Oppositie Irak vraagt Özal grotere bufferzone

ANKARA, 3 SEPT. Iraakse oppositieleiders, verenigd in het Iraakse Nationale Congres, hebben gisteren in een ontmoeting met de Turkse president Turgut Özal voorgesteld om de "veiligheidszone' in het noorden van Irak naar het zuiden uit te breiden van de 36ste naar de 35ste breedtegraad.

Hiermee zou het Koerdische gebied in Noord-Irak, dat nu wordt beschermd door Amerikaanse, Engelse, Franse en Turkse militairen, grofweg worden uitgebreid met de olierijke provincie Kirkuk, waar voornamelijk Turkmenen en Arabieren wonen. De Turkmenen zouden de grens van het gebied zelfs willen verleggen naar de 34ste breedtegraad.

Doel is om vervolgens een "tijdelijke regering' te vormen waarin alle oppositiegroeperingen in Irak zijn vertegenwoordigd, om zo gezamenlijk de strijd tegen Saddam Hussein verder op te voeren. Özal werd uitdrukkelijk te verstaan gegeven dat zo'n "manoeuvre' niet is bedoeld om Irak op te delen, een ontwikkeling waartegen Turkije zich steeds heeft verzet.

De Iraakse oppositiegroeperingen hebben zich in juli in Wenen aaneengesloten in het Nationale Iraakse congres. Een vertegenwoordiging van zes personen reisde vervolgens af naar Washington waar besprekingen werden gevoerd met de Amerikaanse minister van buitenlandse zaken James Baker. Ook met Baker werd gesproken over mogelijke uitbreiding van de zone. De Koerdenleiders Celal Talabani en Massoud Barzani bezochten daarna enkele Europese hoofdsteden en Syrie. De afgelopen dagen spraken ze met de Turkse premier, Süleyman Demirel, en de minister van buitenlandse zaken, Hikmet Cetin, evenals met Turks-Koerdische parlementariers. Onderwerp van gesprek was hoe de Koerdische Arbeiders Partij (PKK) uit Noord-Irak kan worden verdreven, van waaruit deze gewapende aanvallen uitvoert op Turkse militaire doelen.

Op verzoek van Talabani en Barzani werd de bijeenkomst met Özal uitgebreid met Hani El Fakiki en Salah Seyh Ali als vertegenwoordigers van respectievelijk de shi'iten en sunnieten.

Het is voor het eerst dat de Iraakse oppositiegroeperingen bestaande uit Koerden, shi'ieten, sunnieten en Turkmenen zo'n duidelijke strategie ontvouwen om het regime in Bagdad van binnenuit te kunnen uithollen. Het heeft dan ook verbazing gewekt in de Turkse pers dat het Turkse ministerie van buitenlandse zaken buiten niet prominent bij de besprekingen op het presidentiele paleis aanwezig was. Het past evenwel in de politieke lijn van Özal, die vorig jaar als eerste in het geheim contacten aanknoopte met de Koerdenleider Talabani. Hij is bovendien de persoon die het Koerdenvraagtuk in Turkije zelf enigszins bespreekbaar heeft gemaakt.