Wedloop om de Olympische Spelen van Catalonië

BARCELONA, 23 JULI. Drie dagen voor het begin van de Olympische Spelen is de competitie onder politici zijn finale fase ingegaan. Het sein daarvoor werd vorige week gegeven door de Generalitat, de regionale regering van Catalonië, die een twaalf miljoen gulden kostende internationale reclamecampagne lanceerde waarin zij het succes van de Spelen exclusief voor zichzelf opeist. Politieke tegenstanders zoals het gemeentebestuur van Barcelona en de regering in Madrid zijn verontwaardigd over het initiatief. Niet in de laatste plaats omdat zij veel meer geld en tijd aan de organisatie van het evenement hebben besteed. Het is dringen op het erepodium.

“In welk land zou u dit punt plaatsen?”, vraagt een paginagrote advertentie die vorige week in de belangrijkste dag- en weekbladen van Europa, Azië en Amerika stond afgedrukt. Een bladzijde verder was het antwoord te vinden: “In Catalonië, natuurlijk”. De begeleidende tekst legde uit dat Catalonië “een land in Spanje” is met zijn eigen, cultuur, taal en identiteit. Dit land heeft tal van genieën op het gebied van kunst en cultuur voortgebracht en bovendien “de Olympische Spelen weten te verwerven voor zijn hoofdstad, Barcelona”.

In werkelijkheid is de kandidatuur voor de Spelen een initiatief geweest van Narcis Serra, destijds burgemeester van Barcelona en tegenwoordig vice-premier van Spanje. Het onderscheid is cruciaal, want Serra behoort tot de socialistische arbeiderspartij van premier Gonzalez, terwijl het regionale bestuur al twaalf jaar in handen is van de rechts-nationalistische coalitie Covergencia i Unio van president Jordi Pujol. Het is Pujol een doorn in het oog dat de hoofdstad van zijn regio door de socialisten wordt bestuurd. En omgekeerd hebben de socialisten veel te stellen met Pujols streven naar steeds grotere financiële en staatkundige zelfstandigheid.

Natuurlijk is Catalonië geen “land in Spanje” maar een regio of provincie met min of meer zelfstandige bevoegdheden die in een apart statuut zijn geregeld. Dat belet Pujol echter niet om de grenzen van zijn invloed steeds iets verder op te rekken. Het welslagen van de Spelen is daarbij een dankbaar instrument, maar ook een middel om de regering in Madrid onder druk te zetten.

Drie jaar geleden, bij de inwijding van het Olympisch stadion op de Montjuïc, werd koning Juan Carlos door leden van de jeugdbeweging van Pujols partij weggefloten. De vorst is immers het symbool bij uitstek van de Spaanse nationale eenheid, die door de Catalaanse nationalisten wordt verfoeid.

Toen de koning vorige maand de wens te kennen gaf om aanwezig te zijn bij de aankomst van de Olympische vlam, op het strand bij Ampurias, waarschuwde Pujol het staatshoofd dat hij dat maar beter niet kon doen - om taferelen te voorkomen als bij de inauguratie van het stadion. De landing van de vlam werd rechtstreeks op televisie uitgezonden, maar de ceremonie eromheen was voor de meeste Spanjaarden niet te volgen was omdat er bijna uitsluitend Catalaans werd gesproken.

Pag 5: De regio strijkt met de eer terwijl het land betaalt

De Spaanse regering vreest dat het even kostbare als prestigieuze evenement haar door de regionale nationalisten ontfutseld wordt. De Catalaanse president Pujol, die niet bepaald overliep van enthousiasme toen Barcelona zich kandidaat stelde voor de Olympische Spelen, is begin dit jaar met steun van IOC-voorzitter Samaranch een campagne begonnen voor de "Catalanisering' van het sportfeest. Hij heeft bedongen dat de Catalaanse vlag aanstaande zaterdag bij de opening naast die van Spanje zal wapperen en dat een groot deel van de toespraken in het Catalaans gehouden wordt.

