William S. Burroughs in de slechtste van alle werelden; De menselijke natuur moet bestreden worden

In 1959 pleegde William S. Burroughs een bomaanslag op de literatuur met zijn roman "Naked Lunch'. De schrijver en het boek vielen niet in de gemiddelde smaak: Burroughs was een lelijke, homoseksuele ex-junk en in zijn roman wordt het leven bepaald door misdaad, perversie, machtswellust en verslaving. "Naked Lunch' werd officieel verboden maar Burroughs werd een cultheld van de jeugd. Volgende week gaat de film in première die naar het boek gemaakt werd.

Hoe noem je iemand die zacht en zelden spreekt, er van jongs af aan als een opgewarmd lijk uitziet, een warme liefde voor vuurwapens koestert, in 1944 na een aantal afgebroken studies aan een vijftienjarige loopbaan als junkie begint, als overtuigd homoseksueel samen met een aan amfetamines verslaafde vrouw neerstrijkt op een boerderij in Texas om marihuana te verbouwen, een kind bij haar verwekt, en haar tenslotte per ongeluk (door dronkenschap mislukte Wilhelm Tell-stunt) op een feestje door het hoofd schiet, vervolgens een half jaar lang door de Zuidamerikaanse jungle reist op zoek naar een Indiaans hallucinogeen middel, naar Tanger verhuist vanwege de vrije zeden en de goedkope morfine, en ervan overtuigd raakt dat er een samenzwering tegen de mensheid gaande is om haar te knechten door middel van drugs en seks, dat liefde een uitvinding van vrouwen is om mannen er onder te houden, en daarom pleit voor de volledige scheiding der seksen en het mechaniseren van de menselijke voortplanting, en ondertussen boeken schrijft waarin aan de lopende band mensen worden opgehangen, doodgeschoten, gewurgd en gevild of sterven door toedoen van onsmakelijke ziektes of sadistische chirurgen, dit alles niet zelden begeleid door gejuich en hoongelach, hoe noem je zo iemand?

Veel mensen zouden het een griezel noemen, anderen misschien een gevaarlijke gek; of natuurlijk William S. Burroughs.

Deze 76-jarige Amerikaanse schrijver geldt al decennia lang als de peetvader van de underground. Hij werd gezien als een voorman van de Beatgeneration, was een cultheld voor de opstandige jeugd van de jaren zestig, werd als beschermheilige onthaald door de New-Yorkse punkscene en kan nu rekenen op bewondering en verering als holy monster van de techno-underground.

Het begon allemaal in 1959. In dat jaar verscheen zijn roman Naked Lunch, een bomaanslag op de literatuur. Het boek bleef tot een uitspraak van het Amerikaans Hooggerechtshof in 1966 officieel gelden als een verboden, want obsceen en pornografisch werk. Het boek maakte van Burroughs op slag een Beruchtheid. Maar hij benutte zijn succès-de-scandale niet om een gevestigde figuur in de Amerikaanse letteren te worden. Hij hield zich afzijdig, bleef mediaschuw en volhardde in zijn literaire extremisme. In zijn werk is hij altijd op voet van oorlog gebleven met wat als normaal, beschaafd, smaakvol en artistiek of intellectueel verantwoord kan worden aangemerkt.

Ondanks de tegenstand van een aantal literaire mandarijnen werd hij in 1983 verkozen tot lid van de American Academy and Institute of Arts and Letters, hoofdzakelijk dankzij het virtuoze gelobby van een oude vriend, Allen Ginsberg. Burroughs accepteerde de uitnodiging, maar behield zijn afstand, wetende dat veel leden van de Academy twintig jaar eerder nog van mening waren geweest dat hij achter de tralies hoorde. Vandaar dat hij het kortste dankwoord in de geschiedenis van de Academy uitsprak: Thanks.

Verstikkend

Dat Burroughs is bijgezet in het pantheon van de Amerikaanse letteren is hoofdzakelijk te danken aan de faam van Naked Lunch, dat volgens de literair-historische canon met Ginsbergs Howl en Kerouacs On the Road tot de belangrijkste werken uit de jaren vijftig hoort. Toch heeft Burroughs' meeste werk maar weinig uit te staan met dat van de Beat-generation.

