Giorgio was een 22-jarige metselaar uit Cutro, ...

Giorgio was een 22-jarige metselaar uit Cutro, een plaatsje in het zuiden waar trouw aan de familieclan nog een levensvoorwaarde is. Toen hij bij een oom in het noordelijke Parma logeerde werd hij verliefd op Elena, een 21-jarige Sardijnse.

Terug in Cutro nodigde Giorgio Elena uit om met zijn ouders kennis te maken. Hijzelf ging een keer op bezoek in Sardinië. Spoedig daarna besloten de twee gelieven te gaan samenwonen. Zoals niet ongebruikelijk is in het zuiden, trok Elena bij de familie van Giorgio in. Iedereen leek de jonge liefde te aanvaarden. Geen van de broers, neven en ooms die in de familieclan bepalen wat wel of niet gebeurt gaf althans uiting aan enig bezwaar. Elena werd gegroet, ze kon aan tafel aanschuiven en de vrouwen van de familie betrokken haar bij hun voortdurend geklaag over mannen, ziektes en het onvermogen van de pastoor om Maria tot het doen van wonderen te bewegen.

Maar achter die vriendelijkheid ging een grote ergernis schuil. De familie was niet van plan te aanvaarden dat Giorgio zonder overleg een vrouw uit een vreemde streek had gekozen. In het diepste geheim nam een delegatie van de mannen contact op met de familie van Giovanna, een volbloed Calabrese. Ze kwamen overeen dat Giorgio met Giovanna zou trouwen. Giorgio's vader, moeder, broers, ooms en neven verklaarden zich gezamelijk garant voor het nakomen van deze overeenkomst.

Om gezichtsverlies en de eeuwige woede van Giovanna's familie te voorkomen, was Giorgio's clan vervolgens verplicht de verliefde metselaar van zijn Elena te scheiden. Als dat eenmaal gebeurd was, zou Giorgio de macht van de familie hebben erkend en zou hij zich tegen een huwelijk met Giovanna niet meer kunnen verzetten. Giorgio kreeg echter lucht van de samenzwering en nog voordat de mannen van de familie iets konden doen was hij spoorloos met Elena verdwenen. Het tweetal ging naar Parma, waar een oom en tante van Giorgio woonden die de oude clantradities uit de tijd vonden en daarom tijdelijk onderdak verschaften.

Nadat een discussie over wat verder moest gebeuren enkele weken had geduurd, besloot de oom eens naar Cutro op te bellen. Hij dacht dat hij de familie daar er wel van kon overtuigen dat Giorgio het recht had zijn eigen vrouw te kiezen. Maar hij kreeg geen poot aan de grond.

's Avonds zaten oom, tante, Giorgio en Elena somber bij elkaar toen met veel lawaai drie auto's vol broers, ooms en neven voor de deur stopte. De mannen stormden het huis binnen, grepen Giorgio, smeten hem achter in een auto en scheurden met gierende banden terug naar het 1100 kilometer zuidelijker gelegen Cutro.

Oom en tante waren verbijsterd, Elena barstte in tranen uit. Maar een buurman van de overkant die had gezien hoe Giorgio met geweld was meegenomen, belde de politie om een ontvoering te melden. Dadelijk klonken sirenes van politieauto's die tijdig de uitvalswegen wilden afsluiten. Maar de broers, ooms en neven waren niet te stoppen. Ze veroorzaakten een aanrijding met een oude dame, en reden door. Ze botsten op elkaar, maar gunden zich geen tijd om de schade te bekijken. Ze verdwenen in het duister met de aan Giovanna's familie toegezegde bruidegom.

In Parma vertelden oom, tante en Elena de politie wat de reden van de ontvoering was. De huilende Elena kreeg te horen dat Giorgio's familie zeker wegens ontvoering vervolgd en gestraft zou worden. Voor de realisering van haar wens dat zij Giorgio terug zou krijgen zag echter niemand een sprankje hoop.