Brons in olympisch judotoernooi met gemengde gevoelens begroet; De Kok blij ondanks mislukken missie

BARCELONA, 29 JULI. Ze kwam voor goud en voor niets anders. Dat zit, legde ze uit, nu eenmaal in haar karakter. Daarom begroette Irene de Kok het brons in het olympische judotoernooi voor vrouwen tot 72 kilo met gemengde gevoelens. “Het is dus eigenlijk mislukt”, was ze in Barcelona streng voor zichzelf. Toen ze de grote medaille eenmaal om de nek had hangen constateerde ze dat ze “'m wel mooi vond” en dat ze “er toch blij mee was”.

Maar haar ogen stonden nog steeds niet echt blij, zelfs eerder een beetje droevig. Ze dacht na over de gemiste kansen. Terecht vond ze dat ze net zo goed eerste had kunnen worden. “Ik heb toch niet duidelijk verloren?” Het verschil in de halve finale met de Japanse Yoko Tanabe, de nummer twee van de wereld, was miniem. Eigenlijk stonden beide partijen gelijk, maar de scheidsrechter draaide tijdens de partij een beslissing terug. Een yuko van De Kok zette hij na overleg met de twee hoekrechters om in een koka. De judoka begreep er na afloop nog steeds niets van. Lang zeurde ze er echter niet over. Dat had, vond ze, toch geen nut.

Irene de Kok had een perfecte rentree willen maken. Ze vocht anderhalf jaar om aan de Olympische Spelen mee te mogen doen. De judobond had concurrente Marion van Dorssen al heel vroeg genomineerd voor Barcelona en wilde daar niets aan veranderen. Het werd een vervelende kwestie die veel publiciteit kreeg. Peter Ooms, al bijna vijftien jaar De Koks trainer en steun en toeverlaat, bleef maandenlang tegen iedereen en alles roepen dat het allemaal bijzonder onrechtvaardig was.

Frans Hoogendijk, de voorzitter van de Judo Bond Nederland, ontkent dat “de publiciteitsmolen van Ooms” invloed heeft gehad op de beslissing om De Kok alsnog een kans die ze met een derde plaats bij het EK in Parijs ook aangreep te geven. “Ik vind het een miskenning van de kwaliteiten van Irene de Kok om dat te veronderstellen.” Hoogendijk was lange tijd een vijand, maar gisteravond noemde hij De Kok “een moordwijf”. Het is moeilijk te bepalen of er geen sprake meer is van oud zeer. Hoogendijk zoende de bronzen winnares na het behaalde succes in Barcelona innig op twee wangen en De Kok zoende terug. “Ik geloof dat hij het meent”, zei ze.

De Kok is echter wel van mening dat Ooms' gedram haar geholpen heeft in Barcelona te komen. “We zijn samen de strijd aangegaan en we hebben samen deze medaille gewonnen. Het is prettig met Peter samen te werken, tof.” Wie met De Kok te maken heeft krijgt Ooms er automatisch bij. En wie de trainer een wedstrijdavond volgt wordt duizelig. De overactieve Ooms rent tribunes op en af, coacht tijdens de wedstrijden zeer opzichtig met handen, voeten en stem en hij neemt regelmatig het woord als De Kok geacht wordt dat te doen.

De Kok vindt het allemaal uitstekend. Ze wordt, zegt ze, absoluut niet nerveus van de schijnbewegingen van Ooms. “Ik vind het juist heerlijk. Op die manier zie ik dat hij er erg bij is betrokken. Ik moet zelf natuurlijk altijd de rust bewaren. Ik moet de mat op. Peter moet op een andere manier zijn ei kwijt. Dus is hij automatisch drukker.” In alles bleek na afloop in Barcelona weer dat de twee een hechte eenheid vormen. Ooms ving De Kok meteen na de prijsuitreiking bij het hek voor de kleedkamer op, samen pakten ze de medaille in hun handen en keken elkaar diep in de ogen. “Die is van ons.”

Ooms deed gisteravond enthousiaster over het behaalde brons dan De Kok zelf. “Ik ben gelukkig”, aldus de Brabander. “Die derde plaats betekent toch een olympische medaille. Dat is heel belangrijk. Word je vierde dan heb je helemaal niets en vraag je je af of de inspanningen van de laatste twee jaar wel nut hebben gehad.” Hij had gelijk. Nu sprak niemand daarover en viel de naam van Marion van Dorssen ook niet. Ooms wist dat De Kok wel succes moest boeken. Want vele ogen waren haar gericht. Ze is door haar uitstraling, prestaties en het conflict met de bond een sportbekendheid geworden in Nederland.

Toch voelde De Kok dat gisteren in het Palau Blaugrana niet als een druk. “Ik was laatst bij het EK in Parijs honderd keer nerveuzer.” Ze was fel en vastberaden. De lange voorgeschiedenis had haar extra gemotiveerd. Ze versloeg al in de eerste partij Europees kampioene Laetitia Meignan uit Frankrijk. Bij het EK in mei had De Kok tijdens de toernooistart nog van deze opponente verloren. Ooms: “Irene moet iemand een keer eerder in haar klauwen hebben gehad.” Daarom vond de coach het jammer dat De Kok niet eerder met de Japanse Tanabe haar tegenstandster in de halve finale had gevochten. “Was dat wel gebeurd, dan had ze nu zeker gewonnen.”

De Kok constateerde na afloop dat ze vooral blij was met feit dat ze zich weer met de wereldtop in haar gewichtsklasse heeft kunnen meten. En die medaille was daar, aldus de judoka, gewoon het gevolg van. Ze weet nog niet of ze met judoen doorgaat en zo ja voor hoe lang. Ze is 30 als de volgende Olympische Spelen wordt gehouden. “Meignan is 32 jaar”, vertelde Peter Ooms op fluistertoon. “Irene kan het aan. Ik hoop dat ze tot Atlanta doorgaat, maar ik denk het niet.”