De afkeer van het verstikkend normale Amerika van vlak na de Tweede Wereldoorlog waar Kerouac en Ginsberg door gedreven werden, leidde hen naar het idee van een twintigste-eeuwse goede wilde, voor wie een zwervend bestaan gewijd aan spirituele openbaringen, muziek, gedichten, vriendschap en erotiek het alternatief voor alle bekrompenheid was. Hun artistieke visie had een hoog gehalte aan romantische somberheid, en dat dreef hen al snel in mystieke richting; een hele generatie schrijvers en dichters werd boeddhist.

Burroughs kende Kerouac en Ginsberg en maakte jarenlang deel uit van dezelfde bent. Hoewel ook hij van de Amerikaanse Normaliteit walgde en haar als hipster de rug toekeerde, deed hij dat op andere termen dan Ginsberg en Kerouac, en in een heel andere richting.

Burroughs was afkomstig uit een oersaai en oerdegelijk upper middleclass gezin in St. Louis, nazaat van de verarmde uitvinder en fabrikant van de Burroughs Adding Machine. Zijn voorkomen en interesses werden van jongsaf ongezond gevonden. Zijn geslotenheid, intellectuele nieuwsgierigheid en vroeg vaststaande homoseksualiteit maakten hem tot de klassieke misfit.

Burroughs was beduidend ouder dan Kerouac en Ginsberg en hun kameraden, hij zag niets in hun lifttochten van kust naar kust, hun interesse in oosterse filosofie en religie. Ook koesterde hij geen literaire ambities, zoals zijn vrienden. Zijn breuk met de burgerlijke maatschappij was regelrechte desertie. Hij bond zich aan de New-Yorkse schemerwereld, die werd bevolkt door kleine criminelen, drugsverslaafden, prostitutie, seksuele paria's en andere on-burgers. In 1944 raakte hij verslaafd aan morfine en daarmee was zijn lot bezegeld. Hij leefde in een ander Amerika, een andere werkelijkheid die werd beheerst door de onvermurwbare wetten van lichamelijke afhankelijkheid, de ritmes en regels van de onderwereld, het onzekere leven aan gene zijde van de wet.

Van dat leven deed hij verslag in brieven aan Ginsburg die hem ertoe aanzette het materiaal te bewerken tot een boek. Dat werd in 1952 als non-fictie reportage uitgegeven onder de titel Junkie. Burroughs moest vluchten voor de wet, uit Texas, vervolgens uit Mexico en Panama en kwam in 1953 terecht in Tanger, Marokko. Daar kreeg hij na enkele jaren genoeg van het junkiebestaan en begon een reeks pogingen om af te kicken. Uiteindelijk vond hij baat bij de omstreden therapie van de Engelse dokter Dent, die verslaafden een chemische variant van morfine toediende, apomorfine, die de stofwisseling zou reguleren en de honger van het lichaam naar heroine, alcohol of barbituraten doen verdwijnen. Burroughs keerde uit Londen terug naar Tanger, voor het eerst in vijftien jaar clean.

Uit de brieven, verhalen en notities van die periode ontstond Naked Lunch, dat na allerlei omzwervingen verscheen bij de Parijse avantgarde en porno-uitgeverij Olympia Press. Burroughs vestigde zich in datzelfde jaar in Parijs en had zijn leven als junkie nu definitief ingeruild voor dat van schrijver. Hij was 43 jaar oud.

Interzone

Naked Lunch is een hybride boek. Het is een nauw op elkaar aangesloten netwerk van verhalen, fantasieën, tirades, dagboeknotities, parodieën en satirische kolder. Sommige hoofdstukken tellen maar enkele pagina's, andere tien of 25.

