Samen met Bram Vermeulen probeerde Freek de Jonge ...

Samen met Bram Vermeulen probeerde Freek de Jonge ooit te voorkomen dat het Nederlands elftal afreisde naar de wereldkampioenschappen in Argentinië, want daar kleefde bloed aan de paal. Dat was in 1978. Nu is het veertien jaar later. De cabaretier heeft al een heel sportverleden.

Gisteren liet hij zich in de heupzwaai nemen door judoka Irene de Kok. In de sponsortent van de Nederlandse afvaardiging naar de Spelen mocht hij haar een trui aantrekken met de tekst I won bronze (in het Engels) en zij mocht op hem demonstreren hoe ze haar beslissende worp had uitgevoerd. Het was een doorslaand succes bij de aanwezigen, onder wie premier Lubbers in een CDA-groen polohemd en fractieleider Brinkman, die er al even zondoorstoofd uitzag als de man die hij gaat opvolgen. Daarna wilde De Jonge arm in arm met Ada Kok net zo'n trui uitreiken aan Theo Meijer. Maar Theo Meijer zat op zijn kamer te mokken of dronk zich in de stad een stuk in de kraag. Theo Meijer baalde dat het niet meer dan brons was geworden. Theo Meijer was niet op komen dagen. Het zette slechts even een domper op de stemming.

Want de stemming is niet stuk te krijgen in het Nederlandse "pers- en ontmoetingscentrum' aan de haven. Er wordt graag en veel gelachen en heus niet alleen wanneer Freek de Jonge er is. Sponsors zijn namelijk van zichzelf al hele blije mensen. Ze hebben onbehoorlijk veel geld uitgegeven waar hun bedrijf niet direct veel nut van heeft. Ze kunnen het zich absoluut niet meer permitteren om het niet naar hun zin te hebben. Dat de prestaties van de Nederlandse sporters tot nu toe nog een beetje tegenvallen, speelt dus slechts een ondergeschikte rol. In de winter heet dit verschijnsel het skybox-syndroom.

Het is makkelijk om ironisch te doen over de gewichtige heren, de gebruinde dames, de bierpompen en de souvenirwinkel. Over de hele kermis die het Nederlandse bedrijfsleven in de haven van Barcelona heeft neergezet om zichzelf eens flink te feliciteren met de actie Top voor Top. Inderdaad is het één van de winderigste plekken van Barcelona. En ook heeft de ambiance een hoog Pim Jacobs-gehalte: verzorgd doch zonder kraak of smaak. Maar dat is niet erg. Het mag allemaal best een beetje ordinair. Wie zegt dat topsport iets met topkunst heeft te maken?

Helaas, dat was nu precies wat minister Hedy d'Ancona afgelopen zaterdag zei bij de opening van het complex. In haar welkomstwoord sprak zij er haar vreugde over uit, dat Nederland in Barcelona een oud ideaal weer iets dichterbij kon brengen door kunst met sport te combineren. Daarna speelde het Nationaal Jeugd Orkest. En twee dagen later gaf ze Johan Cruijff in diezelfde tent een portret van Marco van Basten cadeau.

Even dachten we dat de aankondiging van die alliantie een nieuwe, gewiekste manier zou kunnen zijn om op twee begrotingsposten tegelijk te bezuinigen. Maar nee, nog in Barcelona liet de minister weten dat op de vijfenveertig miljoen gulden die haar departement jaarlijks aan de georganiseerde sportbeoefening uitgeeft ook komend jaar niet wordt getornd. Het zal dus helemaal van de kunsten moeten komen. “Ik zal nooit goud winnen,” zei Freek de Jonge, voor hij zich in een beschrijving van de geschiedenis van de Olympische Spelen stortte. “Want spreken is zilver.”