Problemen voorzien bij verhaal op bijstand

DEN HAAG, 30 JULI. De vereniging van directeuren van sociale diensten (DIVOSA) en de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) voorzien problemen bij de uitvoering van de maatregel die gemeenten verplicht ten onrechte of teveel verleende bijstand te verhalen op cliënten die een bijstandsuitkering ontvangen. De maatregel gaat op 1 augustus in en vloeit voort uit een wijziging van de Algemene Bijstandswet. Pas onlangs werd het DIVOSA en de VNG duidelijk dat sociale diensten voor 1 augustus alle ex-echtgenoten die in aanmerking (kunnen) komen voor verhaal moeten aanschrijven. “Wij zijn nogal overvallen door deze uitleg van de maatregel”, aldus drs. L. van de Kerkhof, stafmedewerker van de VNG.

De gemeentelijke sociale dienst in Amsterdam is reeds met 22 mensen uitgebreid om de klus te klaren. Volgens een woordvoerster gaat het om ruim 17.000 zogenoemde verhaalspartijen, mensen op wie een deel van de onderhoudskosten voor hun kind kan worden verhaald. Hebben zij het kind niet erkend dan kan de sociale dienst niets ondernemen.

De gemeente Utrecht heeft geen extra personeel ingezet omdat die gemeente in het verleden altijd al een actief terugvorderings-en verhaal beleid heeft gevoerd, aldus een woordvoerder. Utrecht telt 15.500 mensen die een bijstandsuitkering hebben, van wie 2.600 bestaan uit éénouder gezinnen.

Sinds 1985 zijn in Rotterdam 37 mensen fulltime bezig met een actief verhaals- en terugvorderingsbeleid. Nu gemeenten ertoe worden verplicht zijn nog eens zeven mensen extra aangetrokken. Van de 19.917 mensen die in Rotterdam in de bijstand zitten wordt het leeuwedeel gevormd door allenstaande moeders, 18.000. Volgens een woordvoerder zullen 7.000 "gevallen' nader worden onderzocht op de mogelijkheid tot verhaal danwel terugvordering van te veel of onjuist betaalde bijstand.