Arm Chinees eiland plotseling in de ban van modernisering

Eens begonnen als een achterlijke strafkolonie van het oude keizerrijk, hoort de kleine provincie Hainan thans tot de modernste gebieden in China. De economie groeit er als nooit tevoren. Maar is dit nog wel socialisme?

HAIKOU, 29 JULI. Gevraagd of de Zuidchinese eilandprovincie Hainan nog socialisisch is, antwoordt de provinciale gouverneur Liu Jianfeng: “Wij hebben hier geen "-isme'. Wij passen flexibele methodes toe om ontwikkeling en modernisering te versnellen”. De woorden van de gouverneur demonstreren hoever het post-communistische tijdperk al gevorderd is in Zuid-China, met name op dit tropische, vogelvrije eiland dat door Noord-Chinezen wordt geregeerd, maar economisch tot de invloedssfeer van Hongkong behoort en geografisch een deel van tropisch Zuidoost-Azie met zijn internationaal Overzees Chinees handelsimperium is.

Als een strafkolonie van keizerlijk China en later een bestuurlijk aanhangsel van de provincie Guangdong werd Hainan generaties lang verwaarloosd, meer recentelijk omdat het onder de rook van de Indochinese oorlogen lag. Pas in 1988 werd het eiland ter grootte van België met 6,6 miljoen inwoners China's dertigste en kleinste provincie en tevens de grootste Speciale Economische Zone (SEZ).

“Wij zijn meteen bij het vestigen van de provincie een nieuw politiek systeem begonnen dat gekarakteriseerd wordt door de principes "kleine regering - grote samenleving' ”, aldus de 56-jarige Liu, die werd geboren in de Noord-Chinese havenstad Tianjin en voorheen professor was in de elektronica en vice-minister van de elektronische industrie.

Hainan vaardigt zijn eigen flexibele wetten uit en op terreinen waarop er lokale wetten zijn, gelden de meer socialistische wetten uit Peking niet. “Het economisch beleid van de SEZ Hainan kan als volgt worden opgesomd: drie maal laag en drie keer vrij: lage belastingen, lage landprijzen, lage arbeidskosten; vrij komen en gaan van personeel, vrij komen en gaan van buitenlanders en een vrije stroom van geld en goederen in en uit”. Dat laatste is heel gemakkelijk omdat de Hongkong-dollar de algemeen aanvaarde munteenheid naast de Chinese yuan is.

Hainan is de enige plaats in China waar buitenlanders, journalisten inbegrepen, zonder visum binnenmogen. De vrijheid is ook overal in het straatbeeld van de hoofdstad Haikou zichtbaar. In de stad die vijf jaar geleden nog een van de achterlijkste, meest verpauperde uithoeken van China was staan nu twee grote belastingvrije winkelcomplexen, waar men met Hongkong-dollars geïmporteerde luxe goederen kan kopen. Het wemelt van de kara-OK bars en nachtclubs, kapsalons hebben achterkamertjes voor massage en Haikou is de enige stad in China waar openlijk getippeld wordt.

Hainan heeft dan ook het imago van een vrijgevochten bende waar corruptie, misdaad en prostitutie hoogtij vieren. Gouverneur Liu betwist dat niet maar zegt dat je de dingen in perspectief moest zien: “Om historische redenen was de economie van Hainan zeer onontwikkeld, maar dat is sterk verbeterd. De sociale voorzieningen zijn de beste van China. De misdaadbestrijding is effectief en harde misdaad is sterk verminderd. De prostitutie is toegenomen sinds we onze deuren naar de buitenwereld openden, maar we pakken dat aan in de volgorde die Deng Xiaoping heeft voorgeschreven. Je neemt eerst de economische ontwikkeling ter hand en dan bestrijdt je de negatieve bij-effecten, maar je kunt dit niet helemaal en voor eens en voor altijd oplossen”.

Wat de gouverneur niet vertelt, is dat prostitutie niet het gevolg is van Hainans opening naar Hongkong en de rest van de vrije wereld, maar juist naar het Chinese vasteland. Er is een vrije stroom van mensen van het vasteland naar Hainan, niet alleen van ingenieurs en ander hooggeschoold personeel waaraan Hainan een groot tekort heeft, maar vooral van avontuurlijke vrouwelijke tieners uit alle naburige provincies, die in "vrij Hainan' zoeken wat thuis riskant is wegens de veel scherpere politie-controle.

Wat voor orthodoxe socialisten negatief is, valt echter in het niet vergeleken bij het positieve. Haikou, het slapende gat van weleer, heeft zich in drie, vier jaar tijd tot een verbazingwekkende boom town ontwikkeld waar het aantal nieuwe wolkenkrabbers en bouwputten niet te tellen is. Behalve de vele nieuwe, goed ogende kantoorgebouwen op verschillende plaatsen in de stad is er een compleet nieuwe zakenwijk, de "Binhai Bank- en Handelszone' in aanbouw met 170 gebouwen, waarvan er 35 hoger zijn dan 20 verdiepingen. Het hoogste gebouw is de Nanyang (Zuidzee) Bank uit Hongkong. Dan is er ook nog de "Hongkong & Macao Internationale Industriezone' met een wetenschaps- en technologiedorp en de "Jinpan Industriele Ontwikkelingszone' met een Amerikaans industriedorp van 150.000 vierkante meter fabrieksgebouwen.

