Chirurgische ingrepen in de Dikke Van Dale

“De vorm is gedienstig aan het woord”, vindt Ben van Bercum, die voor uitgeverij Van Dale diverse woordenboeken typogra- feerde. Ruim een jaar lang poetste, schaafde en vijlde Van Bercum aan zijn nieuwste werkstuk: het binnenwerk van de twaalfde druk van de Grote Van Dale, die deze week verscheen.

Hij laat het het liefst zien aan de hand van een voorbeeld. Uit een keurig geordende stapel bij zijn bureau haalt Ben van Bercum een brochure te voorschijn die hij onlangs kreeg toegestuurd van een vooraanstaande drukkerij. Hij bladert er even in en vouwt dan zorgvuldig een bladzijde open. Blauwe letters tegen een grijsbruine achtergrond. Zelfs van dichtbij laten de letters zich niet lezen zonder wagenziek te worden. "Dat is nou precies wat ik bedoel', zegt Van Bercum, enigszins verontwaardigd. "Mooie vormgeving, fraaie kleuren, maar de tekst valt weg. Deze opmaak ondergraaft mijn belangrijkste uitgangspunt: de vorm is gedienstig aan het woord.'

Het is niet verwonderlijk dat Bern. C. ("Ben') van Bercum dit standpunt met zoveel kracht huldigt. Sinds tien jaar is hij de vaste vormgever van uitgeverij Van Dale Lexicografie. Daarvoor verzorgde hij de vormgeving van verschillende naslagwerken bij onder meer uitgeverij Oosthoek en Bruna. Bij uitgeverij Van Dale tekende hij voor binnenwerk en banden van de zevendelige reeks Grote vertaalwoordenboeken. Hij typografeerde de diverse Van Dale-handwoordenboeken en het Frans-Nederlandse woordenboek dat Van Dale in 1988 uitgaf in samenwerking met de Franse uitgeverij Robert. Daarnaast verzorgt hij de uitnodigingen, circulaires en de nieuwsjaargeschenken van uitgeverij Van Dale - kleine boekjes die onder verzamelaars een zekere reputatie hebben, niet het minst vanwege de bibliofiele vormgeving.

Het nieuwste werkstuk van Van Bercum verscheen begin deze week en het is meteen zijn laatste, want Van Bercum is 74, hoewel hij tot die mensen behoort die steevast kunnen rekenen op een verbaasde blik als ze hun leeftijd onthullen. Bij de twaalfde druk van de Grote Van Dale beperkten de werkzaamheden van Van Bercum zich tot het binnenwerk: de taupe band van het woordenboek is ontworpen door Rob Buschman, die ook tekende voor het "driedelig grijs' van de elfde uitgave.

Niet bekend

Ruim een jaar lang poetste, schaafde en vijlde Van Bercum aan het binnenwerk van het woordenboek. Niet full-time natuurlijk, om de zoveel tijd bracht de post een nieuwe drukproef die vervolgens letterlijk door Van Bercum onder de loep werd genomen. Aan iedere wijziging ging uitvoerig overleg vooraf met de uitgever en de eindredacteuren van het woordenboek.

De ingrijpendste beslissing viel medio 1990. Toen ontwierp Bram de Does, een van de meest vooraanstaande Nederlandse typografen, op verzoek van Van Bercum een nieuwe letter voor het woordenboek, in slechts een paar maanden tijd. De letter werd geproduceerd door Peter Matthias Noordzij - zoon van de bekende typograaf Gerrit Noordzij - en kreeg de naam Lexicon. Toepasselijk genoeg is op de eerste zet- en drukproef van deze letter, die werd gemaakt in oktober 1990, ook het trefwoord lexicon opgenomen, waarbij als extra betekenis is toegevoegd: "speciaal voor woordenboeken door Bram de Does ontworpen letter' - een betekenis die vooralsnog niet door de redacteuren van de Grote Van Dale is overgenomen.

De typografie van de twaalfde druk van de Grote Van Dale oogt helder en overzichtelijk. Van Bercum voerde dan ook enkele belangrijke wijzigingen door ten opzichte van de vorige druk. "Mijn streven was om het zo helder mogelijk te krijgen. Om zoveel mogelijk typografisch overbodige tekens weg te halen.' En dus sneuvelde de komma achter het vette trefwoord, voor de leek misschien een kleine chirurgische ingreep, te vergelijken met het verwijderen van een wrat, maar in de geschiedenis van de Nederlandse lexicografie beter te vergelijken met het omverstoten van een nationaal monument, want in de afgelopen tweehonderd jaar is er in Nederland vrijwel geen woordenboek verschenen waarbij het trefwoord niet door middel van een komma van de omschrijving wordt afgescheiden.

De andere wijzigingen komen het best tot uitdrukking door de nieuwste en vorige uitgave van de Grote van Dale naast elkaar te leggen. Sprong de tekst in de vorige druk niet in ten opzichte van het trefwoord, nu is dat wel gedaan. De komma-achtige tekens voor de klemtoon zijn vervangen door streepjes onder de klinker van een trefwoord. Door de vette mediaevalcijfers is het nu veel eenvoudiger de verschillende betekenissen te onderscheiden, terwijl het "betekenisniveau' (bijvoorbeeld overgankelijk of niet-overgankelijk) wordt onderscheiden door vette romeinse cijfers. Voor gelijkluidende woorden die in betekenis verschillen (zogeheten homoniemen) is nu buiten de zetbreedte een hoger geplaatst lettertje gezet (de zogeheten superieur), eveneens een stap voorwaarts ten opzichte van de vorige uitgave.

Dat een opeenhoping van leestekens hier en daar niet te vermijden viel, blijkt onder andere bij het woord bel, dat in het woordenboek als volgt begint: ¹bel (v.(m.); -len) [ Hd. bellen (blaffen)], 1 hol metalen voorwerp...

Toch is Van Bercum tevreden. "De gebruiker moet zo snel mogelijk een woord of een betekenis kunnen vinden, dat is steeds mijn doel geweest', zegt hij. "In alle bescheidenheid denk ik dat ik daar goed in geslaagd ben.'