Rally Parijs-Peking in China niet door steden

PARIJS, 1 SEPT. Het heeft 61 jaar geduurd, maar vanavond is het zover. Om kwart voor acht valt bij de Parijse Trocadero het startschot voor de tweede autorally Parijs-Peking. De eerste, een initiatief van een autoconstructeur André Citroën, vond in 1931 plaats - met dien verstande dat de deelnemers destijds, na twee jaar voorbereiding, in maart 1931 vanuit Beiroet vertrokken en pas bijna een jaar later, in februari 1932, in de Chinese hoofdstad aankwamen.

De nieuwe rally, via Moskou, zal slechts 26 dagen duren. Ruim 150 auto's en vrachtauto's en zeventien motorrijders nemen deel aan deze "raid-marathon' van 16.000 kilometer die door Wit-Rusland, Rusland, Kazachstan, Turkmenistan, Oezbekistan en Kirgizië en ten slotte de Volksrepubliek China voert. Op 27 september is de aankomst in Peking, met de fabrieksteams van Citroen (vier auto's model ZX) en van Mitsubishi waarschijnlijk op kop.

De tweede rally Parijs-Peking had natuurlijk een jaar geleden, zestig jaar na de eerste, moeten plaatsvinden. Dat was ook de bedoeling van de organisatoren, zoals René Metge, die voorheen de meer berucht dan beroemd geworden race Parijs-Dakar organiseerden. De mislukte augustus-coup in Moskou gooide toen roet in het eten. Dit jaar staan alle voormalige Sovjet-republieken die na de mislukte machtsgreep ontstonden, te popelen om de race-karavaan uit Europa, de begeleidende helikopters en de televisie-camera's te verwelkomen.

Pas in China begint het grote avontuur: de karavaan, die duizend mensen omvat, moet alle steden en zelfs grote dorpen mijden op last van de autoriteiten die vrezen dat de doortocht van het puikje van Europese en Japanse autotechnologie en - misschien nog meer - die van de tv-camera's anders voor al te grote opwinding zal zorgen.

“Het wordt een onvergelijkbare menselijke ervaring”, meent de Franse Mitsubishi-rijder Bruno Saby, die zich voorbereidde door het lezen van boeken over de ervaringen van een zekere prins Borghese en andere deelnemers aan de eerste Parijs-Peking.

China gaf zestig jaar geleden ook al problemen. De wonderlijke expeditie van auto-ingenieurs, geleerden en zelfs artiesten die toen aan de rally deelnamen, was in twee groepen gesplitst. Omdat Moskou op het laatste moment de doortocht van de Citroëns verbood, vertrok de eerste groep, de eigenlijke auto-karavaan, uit Beiroet, destijds hoofdstad van het aangename Franse protectoraat Libanon, en doorkruiste Irak, Iran, Afghanistan en India alvorens via de Himalaya in China aan te komen. De tweede groep van de "Croisière jaune' (gele kruistocht), die assistentie zou verlenen, vertrok vanuit Peking en reisde de andere tegemoet. In de provincie Sin-Kiang werden de helpers enige tijd gegijzeld door de plaatselijke warlord maarschalk King. Ook dit keer gaat de hulp-karavaan door deze provincie, maar zoals gezegd ver van bevollkingscentra en, veiligheidshalve, een Chinese politieman op elke vrachtauto.

    • Jan Gerritsen