VN inspecteurs halen niets uit ministerie Irak

BAGDAD/ WASHINGTON, 29 JULI. VN-deskundigen hebben vandaag hun inspectie van het ministerie van landbouw in Bagdad afgesloten zonder “materiaal te hebben meegenomen”. De Verenigde Staten hebben intussen hun houding jegens Irak enigszins gematigd; het vliegdekschip John F. Kennedy, dat in het weekeinde een bezoek aan de Maagdeneilanden in alle haast beëindigde, gaat toch niet naar het Midden-Oosten.

Zes inspecteurs van de Verenigde Naties - op verzoek van Irak geen van allen uit landen van de anti-Iraakse coalitie - hebben twee dagen lang het ministerie doorzocht op documenten en ander materiaal dat met Iraks massa-vernietigingswapens te maken heeft. De voorzitter van de Speciale ontwapeningscommissie van de VN, Rolf Ekeus, had vooraf echter al zijn vrees kenbaar gemaakt dat de Irakezen eventueel bewijsmateriaal hadden vernietigd of verborgen in de drie weken voor de VN uiteindelijk tot het gebouw werden toegelaten.

De Duitse delegatieleider Biermann weigerde vandaag te zeggen wat zijn team precies had gezien. “We moeten eerst bij elkaar gaan zitten en onderling tot een conclusie komen”, zei hij.

Terwijl de inspecteurs het gebouw doorzochten, hielden elders in Bagdad betogers, gewapend met anti-Amerikaanse en anti-VN spandoeken, demonstratieve marsen. “Bush, Bush, luister goed: we houden allemaal van Saddam Hussein”, scandeerden ze. De betogers werden echter uit de buurt van het ministerie gehouden, overigens evenals buitenlandse journalisten. De officiële pers bleef schetteren over een Iraakse overwinning op de VN.

De Amerikaanse minister van defensie Dick Cheney probeerde tegelijk de indruk weg te nemen dat een Amerikaanse aanval op Irak ophanden zou zijn. “Ik heb het gevoel dat mensen hier wat meer van maken dan nodig is, in die zin dat er een soort actie ophanden zou zijn. Dat is niet het geval”, zei hij. Marlin Fitzwater, de woordvoerder van het Witte Huis, zei dat “het onmiddellijke gevaar” voorbij is, hoewel “niet alle spanningen zijn weggenomen”. Hij zei dat Washington er bij de VN op aandringt Irak agressief te benaderen en Bagdad te dwingen alle VN-resoluties in verband met zijn bezetting van Koeweit na te leven.

Deze uitspraken hadden mogelijk te maken met een opiniepeiling uitgevoerd in opdracht van de televisiemaatschappij CNN, die suggereerde dat de Amerikaanse burgers - in tegenstelling tot veel Amerikaanse bondgenoten - sterk voorstander zijn van een militaire actie tegen Irak. Volgens deze peiling is 70 procent van de Amerikanen voor militaire actie, en verzet 24 procent zich daartegen. Voor omverwerping van Saddams regime is 67 procent.

Eeder op de dag had president Bush steun gekregen van leiders in het Congres voor zijn anti-Irakpolitiek, zolang hij zijn beleid coördineert met het Congres en met de Amerikaanse bondgenoten. Daarbij zou de kwestie aan de orde zijn geweest of Saddam zelf doelwit zou moeten zijn in het geval van een nieuwe aanval op Irak, maar dat idee zou in deze kringen niet veel steun hebben gekregen. Bush zelf, aldus de Republikeinse leider in de Senaat, Robert Dole, was van mening dat de prijs in mensenlevens te hoog zou kunnen zijn.

Een Iraakse opositieleider zei in een vraaggesprek met CNN dat een militaire actie tegen Irak juist Saddam in de kaart zou kunnen spelen. “Aanvallen op gebouwen of gevoelige plaatsen binnen Irak schaden Saddam Hussein niet. (..) Hij wint of wordt bevoordeeld, en de geallieerden zijn dan degenen die Irak en zijn volk aanvallen”, aldus Laith Kubba, een van de zes Iraakse oppositieleiders die vandaag een ontmoeting hebben met minister van buitenlandse zaken James Baker. In het Midden-Oosten bestaat in het algemeen weinig enthousiasme voor een nieuwe aanval; in Europa praat alleen Groot-Brittannië over een mogelijke actie.

VN-secretaris-generaal Boutros Boutros Ghali onderstreepte gisteren het belang van diplomatie in de confrontatie met Irak. “Voorlopig beveel ik meer onderhandelingen aan”, zei hij in antwoord op een vraag naar zijn benadering van de huidige problemen met Irak. “Onze rol als Verenigde Naties is de Irakezen ervan te overtuigen dat het in hun belang is en in het belang van het Iraakse volk om de verschillende resoluties na te leven”, zei hij. Voor geweld wordt gebruikt “moeten we alle wegen bewandelen om de problemen vreedzaam op te lossen”. (Reuter, AFP, AP)