Reacties Fokker-akkoord zijn overwegend positief; Onderzoeksinstituten tonen zich gematigd positief

ROTTERDAM, 25 JULI. Vertegenwoordigers van Nederlandse onderzoeksinstituten die bij vliegtuigbouw zijn betrokken toonden zich gisteravond gematigd positief over de overname van Fokker.

Dr.ir. B.M. Spee, algemeen directeur van het Nationaal Lucht- en Ruimtevaartlaboratorium (900 werknemers), vindt het zeer geruststellend dat Fokker binnen het segment "65 tot 130 zitters' zelfscheppend zal blijven en dat de onderneming vrij blijft in de keuze van de technisch-wetenschappelijke ondersteuning. “Al is het begrip zelfscheppend natuurlijk onduidelijk.” Het NLR wil op korte termijn van overheid en Fokker horen wat er in de nieuwe situatie van het laboratorium wordt verwacht. Ook zal men snel contact zoeken met Dasa zelf en de DLR, de Duitse pendant van het NLR, waarmee al lang wordt samengewerkt. De Duits-Nederlandse Windtunnel in de Noordoostpolder wordt door NLR en DLR gezamenlijk beheerd.

Prof.dr.ir. J.L. van Ingen, dekaan van de faculteit luchtvaart- en ruimtevaarttechniek van de TU Delft, heeft de slotfase van de onderhandelingen in toenemende somberheid ondergaan, maar is toch redelijk positief over de afspraken die Andriessen heeft weten te maken over de positie van Fokker in het segment 65-130 zitters. Vorige week schreven negen hoogleraren van de Delftse faculteit, "gedreven door grote ongerustheid', in een open brief aan Andriessen dat mèt de zelfstandigheid van Fokker het bestaansrecht van het NLR, de faculteit vliegtuigbouw in Delft en de studierichting vliegtuigbouw van de Hogeschool Haarlem zou verdwijnen. Nu toont Van Ingen zich minder ongerust. “Maar we zullen de bedongen zelfstandigheid van Fokker met zijn allen moeten uitbuiten.”

Dr. C. le Pair, directeur van de Stichting voor de Technische Wetenschappen (STW), net terug uit de VS, vindt het jammer dat Fokker (een deel) van zijn zelfstandigheid moet prijsgeven. “Fokker heeft een geweldige prestatie geleverd. Ik sprak vertegenwoordigers van de NASA die hoog opgaven van Fokkers lijmtechnologie en aerodynamische ontwerpteam.” STW steunt met overheidsgeld de samenwerking tussen universitaire en industriële onderzoekers. Projecten van Fokker hoeven door de nieuwe status van de onderneming niet in gevaar te komen.

Voor de weinige industriële ondernemingen in Nederland die substantieel toeleveren aan Fokker heeft de overname door Dasa weinig consequenties. De meeste zijn niet strict op Fokker aangewezen. De produktgroep UCN Aerospace van ultracentrifuge-fabrikant UCN in Almelo ziet de toekomst met vertrouwen tegemoet. UCN Aerospace levert apparatuur voor de druk- en temperatuurregeling van de Fokker 100 en doet dat, volgens een woordvoerder, tegen zo scherpe prijzen dat buitenlandse concurrentie bij een mogelijke levering voor de Fokkers 70 en 130 niet wordt gevreesd.

Directeur F.B. Bruns van Ten Cate Advanced Composites was steeds voorstander van een fusie tussen Fokker en Dasa. Ten Cate levert (niet-dragende) vlakke platen van moderne composietmaterialen voor de Fokkervliegtuigen, maar ook al, en dan wel dragend, voor de Dornier 328 van Dasa.

TOPPS (Turbin Overhaul Power Plant Support) in Tilburg, dat de Pratt & Whitney PW125B motoren voor de Fokker 50 assembleert, was gisteren niet voor commentaar bereikbaar. Juist de assemblagelijn van TOPPS zou door het beëindigen van de produktie van de Fokkker 50 in gevaar komen.