Resultaten van top Madrid bescheiden

MADRID, 25 JULI. De Ibero-Amerikaanse top in Madrid is gisteren afgesloten met een verklaring waarin staatsgrepen in al hun vormen worden veroordeeld en de parlementaire democratie de enige manier wordt genoemd om interne problemen op te lossen. Hiermee heeft de vergadering van Spanje, Portugal en hun voormalige koloniën in Latijns-Amerika een onverwacht scherpe terechtwijzing uitgedeeld aan tenminste twee van haar leden. Aan de in Madrid afwezige president Fujimori van Peru en aan Fidel Castro, die er wel bij was.

Voor de Cubaanse leider is het verblijf in de Spaanse hoofdstad op een teleurstelling en in sommige opzichten zelfs op een vernedering uitgelopen. Hij werd door de meeste van zijn collega's genegeerd en er waren ook geen grote menigten op de been om hem toe te juichen. Zijn gastheren, koning Juan Carlos en premier Felipe Gonzalez, gingen zelfs zover om de Peruaanse schrijver Mario Vargas Llosa, die speciaal naar Madrid was gekomen om een bijeenkomst tegen Castro toe te spreken, uit te nodigen voor de officiële ontvangst ten paleize. Gistermiddag vroeg een hoge functionaris van de Cubaanse televisie, die was meegereisd om het bezoek van Castro vast te leggen, politiek asiel in Spanje aan. Vorige maand had het hoofd van de veiligheidsdienst van de Cubaanse ambassade in Madrid hetzelfde gedaan.

In het licht van deze gebeurtenissen heeft Castro gisteren besloten het programma van zijn bezoek aan Spanje drastisch in te korten. In plaats van een dag gaat hij maar een halve dag naar de Expo in Sevilla. Zijn vierdaagse bezoek aan Galicië, waar hij zou worden rondgeleid door de regionale president Manuel Fraga, is tot de helft teruggebracht en vrijwel alle bijeenkomsten buiten Santiago de Compostela zijn afgelast. Volgens een officiële verklaring zou dit om veiligheidsredenen zijn gebeurd.

De Ibero-Amerikaanse top heeft voor het overige bescheiden resultaten gehad. De deelnemers gingen akkoord met een aantal gezamenlijke projecten op het gebied van onderwijs, wetenschap en communicatie die al in het vooroverleg waren uitonderhandeld. Spanje maakte van de gelegenheid gebruik om bilaterale handelsovereenkomsten te tekenen met onder andere Brazilië, maar ging niet in op verzoeken op concrete steun bij het afbreken van de tariefmuren die de EG tegen buitenlandse producenten heeft opgericht. Premier Gonzalez hield zich bijvoorbeeld doof voor de vraag van de acht bananenproducerende landen om af te zien van extra heffingen voor dit produkt. In de slotverklaring wordt overigens wel gepleit voor een liberalisering van de internationale handel en het openen van nieuwe markten.

De bijeenkomst had een extra feestelijk karakter moeten dragen omdat het dit jaar vijf eeuwen gelden is dat Amerika werd ontdekt. Opvallend was echter de zorgelijke teneur van de meeste bijdragen aan het debat, dat steeds weer terugkwam op de schuldencrisis en het probleem van de chronische armoede.

Het ligt in de bedoeling de Ibero-Amerikaanse banden in de toekomst nog nauwer aan te halen en de topconferentie tot een jaarlijks weerkerende gebeurtenis te maken. In Madrid was echter af en toe pijnlijk duidelijk dat het gastland, en in mindere mate Portugal, wel culturele overeenkomsten voelt maar ook andere belangen heeft dan de Latijns-Amerikaanse landen. In dit gezelschap bleken Spanje en Portugal opeens rijke, noordelijke landen.