J. E. ANDRIESSEN; "De Duitsers zijn er gek genoeg voor, ...en ik ook'

Onderhandelaar minister Andriessen van economische zaken zal niet tevreden zijn met de stilte die vanmorgen optrad in het overleg tussen Fokker en Dasa. “Hij is een man die als geen ander gesprekken op gang kan houden. Hij gaat door tot er een akkoord is”, zegt H. Hofstede, oud-voorzitter van de christelijke vakcentrale CNV.

Zelf antwoordde Andriessen gisteravond op de vraag of Dasa en Fokker vandaag verder onderhandelen: “De Duitsers zijn er gek genoeg voor, en ik ook.” De huidige situatie, waarin er volgens de partijen "in principe' niet meer onderhandeld wordt maar ook nog geen besluit is genomen, ligt Andriessen niet. “Lange onderhandelingen zijn hem op het lijf geschreven”, zegt Hofstede. “Hoewel ik denk dat hij zich op zijn leeftijd ook wel eens wat meer in acht zou moeten nemen.”

Hofstede kan zich goed voorstellen wat de minister bezielde om een dag en een nacht door te onderhandelen. “De meeste akkoorden komen pas tot stand na lange onderhandelingen. Als je voelt dat je beet hebt, is het verstandiger gewoon door te gaan, in plaats van een pauze van een paar dagen in te lassen. Want dan gaat iedereen zich ermee bemoeien, waardoor het resultaat in gevaar kan komen.”

Hofstede, die met Andriessen in de Stichting van de Arbeid en de SER heeft gezeten voordat Andriessen drie jaar geleden minister werd, heeft alle vertrouwen in de minister als onderhandelaar. “Als er één bewindsman is die de onderhandelingen met Fokker en Dasa tot een goed einde kan brengen, dan is het Andriessen. Ik zou geen andere minister weten die hier beter voor geschikt is.”

Een politicus tegen wil en dank, maar als ondernemer een goede en harde onderhandelaar. Dat is Jacobus Eije Andriessen, minister van Economische Zaken in het kabinet-Andriessen (1963-1965) en het derde kabinet Lubbers (vanaf 1989). Een arbeidersjongen uit Rotterdam die in 1963, 34 jaar oud, helemaal geen minister wilde worden maar werd overgehaald door zijn leermeester Jelle Zijlstra om het toch te doen. Een man die zich aan het hoofd van vatenproducent Van Leer ontpopte als een koele saneerder. Een man die cocktails en recepties zoveel mogelijk mijdt en het liefst golft - alleen.

“Ik ben niet zo'n groot politicus,” zei hij in november 1991 tegen deze krant. “Ik zit op het minst politieke departement, en dat wil ik ook graag zo houden. Het is mijn taak om het geluid van het bedrijfsleven in het kabinet te brengen.” Dat lukt hem bij tijd en wijle uitstekend. Zo wist hij ruim een jaar geleden een verhoging van de vennootschapsbelasting te voorkomen. “Als je zag hoe hij toen de belangen van het bedrijfsleven verdedigde, dat was fantastisch,” zei Fred Lempers van het Nederlands Christelijk Werkgeversverbond, waarvan Andriessen tussen zijn tijd bij Van Leer en zijn tweede ministerschap korte tijd voorzitter was.

“Andriessen,” zegt het VVD-Kamerlid Len Rempt, “staat in het bedrijfsleven bekend als een goede onderhandelaar. Een harde onderhandelaar ook. Vooral als het om grote zaken gaat.” Of dat ook voor de zaak-Fokker geldt kon ze echter vanmorgen, bij gebrek aan informatie over de onderhandelingen van vannacht, absoluut niet beoordelen.