Najibullah maakt zich grote zorgen over het lot van Afghanistan

KABUL, 1 SEPT. Hij brengt zijn dag door met televisie kijken, ijsberen en telefoneren met vrouw en kinderen via de satelliet. Buiten, op straat schelden mensen hem uit en dorsten naar zijn bloed. Sinds zijn afzetting, vier maanden geleden, houdt de voormalige Afghaanse president Najibullah zich schuil achter de drie meter hoge muren van een aantal gebouwen van de Verenigde Naties in Kabul, die maar een paar honderd meter van zijn voormalige bunkerachtige woning liggen.

De islamitische regering, die Najibullah in april afzette, eist dat hij wordt overgedragen om terecht te staan voor oorlogsmisdaden. Nu de laatste functionarissen van de VN de hoofdstad hebben verlaten, staat weinig een berechting van Najibullah door de islamitische justitie in de weg.

Een functionaris van de VN zegt dat de Afghaanse regering gebonden is aan een conventie uit 1947 die de gebouwen van de VN beschermt. Maar met de heersende anarchie in Kabul, waarbij zwaar bewapende rebellenfacties met elkaar vechten, is het twijfelachtig of die diplomatieke voorwaarde gerespecteerd wordt.

De gebouwen van de VN waren in de jaren zeventig al het verblijf van een andere president, Mohammed Daoud, die na zijn afzetting werd vermoord. Diplomaten die de afgezette president Najibullah bezochten, zeggen dat hij de meeste tijd doorbrengt met televisie kijken. Hij maakt zich naar verluidt zorgen over het lot van zijn land. Najibullah verklaarde in een aantal interviews dat hij slechts vier uur per nacht sliep. De diplomaten zeggen dat hij elke dag naar een kantoor op de derde verdieping gaat om daar via een satelliet zijn vrouw, Fatana, en zijn drie kinderen, die nu in Duitsland in ballingschap leven, te bellen. In het Pashto luiden de namen van zijn kinderen als volgt: Hilai (Hoop), Muska (Lach) en Onai (naar de bergtop die de bron is van de Kabul-rivier). Najibullah ontvangt niet veel bezoekers. Zijn enige metgezel is de voormalige chef van de Afghaanse geheime dienst, een oude medewerker die hem niet in de steek wilde laten.

Najibullah maakte in interviews altijd grappen over het winnen van de Nobelprijs voor de vrede. Maar zijn landgenoten schelden hem uit voor tiran en folteraar. De meesten verachten hem voor zijn rol in de veertienjarige, bloedige oorlog waarin ruim een miljoen mensen om het leven kwamen en waardoor meer dan vijf miljoen Afghanen naar Iran en Pakistan vluchtten. “Najibullah is de slechtste. Hij staat bekend als de slachter van Kabul”, zegt Saeed Qaribur, een aanhanger van de radicale guerrilla-leider Gulbuddin Hekmatyar.

De voormalige president wordt ook gehaat wegens zijn rol als chef van de gevreesde geheime politie van 1980 tot 1986. Daarna werd hij door de Russen tot president benoemd.

Toen het dit voorjaar duidelijk werd dat zijn regering zou vallen, hoopte Najibullah dat hij op een veilige manier de hoofdstad uit kon worden geloodst. Maar zijn vroegere bondgenoot, de militie van de Oezbeekse generaal Rasheed Dostam, belette hem Kabul te verlaten via het vliegveld dat zij onder controle hielden. Wekenlang wachtte zijn familie in een zwaar bewaakt vijf-sterren hotel in de Indiase hoofdstad New Delhi. Meer gematigde rebellenleiders waren overigens bereid gratie te verlenen aan Najibullah, nadat zij eind april aan de macht waren gekomen.

Volgens enkele diplomatieke bronnen had Najibullah de hoofdstad vermomd kunnen verlaten, maar dat weigerde hij. “Het is een trotse man en hij wilde Kabul verlaten zonder zijn hoofd te laten hangen. Hij wilde niet wegsluipen als een misdadiger”, zegt een diplomaat die liever anoniem blijft. (Reuter)