Het boek speelt in de stad Interzone, een samentrekking van New York, Mexico Stad en Tangers Internationale Zone. Het is een gevaarlijk oord, waar misdaad, perversie, machtswellust en verslaving het leven bepalen. Het is de hel op aarde, de tegenpool van utopia, oftewel een dystopia, de slechtst denkbare wereld. Burroughs laat er geen twijfel over bestaan dat hij met deze hyperbool het ware gezicht van de moderne westerse wereld wil tonen. De sociale structuur is uitsluitend gebaseerd op wat hij "The Algebra of Need' noemt, de wetten van volledige afhankelijkheid en gewelddadige onderwerping. Hoofdpersoon van het boek is Agent Bill Lee, een junkie-schrijver, die verslag doet van zijn avonturen en ervaringen in de krankzinnige wereld van Interzone, en zijn pogingen om af te kicken. De stad is het toneel van een mythische strijd tussen Goed en Kwaad.

De krachten van het kwaad bestaan uit kleine groepen schurken die ieder hun eigen strategie hebben om de absolute onderwerping van gewone mannen en vrouwen te bewerkstelligen. Moord, seksuele martelingen, drugs, wrede medische experimenten en telepathische hersenspoeling zijn de voornaamste middelen die worden gebruikt. Al die gruwelen passeren de revue, soms als hilarische variété-act, soms in de vorm van dialogen, of een hallucinerend droomverslag.

De drie partijen die samenzweren zijn de Liquefactionisten, die er op uit zijn om iedereen te liquideren behalve henzelf. Hun acties en stemmen vormen een parodie op totalitaire politieke strevens en autoritair geweld. Zij nemen in het boek hoofdzakelijk de seksuele martelingen voor hun rekening. Wurgseks met orgastische en fatale afloop is veruit favoriet en wordt in komische en grimmige varianten vele malen uitgebreid beschreven.

De tweede partij is die van de Divisionisten, die er op uit zijn om de wereld te overspoelen met replica's of klonen van zichzelf. Iedereen moet en zal hetzelfde zijn. Hun acties en gesprekken parodiëren het christelijke scheppingsidee, maar ook de homoseksuele subcultuur. Dominees en aanstellerige nichten maken deel uit van deze partij. De derde partij van slechteriken is die van de Zenders. Ze belichamen het grootste kwaad: telepathische controle. Zij knechten de mensen in Interzone door middel van verslavende drugs, religieuze rituelen, zoals mensenoffers en medische experimenten. Burroughs voert een klein legertje dolgedraaide doktoren op, die stuk voor stuk hun wetenschappelijke kennis misbruiken à la Mengele. Zo is er een expert in hersenspoelen en martelen, die zich technologisch psychiater noemt, en een ander die de "Complete All American De-Anxietized Man' heeft gekweekt: een reusachtige zwarte duizendpoot. Een van de hoogtepunten is het verhaal van the talking asshole, waarin een man langzaam wordt overgenomen door zijn pratende aarsgat en gaandeweg armen, benen en hoofd verliest.

Tegenover deze bendes, die afkomstig lijken uit strips als Batman en Spiderman, staat de partij van de Factualisten. Zij strijden tegen de onderwerping en tirannie door de schurken. Er komen maar twee agenten van deze partij in het boek voor: ene A.J. en Bill Lee, de schrijver van het boek. Zij verspreiden het wondermiddel apomorfine tegen de verslavende werking van opiaten en proberen agenten van de andere partijen te vermoorden. Maar de belangrijkste tegenactie van de Factualisten is het onthullen en ontmaskeren van de samenzwering van de krachten van het Kwaad, wat samenvalt met het schrijven van Naked Lunch zelf.

Parasieten

Het mag duidelijk zijn dat deze mythologie een sterk autobiografisch karakter heeft. De stad Interzone zoals die hier wordt geschilderd is te lezen als het geheel van herinneringen, waarnemingen en angstdromen van Bill Lee, de schrijver. Dat de drie partijen van het Kwaad samen het Menselijk Virus worden genoemd maakt duidelijk dat Agent Lee, de Factualist, al schrijvend bezig is zich te verdedigen tegen zijn al zu menschliche natuur. Zijn autonomie wordt bedreigd door infiltrerende parasieten. Ze dringen zijn lichaam binnen in de vorm van machtswellust, seks, dope en conditionerende theorieën en overtuigingen. Hij moet zich daarvan bevrijden, maar ook hijzelf heeft een menselijk lichaam, en het verzet tegen de machten van het Kwaad is gedoemd het onderspit te delven: all Agents defect and all Resisters sell out.

