Generaal Lebed is een held en wil dat weten

TIRASPOL, 25 JULI. Generaal-majoor Aleksandr Lebed houdt niet van gesteven uniformen waarop je je "plankje' met onderscheidingen kunt prikken. De generaal-majoor gaat liever in gevechtstenue door het leven. Zo'n ruimvallend camouflagepak met open kraag en blauwgestreept mariniershemd, het petje laag op de kruin, waaronder zijn hoofd nog angstaanjagender kan afsteken. Zeven bodyguards, die hem permanent omringen, in dezelfde kleding maar met een nog intolerantere blik in de ogen, maken het beeld af. Er is hier op het centrale plein van Tiraspol geen misverstand mogelijk: de generaal-majoor is een held en is zelf de laatste om dat te ontkennen.

Lebed is sinds een maand commandant van het veertiende leger, de Russische troepen in het sinds augustus vorig jaar "onafhankelijke' Moldavië. Lebed is door president Boris Jeltsin naar Tiraspol (de hoofdstad van de afgescheiden Dnjestr-republiek, waar het merendeel van de Russische krijgsmacht is gelegerd) gestuurd om er strikt "neutraal' orde op zaken te stellen. Een getructe manoeuvre van de president. Lebed was immers de man die op 20 augustus vorig jaar met zijn tanks van de Tulskaja-divisie partij koos voor de Russische regering van Jeltsin en dus tegen zijn eigen Sovjet-minister van defensie, maarschalk Dmitri Jazov, een van de stevigste drinkers uit de junta, die een dag later roemloos aan wodka en besluiteloosheid ten onder zou gaan.

Lebed zou dat gedaan hebben op bevel van generaal Pavel Gratsjov, die in die eerste dagen van de mislukte coup de kat wat uit de boom wilde kijken en daarom Lebed vooruit stuurde om de sfeer te kunnen peilen. Wellicht dat Lebed ook een persoonlijk motief had. Tijdens zijn verkiezingscampagne voor het presidentschap een jaar geleden had kandidaat Jeltsin namelijk een uitvoerig bezoek gebracht aan de paratroopers uit Tula en de mannen daar voor de gelegenheid met complimenten en concessies overladen. Die visite bleek zich nog geen tweeënhalve maand later te lonen. Sindsdien mag Aleksandr Lebed door het leven als de "Verdediger van het Witte Huis'. Dat alleen al biedt hem het aureool van democraat en ontslaat Jeltsin dus van de verplichting om een en andere nader uit te leggen.

Maar Lebed heeft daarover niettemin zo zijn eigen opvattingen. Hij is in de allereerste plaats een vechtjas, een Afghanistan-veteraan die een broertje dood heeft aan al die pennelikkers die de bureaus van de staven van het ministerie van defensie bevolken, en bovenal een Rus die absoluut niet wil of kan begrijpen dat de andere volkeren uit de voormalige Sovjet-Unie het sinds de formele ondergang van het communisme in de allereerste plaats op zijn “grootste natie” hebben gemunt.

Lebed was nog geen week in Tiraspol of hij wist al hoe de vork in Moldavië in de steel zat. Wat er langs de Dnjestr aan de hand is, laat zich alleen maar vergelijken met de bevrijdingsoorlog op de Duitsers. “Over dit gezegende land is de schaduw van het fascisme neergedaald.” Natuurlijk, “president Mircea Snegur is een wettig gekozen president. Maar op de golven van de nationale euforie organiseert zijn fascistische kliek nu een fascistische staat.”

Dat Lebed daartegen een “duidelijke positie” wenst in te nemen, laat zich raden. Al die afspraken over wapenstilstand, die met de regelmaat van de klok aan het publiek kond worden gedaan kunnen hem dan ook niet bekoren. “Staakt-het-vuren? Dat is slechts een bedrieglijke stilte.”

We ontmoeten generaal-majoor Aleksandr Lebed voor het Huis van de Sovjets in Tiraspol. Er zijn net besprekingen gevoerd over een nieuwe wapenstilstand, die een paar dagen later in het Kremlin zullen worden afgerond met het zoveelste akkoord tussen Jeltsin en Snegur.

Waarover gingen de onderhandelingen, generaal majoor? “Over de vrede natuurlijk.”

Maar u hebt gezegd dat Snegurs regering bestaat uit een bende fascisten?

“Dat vind ik nog steeds.”

Tegen fascisten moet je toch compromisloos optreden?

“Wacht maar af.”

Bent u zo kortaf wegens het spreekverbod dat Moskou u onlangs heeft opgelegd?

“Nee. Ik ben een vrije kater.”

En weg is Lebed. “De honden blaffen, maar de karavaan gaat voort.” Ziedaar de realiteit in het Rusland der warlords.