Dow loost ook tonnen benzeen in de lucht; Benzeen kan een narcotisch effect op organismen hebben

ROTTERDAM, 30 JULI. Dow Benelux in Terneuzen loosde vorig jaar niet alleen 16 ton benzeen op de Westerschelde, maar bovendien 57 ton in de lucht. Deze lozingen zijn aanzienlijk kleiner dan enige jaren geleden en het bedrijf werkt aan verdere beperking. Zo bedraagt de lozing van benzeen op de Westerschelde volgens het bedrijf dit jaar nog maar zestig procent van die van vorig jaar.

Voor de lozing van benzeen op oppervlaktewater bestaan geen vaste normen. Ook in EG-verband zijn geen emissie-grenswaarden vastgesteld. Het beleid van het ministerie van VROM is erop gericht dat er helemaal niets meer wordt geloosd, de zogeheten nul-emissie. Hoeveel een bedrijf mag lozen wordt van geval tot geval bekeken en in een vergunning vastgelegd. Daarbij gaat men er van uit dat het bedrijf de best beschikbare techniek moet toepassen voor het desbetreffende produktieproces.

De vergunning van Dow voor de lozing op de Westerschelde is al jaren oud en staat het bedrijf toe aanmerkelijk meer te lozen dan het nu doet, aldus J. Speksnijder, hoofd oppervlaktewaterbeheer van Rijkswaterstaat in Zeeland. Omdat de Westerschelde rijkswater is, verleent Rijkswaterstaat de lozingsvergunning. Benzeen wordt in die vergunning niet met name genoemd. In totaal mogen de fabrieken van Dow in Terneuzen 130.000 inwoner-equivalenten lozen. Een inwoner-equivalent is de hoeveelheid vervuiling die een gemiddelde burger veroorzaakt. Inclusief de benzeen loosde Dow vorig jaar 33.000 inwoner-equivalenten, aldus Speksnijder.

De 16.000 kilo benzeen die Dow vorig jaar op de Westerschelde heeft geloosd, kan volgens prof.dr. J.H. Koeman, hoogleraar toxicologie aan de Landbouwuniversiteit in Wageningen, een narcotisch effect op organismen, waaronder vissen, hebben. “De stof beïnvloedt dus de werking van het zenuwstelsel”, aldus Koeman, “met als gevolg dat dieren buiten bewustzijn raken, wat bij voorbeeld weer tot vissterfte kan leiden. Ook andere organische stoffen, zoals oplosmiddelen, kunnen dit effect hebben.”

Wat hem zorglijk stemt is dat dit soort effecten wordt toegevoegd aan de gevolgen van andere vormen van organische vervuiling. Koeman: “Daar zou onderzoek naar moeten worden gedaan. We hebben de neiging elke stof apart te bekijken, maar je moet je afvragen: wat voegt deze emissie toe aan de vervuiling uit andere bronnen? Het gaat om de optelsom. We zouden dus integraal naar de milieubelasting moeten kijken en dat gebeurt te weinig.”

Over de kankerverwekkende eigenschappen van benzeen geeft Koeman als zijn persoonlijke mening: “Benzeen is alleen kankerverwekkend - en dan speciaal van leukemie - als iemand aan zeer hoge concentraties van die stof wordt blootgesteld. Dat hoeft overigens niet gedurende lange tijd te gebeuren, want het gaat om de hoogte van de concentraties. In het geval-Terneuzen is kanker mijns inziens niet aan de orde. Een verhoogd risico op leukemie voor omwonenden is hoogst onwaarschijnlijk.”

Voorkomen dat benzeen in de lucht komt is technisch veel moeilijker dan het te zuiveren uit afvalwater, aldus A.J. Bruin, groepsleider milieubeheer bij Dow. Een deel van de 57 ton wordt veroorzaakt door adem- en vulverliezen van opslagtanks. Benzeen is een vluchtige stof, en als een tank maar half vol is vormt zich damp in de andere helft. Wordt de tank bijgevuld, dan ontstaat overdruk die via een ventiel wordt afgevoerd. Men is nu bezig drijvende dekken in de tanks aan te brengen waarmee dampvorming in verregaande mate wordt voorkomen. Dit moet leiden tot minder uitstoot bij het vullen van de tanks.

Een andere belangrijke bron van benzeenuitstoot in de lucht vormen lekverliezen van afsluiters. Op bedrijfsterrein zijn tienduizenden afsluiters, die altijd wel iets lekken. Men is nu bezig met metingen aan die afsluiters. Het is onduidelijk wat technisch mogelijk is om deze lekverliezen te bestrijden, aldus Bruin. Door een hele reeks maatregelen hoopt Dow de uitstoot van vluchtige koolwaterstoffen (waaronder benzeen) in de lucht in 1995 met de helft te verminderen. Dow Benelux is naar eigen zeggen de grootste producent en verwerker van benzeen op één lokatie ter wereld.

Volgens de Wageningse toxicoloog Koeman is de uitstoot van benzeen in de lucht te laag om mens of dier aantoonbaar schade te berokkenen. “Door de sterke verdunning in de lucht komt deze emissie overeen met de gangbare benzeenemissies door het verkeer. Maar daarbij moet worden opgemerkt dat de milieu-effecten van benzeen eigenlijk nog nauwelijks zijn onderzocht.”