroerend goedprijzen, waarvan de groei sterk is vertraagd.