Opnieuw kritiek op werkwijze Landbouw; Over een "intern documentje' wil Joustra weinig kwijt

DEN HAAG, 28 JULI. Belangrijke beleidszaken blijven bij het ministerie van landbouw, natuurbeheer en visserij te lang op een te laag niveau hangen. De ambtelijke top van het departement heeft daardoor nauwelijks andere sturingsmogelijkheden dan in de laatste fase van een beleidsproces ja of nee te zeggen tegen bepaalde plannen.

Dat concludeert het adviesbureau W.L. de Galan Groep in Bussum. Het bureau heeft op verzoek van het ministerie de totstandkoming van het voor Landbouw zo belangrijke Structuurschema Groene Ruimte geëvalueerd. Het is de tweede keer in korte tijd dat Landbouw kritiek krijgt op het eigen functioneren. In mei hekelde een commissie van onafhankelijke deskundigen onder leiding van oud-minister Kroes het departement. Een van van de conclusies van haar commissie luidt dat de ambtelijke top te weinig met de rest van het ministerie communiceert. (De commissie-Kroes werd vorig najaar door de minister ingesteld na berichten over afluisterpraktijken en intimidatie op het departement.)

De secretaris-generaal van het ministerie, mr. T.H.J. Joustra, erkent het bestaan van het onderzoek van De Galan, maar wil er weinig over kwijt omdat het om een “intern documentje” gaat. Joustra zegt niet te weten hoe het komt dat beleidszaken “te lang op een te laag niveau” blijven hangen. Wel zegt hij dat de opstelling van het structuurschema Groene Ruimte door dit manco in de organisatie van het departement “te lang heeft geduurd”. Het structuurschema, waar Landbouw volgens eigen zeggen nu ruim anderhalf jaar aan werkt, zal volgens de huidige planning eind september worden gepresenteerd. In het structuurschema wordt aangegeven hoe landelijk Nederland er de komende twintig jaar moet gaan uitzien. Het schema vormt de ruimtelijke uitwerking van een groot aantal nota's en plannen die het ministerie de afgelopen jaren produceerde. Uit uitgelekte concepten van het structuurschema blijkt ondermeer dat Landbouw plannen heeft voor grootschalige moerasvorming in Zuid- en Noord-Holland, de kop van Overijssel en Friesland.

Volgens Joustra liggen de conclusies van De Galan “niet in het verlengde” van de conclusies van de commissie-Kroes. Landbouw had De Galan om een evaluatie gevraagd nadat was gebleken dat de totstandkoming van het structuurschema vertraging ondervond. Volgens het rapport van De Galan vinden veel medewerkers van Landbouw het zeer frustrerend dat de top van het ministerie te laat bij beleidszaken betrokken raakt.

Het onderzoek van De Galan is onlangs aan de orde gekomen in een van de gesprekken tussen secretaris-generaal Joustra en een groep van dertien “verontruste ambtenaren”, een groep die zich spontaan en op ad hoc-basis heeft geformeerd naar aanleiding van het rapport-Kroes en uitlatingen van Joustra over dat rapport. De ambtenaren maken op persoonlijke titel deel uit van de groep.

Volgens een van de leden van de groep “is er op hoog ambtelijk niveau een te late bemoeienis en daardoor een te geringe besluitvaardigheid”. De uitkomst van het rapport De Galan komt volgens hem niet echt als een verrassing. Een van de leden van de groep zegt dat met de secretaris-generaal is besloten “dat het zinnig is dat er meer contacten tussen top en basis” komen. “Er moet meer commitment komen van alle twee de kanten, niet alleen van de top.”

De VVD-er P. Blauw, voorzitter van de Vaste Kamercommissie voor landbouw, is niet van het rapport-De Galan op de hoogte maar ziet toch geen reden het functioneren van het ministerie andermaal in de Kamer aan de orde te stellen. “We hebben net tijdens de behandeling van het rapport-Kroes toegezegd gekregen dat we elk jaar bij de begroting een jaarlijkse rapportage over de voortgang krijgen toegezonden”, aldus Blauw. “Daar past dit in.”