De kracht van Naked Lunch schuilt erin dat de verteller weliswaar een geheim agent voor het Goede is, maar dat hij als schrijver alle vormen van het Kwaad met een zekere geestdrift als tekst opvoert. Of het nu gaat om de griezelige denkbeelden van een klassieke redneck, huiveringwekkende sadistische fantasieën, de machtswellust van bureaucraten of de agressieve wanen van een afkickende junkie, ze komen tot ons in rauwe, onversneden vorm. Zoals ze zijn, zonder excuus, ja in hun meest vitale, levenslustige gedaante: als energiek ontsporende parodie. Het is niet voor niets dat Burroughs in het boek zelf naar het beroemde Modest Proposal van Swift verwijst als model voor het louterend sarcasme dat hij op het oog heeft.

In Naked Lunch maakt Burroughs bij het scheppen van zijn mythologie gebruik van alle mogelijke subliteraire tekstsoorten: filmscripts, science fiction en misdaadverhalen, journalistiek, radio en televisie, strips, porno. Bovendien is een groot deel van het boek geschreven in de taal van de straat, vol met het idioom en de zwarte humor van oplichters en junkies. De figuren waarmee Naked Lunch is bevolkt zijn voor een groot deel archetypes uit strips en pulpromans: de geheim agent, de eenzame privé-detective, de mafiabaas en zijn bende, de waanzinnige dokter en de amorele wetenschapper, zombies en mutanten.

Dit gebruik van vormen en figuren uit de populaire cultuur en het op elkaar laten botsen van high en low culture is niet alleen een krachtig satirisch middel, maar consistent met het zwartgallige wereldbeeld dat Burroughs ventileert: in populair culturele vormen, zoals horror films, science fiction, strips en misdaadromans wordt onthuld wat de maatschappij zou willen onderdrukken en ontkennen. Daar komt de vuiligheid aan de oppervlakte.

Ook de kennis die in Naked Lunch voorkomt is pop-wetenschap. De mad doctors refereren aan Hubbards Scientology en Reichs beruchte orgone-theorie. Burroughs eigen paramedische theorieën over verslaving eindigen in een kruistocht voor apomorfine, het miskende wondermiddel.

Onsmakelijk

Met Naked Lunch heeft Burroughs een nieuwe literaire vorm uitgevonden, die hij in de erop volgende trilogie (The Soft Machine, The Ticket that Exploded en Nova Express) verder ontwikkelde. Je zou het de pop-roman kunnen noemen naar analogie met het vroege werk van Rauschenberg en Warhol, dat in diezelfde tijd ontstaat. Ook zij produceerden hybride, onbeschaafde collages, samengesteld uit de lagere regionen van de cultuur: ook hun vocabulaire bestond uit materiaal en technieken uit strips, reclame, kranten, pulp en porno.

En net als bij Burroughs ligt bij hen de nadruk op het zo direct mogelijk presenteren van de naakte, niet zelden onsmakelijke en obscene feiten. Een ander punt van overeenkomst is de afstandelijke positie die men inneemt tegenover de gevestigde, hogere cultuur: hun startpunt is het koele cynisme van de straat, de radicale achterdocht tegen alles wat cultureel gezag heeft, de hang naar harde satire, de afkeer van psychologie, innerlijke roerselen en diepe filosofieën.

Burroughs dreef zijn montage en collagetechniek op de spits in de boeken die volgden op Naked Lunch. Hij gebruikte daarin wat hij de cut-up of fold-in techniek noemde. Hij zocht teksten van hemzelf of anderen over verwante onderwerpen bij elkaar, knipte ze doormidden en verwisselde de helften. Op basis van de ontstane combinaties componeerde hij een nieuwe tekst. Het is een vorm van sampling avant la lettre, die in de film, de beeldende kunst, de muziek en de poëzie meer geaccepteerd is dan in het proza.

