Onderzoek naar aids onder gedetineerden

DEN HAAG, 30 JULI. De ministeries van WVC en justitie willen weten in hoeverre in de 40 Nederlandse gevangenissen aids voorkomt en hoeveel gedetineerden besmet zijn met het HIV-virus dat aids veroorzaakt.

Afhankelijk van de resultaten van een onderzoek naar de haalbaarheid van een enquête op grote schaal zullen de departementen half augustus een voorstel aan de Tweede Kamer doen voor een landelijk onderzoek naar aids en seropositiviteit in de gevangenis. “Het is nu nog te vroeg om te bepalen of een grootschalig onderzoek mogelijk is”, aldus een woordvoerder van Justitie.

Aan de hand van de resultaten van een dergelijk onderzoek kunnen maatregelen getroffen worden om besmetting met het HIV-virus binnen gevangenissen te voorkomen.

In opdracht van WVC deed J. Willems van de Katholieke Universiteit Nijmegen een steekproef in zes gevangenissen, die moest uitwijzen of een grootschalig onderzoek technisch gezien mogelijk is. Over de resultaten daarvan, die over enkele weken naar de Tweede Kamer worden gestuurd, willen de ministeries nog geen mededelingen doen.

Over het huidige aantal aidspatiënten en seropositieven in gevangenissen is weinig bekend. De laatste gegevens waarover Justitie beschikt dateren van 1990, toen er voor zover bekend 26 gevangenen met aids waren en 95 seropositieven. Die gegevens zijn gebaseerd op vrijwillige tests. In de Nederlandse gevangenissen, die samen over ongeveer 7.000 cellen beschikken, verblijven jaarlijks zo'n 20.000 gedetineerden.

Het aantal potentiële seropositieven in gevangenissen is groot, omdat bijna de helft van alle gedetineerden verslaafd is aan hard-drugs. Drugspuiters vormen een risicogroep. Door spuiten meer dan één keer te gebruiken lopen zij gevaar HIV-besmetting op te lopen.