Vingers knakken en oren afscheuren

Tentoonstelling: Olympische Spelen in de Oudheid. T/m 30 augustus in Allard Pierson Museum, Amsterdam. Geopend: di t/m vr 10-17 u, za & zo 13-17 u.

Morgen beginnen in Barcelona de Olympische Spelen. Dan zullen weer duizenden sporters uit tientallen landen uitmaken wie het hardst loopt, het verst springt, het best bokst enzovoort, enzovoort.

Sommige mensen vinden sport gruwelijk. Tweeëntwintig mannen die achter een bal aan rennen, zo noemen zulke mensen voetbal bijvoorbeeld. Daarmee bedoelen ze: wat zonde dat zoveel volwassen kerels met zoiets kinderachtigs en zinloos bezig zijn.

Zou er een tijd zijn geweest waarin sport niet bestond? Een tijd waarin mensen alleen hard liepen als ze door een beer achterna werden gezeten of zelf op een hert joegen? Ik denk het niet. Kinderen doen vanzelf spelletjes en er zullen altijd wel mensen zijn geweest die dit bleven doen toen ze volwassen waren. Misschien hebben de sporthaters wel gelijk dat sport zinloos is, maar aan dat gelijk hebben ze dan niets. Sport zal altijd bestaan.

Dat ook de Olympische Spelen al heel oud zijn, kun je zien in het Allard Pierson Museum in Amsterdam. Ze bestonden al in het oude Griekenland. Ook toen probeerden atleten uit allerlei steden - landen bestonden toen nog niet - de beste te zijn. De wedstrijden werden elke vier jaar in het plaatsje Olympia gehouden ter ere van Zeus, de Griekse oppergod. Wanneer de Olympische Spelen voor het eerst werden gehouden, weten we niet. Maar al in de achtste eeuw voor Christus bestonden ze.

De Spelen van tegenwoordig zijn niet dezelfde als die van de oude Grieken. In Olympia duurden ze niet twee weken, maar vijf dagen. En allerlei sporten die nu wel Olympisch zijn, bestonden vroeger niet. Voetbal, basketbal, hockey - van dat soort sporten hadden de Grieken nog nooit gehoord. Ze hadden een hekel aan ploegensporten. Er stonden alleen sporten op het programma die door één man gewonnen konden worden: hardlopen, vijfkamp, discuswerpen, verspringen, speerwerpen, worstelen, boksen, wagenrennen, paardenrennen en pankration. Die laatste sport kennen wij weer niet. Pankration was een heel vuile sport, een soort kruising tussen boksen en worstelen. Alles mocht, behalve bijten en vingers in de ogen, mond of neus van de tegenstander steken. Maar benen en armen breken, vingers knakken en oren afscheuren mocht wel.

Er zijn nog meer verschillen. In Olympia mochten vrouwen niet meedoen en de atleten sportten zonder kleren aan. En vroeger namen ook keizers deel aan de Olympische Spelen. Zo kreeg de wrede Romeinse keizer Nero maar liefst zes eerste prijzen op de 211de Olympische Spelen. Of hij ook echt heeft gewonnen, is niet zeker. Bij het wagenrennen, bij voorbeeld, viel hij uit zijn wagen, maar niemand van de jury durfde hem te diskwalificeren.

Keizer Nero had een hekel aan christenen. Het liefst liet hij ze ter dood brengen. Maar latere Romeinse keizers waren zelf christen. Christenen waren misschien wel de eerste sporthaters. In ieder geval vonden ze dat de Olympische Spelen verboden moesten worden, omdat ze waren gewijd aan de heidense god Zeus. In 393 kregen de christenen hun zin. Het zou 1503 jaar duren voor de Olympische Spelen opnieuw werden gehouden. Maar nooit meer in Olympia, want dit was inmiddels een ruïne geworden.