Maria

In zijn artikel over Piero della Francesca (24-07-'92) maakt Marc Leijendekker duidelijk dat hij van Piero's Madonna del Parto weinig begrijpt.

Allereerst wanneer hij schrijft: “de Madonna del Parto, de zwangere Maria”, alsof dat de betekenis van del Parto is. Dat misverstand heeft kennelijk ook geleid tot de kop van het artikel: 'Maria's zwellende buik'. Il parto betekent echter de geboorte, de baring. Het misverstand zet zich voort wanneer hij schrijft: “Het is een van de weinige schilderijen waarop Maria zwanger wordt afgebeeld.” Die opmerking is bovendien in strijd met de talloze afbeeldingen van de ontmoeting tussen Maria en Elisabeth, beiden zwanger.

Neen, de vertaling moet luiden: de Madonna van de baring. Maria wijst ook niet op haar buik, evenmin was het Piero's bedoeling om de zwelling te accentueren door middel van “een spleet in haar jurk”. Afgezien van het prozaïsch woordgebruik is deze interpretatie bezijden de waarheid.

Maria weet dat het moment van baren nabij is: het kind is reëel aanwezig, het zal aanstonds geboren worden en zijn eerste kreet slaken. In het zekere besef dat haar uur gekomen is, rijgt de aanstaande moeder met de rechterhand van voren haar bovenkleed los, en met haar andere hand de linkerzijde. Het daarbij zichtbaar worden van het wit van het onderkleed heeft een intensiverende werking op het magnifieke blauw van het bovenkleed, maar dat is iconografisch bijkomstig. Geheel overeenkomstig het unieke van het uur van de baring en het voor alle vrouwen in die tijd typerende gebaar wanneer de weeën zich aandienen, is Maria's gezicht geheel beheerst, mild en zachtzinnig, uiterlijk hooghartig en onbewogen, maar dat is een teken van uiterste concentratie op wat er te gebeuren staat, het uitbrekend geweld van de natuur, die de vrouw in geen enkel opzicht spaart.