Japan tilt veel te zwaar aan excuses over oorlog

De Japanse cultuur is zich zeer wel bewust van de macht van de verontschuldiging. Criminelen krijgen strafvermindering als ze hun verontschuldigingen aanbieden en spijt betonen. Zakenlieden verdedigen hun bedrijven tegen de gramschap der aandeelhouders door diep te buigen en zich te verontschuldigen voor hun slechte daden. Politici redden hun loopbaan en overleven de verkiezingen door zich voor alles te verontschuldigen, van het aanvaarden van steekpenningen tot het hebben van een maitresse. Zelfs slechte echtgenoten kunnen weer in genade worden aangenomen door hun vrouwen na voldoende laaghartige mea culpa's.

Misschien verklaart deze traditie waarom de Japanners onderling redetwisten over de vraag of de keizer, als hij later dit jaar Peking bezoekt, verontschuldigingen zou moeten aanbieden voor de Japanse wreedheden die in China zijn begaan tijdens de Tweede Wereldoorlog; en of de Japanse regering verontschuldigingen zou moeten aanbieden en misschien schadeloosstellingen betalen aan Koreaanse en andere Aziatische vrouwen die in die oorlog gedwongen werden zich te prostitueren voor Japanse soldaten.

Japanners nemen verontschuldigingen bijzonder ernstig op; zij worden niet lichtvaardig aangeboden. Een Amerikaan zal misschien zijn schouders ophalen en zeggen: “Wat is er nou helemaal aan de hand”? Als excuses de lucht klaren, waarom dan niet?” Maar een Japanner is diep vernederd als hij in het openbaar een misstap moet erkennen.

Sommige mensen menen dat dit verschil in houding weergeeft wat de antropologe Ruth Benedict definieerde als het verschil tussen een cultuur van "schuld' en een cultuur van "schaamte'. Japanners leven in een cultuur van schaamte, waar kinderen worden onderwezen in het verschil tussen goed en slecht door ten overstaan van hun medeleerlingen te worden vernederd. Amerikanen wordt onderwezen zich schuldig te voelen, hetgeen hun een schuldgevoel bezorgt zelfs wanneer niemand hen op slecht gedrag heeft kunnen betrappen.

Een andere complicatie in de discussie over verontschuldigingen is de kwestie van oprechtheid. Niet alleen in Japan, maar ook in Korea en China wordt grote waarde gehecht aan de vraag of spijtbetuigingen, bekeringen en bekentenissen oprecht zijn en "van harte' .

In China, tijdens de culturele revolutie, werden de zogenoemde rechtse aanhangers gedwongen zelfkritiek op te schrijven totdat de leden van de Rode Garde door wie ze gevangen werden gehouden van hun oprechtheid waren overtuigd. Iets dergelijks gebeurde tijdens de Tweede Wereldoorlog toen de Japanse politie en kempeitai (militaire oorlogspolitie) tenko (herroepingen van eerdere bekentenissen) afdwong van hun linkse gevangenen en altijd en alert waren op giso-tenko (valse bekentenissen).

De sociale en psychologische ratio van de nadruk op oprechtheid is tweeledig. In de eerste plaats is het, in samenlevingen waar individuen sterk worden beheerst door de eisen van de groep (familie, school, werk, of de staat) eenvoudig voor mensen zich aan de buitenkant te conformeren, maar privé hun misschien wel afwijkende gedachten te handhaven. Nu iedereen dit weet, wordt pro forma-gedrag vaak onderzocht op bewijzen van oprechtheid.

In de tweede plaats mag, in gevallen waarin men iemand verdenkt van giso tenko, een individu worden gevraagd zijn excuus vele malen te herhalen opdat hij er uiteindelijk zelf in zal geloven.

Dus het probleem voor Japan is niet alleen of de keizer al dan niet verontschuldigingen kan en zal aanbieden aan de Chinezen. Een dergelijk excuus zou toekomstige soepele verhoudingen helpen bevorderen. Maar de lange discussie over de kwestie, de sterk afwijkende mening die wordt verwoord door sommige nationalistische elementen en de uiterst voorzichtige bewoordingen die waarschijnlijk zullen worden gebezigd door de voorlichtingsdienst van de keizerlijke familie en het ministerie van buitenlandse zaken, hebben het vraagstuk van oprechtheid al beantwoord.

De Japanse excuses, als ze al worden aangeboden, zouden niet "van harte' zijn, en politiek in alle betekenissen van het woord. Men twijfelt daarom of een excuus alleen voldoende zal zijn om de Chinezen tevreden te stellen.

De aanwezige Koreanen vormen nog een grotere uitdaging. Zij zijn een trots en geëmotioneerd volk, dat gelooft in het zogenoemde han. In een onlangs verschenen boek over Korea beschrijft Michael Shapiro han als bittere gevoelens die het “resultaat kunnen zijn van onrechtvaardigheden die zijn begaan door onder meer, ouders, vrienden, kinderen, een koloniale overheerser, een bezettingsleger, vorige regeringen, de bestaande regering, en degenen die op wezenlijke momenten niet erin slaagden oprechtheid aan de dag te leggen”. Met andere woorden, Koreanen kunnen heel lang wrok koesteren.

De Koreaanse vrouwen die nu naar voren komen om hun han te betuigen over het feit dat zij werden gedwongen in Japanse bordelen te gaan, hebben hun grieven vijftig jaar lang gekoesterd. Velen onder hen zeggen dat zij hun woede alleen maar openbaar maken omdat Japanse officiële woordvoerders blijven ontkennen dat de vrouwen werden ontvoerd of op andere wijze werden gedwongen. Anderen zeggen dat zij het gedrag van de soldaten uit de oorlog weerspiegeld zien in de Japanse zakenlieden die naar Korea komen voor seksreizen.

Han is ook een kwestie in de Olympische marathon-wedstrijd toen Hwan Youn Cho niet aleen een goude medaille voor Zuid-Korea won, maar daarbij ook nog een Japanse marathonloper versloeg. Hwang zei dat hij was geïnspireerd door gedachten aan Soh Kee Chung, die op de Berlijnse Olympische Spelen in 1936 de marathon won, maar gedwongen was deze te lopen onder Japanse vlagen onder een Japanse naam.

Kan een oprechte verontschuldiging, en zelfs herhalingen ervan, een dergelijke han verdrijven? Vermoedelijk niet. Waarschijnlijk is wraak van het soort dat de Olympische spelen heeft opgeleverd veel bevredigender.

Per slot van rekening is, in dit tijdperk van handelsfrictie, revisionistische argumenten over de aard van de Amerikaanse en Japanse economie, en discussies over racisme en kenbei (afkeer van Amerika), mogelijk het verfrissendste aspect van de Japans verontschuldigingskwestie, het feit dat de Verenigde Staten niet er niet bij zijn betrokken. “Waar gaat het nou helemaal over? Kom, en verontschuldig je”, zouden de Amerikanen zeggen. In dit geval hebben de Amerikanen gelijk.

© Los Angeles Times/ NRC Handelsblad.