In Amsterdam zijn nog altijd zestigduizend moslims te bekeren; "Als je Jezus kent, heb je geen verlangen moslim te worden'

AMSTERDAM, 30 JULI. Een vrouw met een watje in haar oor reikt Jezus-kleurplaten uit aan een Turks gezin dat over de Amsterdamse Dappermarkt slentert. Zij is een van de veertig medewerkers van de Arabische Wereldzending die deze week is begonnen met een evangelisatie-actie om moslims tot Christus te brengen.

Tijdens deze en de volgende week zoeken deze christenen van verschillende protestants-christelijke achtergrond de markten op, waar zendelingen door de eeuwen heen altijd al heidenen van hun gading konden vinden. D. de Vries staat met een kraampje op een hoek van de Dappermarkt. Hij is lid van een "Volle evangelie gemeente' in Amsterdam. De fijne nuances van zijn denominatie wuift hij weg: “We willen naar de Bijbel leven. Niet alleen op zondag de kerkbank opwarmen. Eigenlijk ben ik ook een soort islamiet. Dat vertel ik de moslims ook.” De Vries: “De moslims verwarren christenen met het Westen. Als ze ons zien denken ze aan de paus van Rome of aan Lubbers van het CDA. Maar wij zijn net zo ongelukkig met de normen en waarden hier als zij. Het Westen is niet christelijk meer.”

Niet alle moslims vinden het prettig dat geprobeerd wordt hen te bekeren, heeft De Vries al gemerkt. Sterker nog, in de drie jaar dat de Wereldzending deze zomeractie voert, is nog geen bekering genoteerd. “Sommigen reageren agressief, willen ons bekeren.” Maar: “Als je Jezus kent heb je geen verlangen moslim te worden.”

Een reusachtige Arabische jongeman nadert het kraampje. Hij is halverwege zijn kalfskroketje als hij woorden krijgt met De Vries: “Jullie God is drie.” En dat kan niet, vindt hij: “God is één.” Hij veegt zijn mondhoeken schoon en zegt uitdagend: “Jezus kan niks. Als-ie wat kon, was hij niet aan het kruis gehangen.”

De Vries raakt zachtjes de arm van de jongen aan en dient hem van repliek: “Jezus heeft geen enkele fout gemaakt”. De man laat zich niet van de wijs brengen. “Ik hoor van christenen "Jezus leeft', "Jezus is gestorven'. Wat is het nou?” Van bekeren is geen sprake. “Jezus is gewoon een profeet”, zegt de jongen en loopt verder. Hij is al 23 jaar moslim, legt hij uit. Denken ze nou echt dat ze hem in een half uurtje op de markt kunnen ompraten? “Achterlijk zijn ze.”

Nee, zegt H. de Ruiter, directeur van de Wereldzending: “We hoeven de zaak op straat niet te beklinken. Het is een stapje in een proces.” Bekeren is naar zijn zeggen niet het eerste doel van de zomeracties. “We zitten niet op bekeerlingen te wachten - bij wijze van spreken.” Het gaat hem erom dat er “eerst een stuk relatie is” tussen moslims en christenen. De rest kan altijd nog komen. “Dat is een proces in iemands leven.” De Vries kijkt de enorme moslim na. “Hij is gegroeid. Vroeger kwam hij ook bij ons, toen heb ik goed met hem gesproken. Veel onderwijs gehad, dat hoor je. Hij is veel fanatieker geworden.”

't Pand, een evangelisch centrum in Amsterdam, is gedurende de actie ingericht als koffiebar. Moslims worden met een Arabische etalage expliciet uitgenodigd om binnen te wandelen en Christus te ontmoeten. Naast 't Pand ligt de Sounaah moskee. Geen van de moslims die er in de avond binnengaan, weet iets van de actievoerende buren. “We hebben hun vooraf laten weten dat we deze twee weken hier zouden zitten”, zegt actievoerder C. Daudey, die in het centrum juist aan een rijstepuddinkje wil beginnen. In de kamer zit de vrouw met het watje in haar oor rustig te praten. De boekenplankjes dragen Arabische bijbels en de gereformeerde kinderverhalen van W.G. van de Hulst. Een gitaar staat geluidloos tegen de muur. Uit een ghettoblaster klinkt Arabische muziek.

“Moslims houden van gezelligheid”, aldus Daudey, die zeker weet dat er vanavond wel een moslim is binnen geweest. De actie is ook nog maar net van start gegaan. En er zijn nog altijd zestigduizend moslims te bekeren in Amsterdam.