Gevangen opposanten Ivoorkust komen vrij

ABIDJAN, 30 JULI. Het parlement van Ivoorkust heeft gisteren unaniem ingestemd met een wetsontwerp dat voorziet in amnestie voor politieke tegenstanders van de regering, maar tegelijkertijd militairen die worden beschuldigd van plundering, foltering en verkrachting vrijwaart voor juridische vervolging.

De amnestiewet, aangenomen in afwezigheid van de parlementariërs van de oppositie, wordt gezien als een poging de politieke crisis in Ivoorkust te bezweren. Die crisis begon toen in 1990 president Houphouët-Boigny na een reeks betogingen en stakingen werd gedwongen de oppositie te legaliseren. Dit jaar is het in Ivoorkust tot een aantal demonstraties gekomen waarbij sprake was van geweld. Na die demonstraties verdwenen 75 leiders van de Ivoriaanse oppositie in de gevangenis, onder wie de belangrijkste oppositieleider, Laurent Gbagbo. Hij kreeg twee jaar gevangenisstraf wegens het organiseren van een demonstratie, waar hij zelf overigens niet bij is geweest.

Gbagbo zal een dezer dagen op grond van de amnestiewet worden vrijgelaten, net als naar schatting tweehonderd andere critici van Houphouët-Boigny's bewind, onder wie de voorzitter van de Ivoriaanse Liga voor de Rechten van de Mens en studenten die zijn veroordeeld wegens het beledigen van de president. De amnestiewet voorziet in vrijlating van iedereen die is veroordeeld “voor misdrijven die verband houden met de handhaving van wet en openbare orde”.

Op grond van dezelfde wet hoeven militairen die worden beschuldigd van wetsovertredingen niet langer bang te zijn voor vervolging. Tijdens acties tegen studenten hebben militairen zich vorig jaar schuldig gemaakt aan foltering, verkrachting en plundering. Nog dit jaar heeft dat wangedrag een rol gespeeld in de demonstraties tegen het bewind, vooral nadat een officiële overheidscommissie tot de conclusie was gekomen dat de betrokken militairen militairen zouden moeten worden vervolgd. (AP, Reuter)