Volleyballers relativeren nederlaag

BARCELONA, 27 JULI. In de dagdroom over Olympisch goud heeft de Nederlandse volleybalploeg vrijwel onbeperkt zelfvertrouwen. Na afloop van de verloren openingswedstrijd tegen Cuba (1-3) liepen de internationals rond, alsof ze erg goed bezig waren geweest.

Volgens pamfletten in Barcelona was 26 juli de dag van internationale solidariteit met Cuba. Misschien hadden de lange mannen van Oranje ze ook gelezen, want ze leken hun Caribische tegenstanders de zege wel te gunnen. Het belang van de wedstrijd mocht van coach Arie Selinger vooraf niet worden overschat. Het maakte hem weinig uit of Nederland eerste of vierde in groep B zou worden, vertelde hij steeds.

De commentaren na afloop waren vrijwel inwisselbaar. Zoodsma zei dat de scherpte nog ontbreekt, Blangé meldde dat Nederland twee weken geen duel heeft afgewerkt en nog een paar groeistuipjes moet krijgen. In feite is de tijd voor zorgelijke gezichten nog niet aangebroken. Van beide groepen gaan vier landen naar de kwartfinales, die worden afgewerkt volgens het knock out-systeem. Een van A speelt tegen twee van B, enzovoorts. Met Algerije en Zuid-Korea (komende dinsdag) als zwakkere tegenstanders, gaan de Nederlanders er vanuit dat ze door die twee landen te verslaan de laatste acht zullen bereiken. Blangé: “Vervolgens zullen we drie keer op rij moeten winnen om Olympisch kampioen te worden.” Zo simpel is dat.