De meest bloeiende sector in de lokale economie is echter die van het onroerend goed. De inspiratie en een belangrijk deel van de investeringen komen uit Hongkong, maar er zijn al meerdere lokale onroerend goed-magnaten. Een van hen is Lin Ruijun van de Hainan Pearl River Enterprises Co. Ltd. Zijn firma bouwt onder meer hotels, kantoorgebouwen, een vliegveldverkeerstoren, Spaanse villa's en wooncomplexen in de stijl van Hongkong over het hele eiland.

Hoe heeft het zo snel kunnen gaan en waar hebben ze het geleerd? Er bestond tot voor kort toch helemaal geen onroerend goed-markt in China? “De ontwikkeling van de onroerend goed-markt was een vereiste voor het verder gaan van de economische hervormingen. We hebben het geleerd door zelfstudie. De onroerend goed-sector is zo aantrekkelijk omdat hij zo winstgevend is”, zegt Lin. Als er de Chinezen iets in het bloed zit is het wel snel rijk worden door onroerend goed-transacties en speculaties. Lin is geboren in Ningbo, een historisch handelscentrum ten zuiden van Shanghai. Hij kwam naar Hainan omdat het beleid hier het meest preferentiële van heel China is. Lin zegt dat de prijzen redelijk laag worden gehouden zodat de markt zich verder kan ontwikkelen. De verkoopprijzen varieren van 2.000 tot 3.000 yuan per vierkante meter (Fl. 650,- tot fl. 1.000,-).

De hoge graad van autonomie in Hainan betekent niet dat Peking het eiland volledig op hol zal laten slaan. In maart werd in Haikou een beurs geopend, zonder goedkeuring vooraf van de centrale regering. Peking beval opschorting van operaties, maar gouverneur Liu nam een afwachtende houding aan. Hij zei dat hij de volledige verantwoordelijkheid zou nemen als er iets mis zou gaan. Zo geschiedde. Eind april vloog vice-premier Zhu Rongji persoonlijk naar Haikou om er een eind aan te maken. “Hij mepte ons plat als een vlieg”, zei een van de beurs-initiatoren.

Wat is de situatie nu? Gouverneur Liu geeft toe dat Hainan te hard van stapel is gelopen, nadat de centrale regering begin dit jaar het intern uitgeven van aandelen binnen bedrijven goedkeurde. Hainan was meteen een beurs met noteringen begonnen waarbij de effecten-transacties per computer plaatsvonden. Het waren echter geen industrie-aandelen, maar drie onroerend goed-fondsen, hoofdzakelijk voor speculatieve doeleinden. Die mogen nu aan de wel officieel goedgekeurde beurs van Shenzhen, de SEZ ten noorden van Hongkong, genoteerd worden. “We moeten eerst leren van de succesvolle ervaringen in Shenzhen en Shanghai (China's twee erkende beurzen) en andere landen en dan een stapsgewijze plan volgen”, zo zegt Liu.

Hainans ontwikkeling sinds het midden van de jaren tachtig is zeer wisselvallig geweest. In 1983 kreeg het eiland op voorspraak van de toenmalige premier Zhao Ziyang speciale bevoegdheden om de ontwikkeling te versnellen, onder andere belastingvrije in- en uitvoer. Wat gebeurde er? Als rasechte piraten, die zij van oudsher zijn, importeerden de Hainanezen belastingrvrij 89.000 luxe auto's, miljoenen televisie-toestellen, video-recorders en andere zaken en verkochten die met zeer hoge winsten op het vasteland, waar hoge tarieven gelden.

De eerste zeepbel van snelle rijkdom barstte echter en Hainan zakte terug in zijn tropische lethargie en verwaarlozing. In 1988 begon de tweede hoogtij-periode met de verlening van de dubbele status van aparte provincie en speciale economische zone. Er zou zelfs een complete, aan buitenlanders te verpachten vrijhandelszone aan de noordwestkust in Yangpu komen. Hainans ambities kenden geen grenzen meer. Het zou de industriële macht van Taiwan gaan evenaren, de financiële reikwijdte van Hongkong en de toeristische attractie van Hawaii.

Toen kwam echter "keerpunt 1989'. Na de militaire onderdrukking van het studentenverzet werd de liberale partijleider Zhao Ziyang, de pleitbezorger van Hainan in Peking, afgezet en een maand later volgde het ontslag wegens corruptie van Zhao's vriend, Liang Xiang, de gouverneur van Hainan. Hij was het eerste slachtoffer in wat het begin van een systematische campagne leek om het zuidelijke kapitalisme aan banden te leggen. Tot voorjaar 1991 werd die campagne gevreesd, maar het kwam niet zover. De orthodoxe marxisten concentreerden al hun verzet op het blokkeren van het verpachten van een vrijhandelszone aan buitenlanders, maar sinds de "Blitz' van Deng Xiaoping naar het zuiden afgelopen voorjaar is ook dat verzet opgegeven. Sindsdien heeft Hainan de wind van vrijheid weer volledig in de zeilen.