EG en VN

DE SECRETARIS-GENERAAL van de Verenigde Naties, Boutros Boutros Ghali, wordt in de circuits van de diplomatieke achterklap kleingeestigheid verweten.

De man zou meer zijn geïnteresseerd in zijn persoonlijke prestige dan in het wel en wee van de burgers van Bosnië. Heeft hij niet op grond van zeer formele argumenten geweigerd blauwhelmen ter beschikking te stellen om de door de strijdende facties aldaar in te leveren zware wapens te beheren? En strekte die weigering zich niet zelfs uit tot een toestand waarin daadwerkelijk een bestand in acht zou worden genomen? In plaats van de Europese Gemeenschap dankbaar te zijn voor haar bemiddeling kwam deze hoogste ambtelijke functionaris van de VN met een berisping aan het adres van de EG en aan dat van zijn eigen bazen in de Veiligheidsraad.

De EG blijft in de Joegoslavische crisis bemiddelen tegen de klippen op. Voor die volharding zou bewondering kunnen worden opgebracht, ware het niet dat niet alleen successen uitblijven, maar dat de bemiddeling de agressie steeds weer bevordert, vanzelfsprekend ongewild. Zo speelt het jongste Britse initiatief om niet langer over een bestand te spreken, maar rechtstreeks met partijen te onderhandelen over de toekomstige verdeling van het voormalige Joegoslavië over de verschillende etnische groepen de sterkste partijen gevaarlijk in de kaart.

Iedere dag dat het geweld voortduurt, komt de ondergang van de Bosnische moslimmeerderheid dichterbij. Praten over een status quo post dreigt onder die omstandigheden uiteindelijk uit te lopen op stilzwijgende aanvaarding van het verdwijnen van het etnisch en cultureel oorspronkelijk zo verscheiden Bosnië-Herzegovina van de Europese kaart. Europa's weigering de Bosnische vluchtelingen op te vangen in een doorzichtige poging om de Servische, en de Kroatische, plannen toch nog te dwarsbomen zal de tragedie slechts vergroten.

GEZIEN DE brokken die met de Europese aanpak van de Joegoslavische crisis tot dusver zijn gemaakt, is het begrijpelijk dat Boutros Ghali de interventie van de Volkerenorganisatie zo veel mogelijk daarvan wil isoleren. En van zijn opdrachtgevers in de Veiligheidsraad eist de secretaris-generaal verruiming van de middelen zodra zij het mandaat van de vredesmacht willen uitbreiden. In een dergelijke houding valt niet de kleingeestigheid te bespeuren van iemand die zijn eigen aanwezigheid wil onderstrepen. Veeleer gaat het om een zakelijke confrontatie met de werkelijkheid die Boutros Ghali het politieke opportunisme van het grote gebaar en de kleine daden opdringt.

De secretaris-generaal heeft nu de verlangde luchtbrug naar het eveneens door burgeroorlog geteisterde Somalië gekregen. Daarmee is het evenwicht in de internationale hulpvaardigheid enigszins hersteld, maar het fundamentele vraagstuk waarmee de Volkerenorganisatie kampt niet opgelost. Willen de VN tot een structureel paraat en doeltreffend mechanisme voor het handhaven en herstel van de vrede uitgroeien dan zullen de lidstaten daarvoor het fundament moeten leggen, de rijke geïndustrialiseerde landen als eerste. Met deze secretaris-generaal zou een dergelijk initiatief niet zonder resultaat hoeven te blijven.