Rotterdam praat met provincie over taxibeleid in regio

ROTTERDAM, 24 JULI. De provincie Zuid-Holland en de gemeente Rotterdam gaan gezamenlijk proberen het conflict over het taxibeleid in de regio op te lossen.

Dat zijn de commissaris van de koningin in Zuid-Holland, mr. S. Patijn, en burgemeester dr. A. Peper overeengekomen. Peper zei gisteren nog te weigeren met Patijn te spreken over het probleem. Hij vond een onderhoud alleen zinvol als de provincie met concrete plannen kwam om de onrust weg te nemen. Tot Pepers verbazing meldde de commissaris van de koningin zich vanmorgen desondanks op het stadhuis. Patijn had Peper gisteren na diens mededeling een boodschap gestuurd waarin stond dat hij met een voorstel zou komen. Die boodschap had Peper echter niet ontvangen.

In de werkgroep zullen vertegenwoordigers van de provincie, de gemeente, de politie en de taxibranche zitting hebben onder voorzitterschap van de Zuidhollandse gedeputeerde T. Jansen, verantwoordelijk voor het taxibeleid. Volgens de woordvoerder van Peper zal de werkgroep zich buigen over de invoering van nieuwe vergunningen en de “mogelijke overdracht” van de provinciale bevoegdheden naar de vervoerregio Oude en Nieuwe Maas.

De provincie is sinds enkele jaren verantwoordelijk voor het taxibeleid in Zuid-Holland. Sindsdien heerst er onrust in de taxiwereld. De gevestigde chauffeurs hebben grote moeite met de afgifte van vergunningen aan nieuwe taxichauffeurs, onder meer omdat de kosten voor het verkrijgen hiervan beduidend lager zijn geworden. Daardoor is er volgens de chauffeurs nu een overvloed aan taxi's in Rotterdam. De nieuwe chauffeurs, in de Rotterdamse taxiwereld "pretrijders' genoemd, zouden verantwoordelijk zijn voor het verlies aan inkomsten.

Met name dit jaar is het in Rotterdam al verschillende keren tot botsingen gekomen tussen de rivaliserende taxichauffeurs. "Pretrijders' zijn bedreigd en geïntimideerd.