De propaganda van Pujol en de zijnen heeft succes gehad. Uit opiniepeilingen blijkt dat men er in de rest van Spanje inmiddels van overtuigd is dat de regionale regering de grootste financiële inspanning voor de Spelen heeft geleverd. In werkelijkheid heeft Madrid echter zesentwintig procent van de kosten voor zijn rekening genomen en daarmee ruim twee keer zoveel betaald als de Generalitat. In Catalonië blijkt slechts twee procent van de geënqueteerden dit te willen geloven, overtuigd als men er is van de consequente achterstelling van de eigen regio door Madrid. De Catalanen gaan ervan uit dat burgemeester Pasqual Maragall van Barcelona de meeste eer voor de organisatie dient te krijgen. Gonzalez en Serra hebben Maragall echter onlangs ernstig gemaand om de hulp van de centrale regering de komende tijd niet onder stoelen of banken te steken.

Pujol heeft zijn aanhangers gevraagd bij het spelen van het Spaanse volkslied en tijdens de toespraak van de koning dit keer niet te fluiten of te joelen. Maar hij weigert afstand te nemen van betogers die van plan zijn zaterdagavond borden met de tekst "Freedom for Catalonia' voor de televisiecamera's omhoog te houden.

Zelf is Pujol niet direct uit op onafhankelijkheid voor Catalonië. Daar is hij teveel realist voor. Maar hij koketteert wel graag met het idee en zal de eis ook nooit openlijk afwijzen als die door anderen wordt geformuleerd. Daarmee zou hij immers de extremere nationalisten van Esquerra Republicana, die bij de laatste regionale verkiezingen een flinke winst boekten, te zeer in de kaart spelen. Die flank houdt hij liever gedekt.

Dat bleek ook begin vorige week al, toen op verdenking van samenzwering tegen de Spelen een dertig activisten uit de invloedssfeer van de voormalige terreurgroep Terra Lliure en de beweging La Crida werden gearresteerd, in wat waarschijnlijk vooral een preventieve actie van de officier van justitie is geweest. Tot verontwaardiging van het openbaar ministerie werden de autoriteiten onmiddellijk gebombardeerd met brieven en telefoontjes van behoudende Catalaanse politici om vrijlating van de verdachten te bewerkstelligen. De Catalaanse radio en televisie maakten vergelijkingen met de manier waarop politie en justitie onder de dictatuur van generaal Franco plachten op te treden. Pujol zelf beschuldigde de centrale overheid ervan het nationalisme te willen “criminaliseren.”

De burgemeester van Barcelona is inmiddels een tegenaanval begonnen door een veroordeling uit te spreken tegen iedereen die tracht politieke munt uit de Spelen te slaan. Terwijl tienduizenden ramen en balkons in Barcelona na een aansporing van Pujol getooid zijn met de senyera, de Catalaanse vlag met de smalle gele en rode strepen, prees Pasqual Maragall juist nadrukkelijk de Spaanse vlag als “het gemeenschappelijke symbool van alle volkeren van democratische Spanje, dat gerespecteerd dient te worden”. Hij herinnerde zijn burgers er bovendien aan dat “de Spelen niet van ons zijn, maar van de hele mensheid. Wij in Barcelona leveren alleen maar het decor.”

Zaterdag zal de Generalitat opnieuw een advertentie in de internationale pers plaaten om uit te leggen dat Barcelona in Catalonië ligt en weinig of niets met Spanje te maken heeft. Volgens burgemeester Maragall is dat geldverspilling, omdat iedereen wel weet dat “Barcelona in Catalonië ligt, maar Catalonië in Spanje en Spanje in Europa”. Hij heeft zijn gemeentepolitie opdracht gegeven alle borden en spandoeken te verwijderen die pleiten voor onafhankelijkheid van Catalonië. Andere socialistische politici hebben Jordi Pujol er de afgelopen dagen van beschuldigd een radicalisering à la Baskenland na te streven. En ze hebben gewaarschuwd dat de schuldige voor een eventuele verstoring van de openingsceremonie van de Spelen straks zonder moeite zal kunnen worden aangewezen, omdat die naast de koning in de ereloge zit.