Het was niet alleen deze destructieve en oneerbiedige houding ten opzichte van het geschreven woord en de klassieken (hij weefde flarden van Kafka's Het Proces, Eliots The Waste Land en Shakespeares The Tempest door zijn mutaties van eigen tekst, kranteartikelen en porno heen) die hem nog verder van de gevestigde literatuur en de goede smaak verwijderde. In de boeken die volgden vermomt de mythische strijd tegen het Menselijk Virus zich als een science fiction-saga, waarin wilde bendes van neukende, moordende, spuitende jongens de hoofdrol vervullen. Deze boeken zijn Burroughs hedendaagse pop-versie van Swifts Gullivers Travels.

Een nieuw element in het latere werk is het thema van de taal als kwaadaardig virus. Niet alleen het gesproken en geschreven woord, maar ook de altijd voortkabbelende stem van ons bewustzijn is in Burroughs' ogen een verslaving, een dwangsysteem. Zijn abstracte, plotloze boeken, opgezet als film of geluidsband-montages, de compacte stijl van het cut-up proza, het zijn de Factualistische guerrillatechnieken van Agent Lee om die tyrannie tegen te werken.

Waar Beckett esthetisch en filosofisch inzoomt op het wanhopige verlangen naar taalloosheid en het onontkoombare van het spreken, daar is Burroughs' tekst een wapen ter voorbereiding van de invasie van de stilte. In die stilte bestaan woorden en beelden als sterrestelsel in het heelal, buiten de kaders van lineaire concepten, tijdsstructuren of menselijke bedoelingen. Het is de triomf van de uiterlijkheid.

In Burroughs' proza is nauwelijks sprake van innerlijkheid of emotie. Er zijn stemmen, teksten, karikaturale helden en schurken, monsters en samenzweringen. Het enige lichtpunt is de werking van de tekst zelf. Die belichaamt het verzet tegen de verslavende, repressieve krachten van seks, emotie, liefde, macht, honger naar drugs en geweld. In het hol van de leeuw, door teksten die een explosie van geweld, drugsgebruik, seks en kwaadaardigheid presenteren, pleegt de schrijver/geheim agent zijn sabotage.

Burroughs vergelijkt zijn proza met de werking van apomorfine, de chemische stof die de stofwisseling van de verslaafde reguleert en de pijnlijke behoefte aan heroine wegneemt. De roman als enige stille plek, waar de macht van het Menselijk Virus tijdelijk gebroken is, waar de guerrillatechniek van zijn stijl de vijand kapot speelt, en te kakken zet. De gedroomde toestand na de invasie van de stilte is er een van individuele autonomie, volstrekte passieloosheid en een radicale achterdocht tegen iedere vorm van maatschappelijkheid en organisatie.

Het ironische is dat Burroughs de menselijke natuur als zwakte uitlegt, die als een verslaving aan heroine bestreden moet worden, omdat het de mens vatbaar maakt voor totale afhankelijkheid, en zo degradeert tot een subhumaan leven, maar dat zijn positieve ideaal in alle opzichten lijkt op het beeld van de junkie: eenzaam, emotieloos, aseksueel, anti-sociaal, een woordeloze leegte bewonend. Burroughs zelf schreef ergens: Schrijven is een nog ergere verslaving dan gebruiken.

In Burroughs' werk zijn slechter en beter gelukte boeken aan te wijzen, maar naar klassieke meesterwerken zal de lezer vergeefs zoeken. Dat is een notie die buiten het bestek van zijn werkwijze valt. Zijn volgende boek diende altijd verder te zijn in plaats van mooier. Wat zijn werk nog steeds het verkennen en lezen waard maakt, is zijn stilistische veelzijdigheid en inventiviteit, zijn feilloze oor voor spreektaal en bizar idioom, en de even virtuoze als keiharde satire. Hoe vitaal en aanstekelijk Burroughs' werk is, blijkt uit de invloed die hij heeft op jonge Amerikaanse auteurs als William T. Vollmann, Kathy Acker, William Gibson en Mark Leyner.

Burroughs is een twintigste-eeuwse versie van de mythomane poète maudit in de traditie van Baudelaire, Rimbaud en Jarry, wier werk ook zijn kracht ontleent aan het perverse, onmenselijke standpunt van waaruit zij de wereld herscheppen en bespotten. Voor hilarische gekte, verontrustend snel proza en virtuoze zwarte humor kan men nog altijd terecht in die lange sick joke die het werk van de literaire misdadiger William S. Burroughs is.