Vierde spaarbekken Biesbosch zal toch Maaswater innemen

Vier spaarbekkens waren er indertijd in de Biesbosch gedacht. Nu de tijd nadert om de laatste aan te leggen, heeft het "onland', zoals de Biesbosch jarenlang is omschreven, een opwaardering ondergaan. Het staat op het punt te worden uitgeroepen tot nationaal park. Daarin past niet nog eens een grote waterplas omgeven door acht meter hoge asfaltdijken. Voor dat laatste spaarbekken kan beter een landbouwpolder net buiten de Biesbosch worden opgeofferd, zo beweren natuurbeschermers.

Tegenover het ongemak te moeten zoeken naar een andere geschikte plaats staat een voordeel. Immers, is het Maaswater waarmee de drie bestaande spaarbekkens worden gevuld niet regelmatig zo vuil dat de inname gestaakt moet worden? En is het Rijnwater de laatste jaren niet zoveel schoner geworden dat meer en meer vissoorten lijken terug te komen?

Vier jaar lang is er gestudeerd op de vraag of van de Biesbosch een nationaal park te maken valt. Dit voorjaar gaf het Overlegorgaan Nationaal Park in oprichting De Biesbosch een bevestigend antwoord. De Biesbosch kan inderdaad een nationaal park worden. ""Maar dan moet er wel worden afgezien van het voornemen de Zuiderklip, het vierde spaarbekken, aan te leggen'', zei drs. J. Borgman, voorzitter van het Overlegorgaan, bij de overhandiging van het eindrapport aan staatssecretaris D. Gabor. Het natuurgebied zou te versnipperd worden als er nòg een grote waterplas in zou komen. Bovendien zou de minister volgens Borgman wel eens van aanwijzing tot nationaal park kunnen afzien. Want hij zal voorzien dat het aanleggen van een spaarbekken in een nationaal park tot bezwaarschriften en beroepsprocedures leidt. En het risico van uitstel in een zo wezenlijke zaak als de drinkwatervoorziening zal de overheid niet willen lopen.

Buiten de Biesbosch

Borgman betwist niet de noodzaak van nog een waterbekken, maar ziet liever een plaats net buiten de Biesbosch. Zelf opperde hij een landbouwpolder in de gemeente Werkendam, aan de oever van de Nieuwe Merwede. Een bekken langs deze rivier bood volgens hem een onverwacht voordeel. ""De Nieuwe Merwede voert Rijnwater aan en dat is de laatste tijd aanmerkelijk schoner geworden. En dat kunnen we helaas van de Maas niet zeggen.''

Gabor steunde Borgman door een kwart miljoen gulden uit te trekken voor onderzoek naar een alternatieve locatie voor de Zuiderklip. Dit najaar moet geologisch onderzoek uitwijzen of de polder Steenenmuur in Werkendam, Jannezand in de gemeente Dussen of een van de polders aan de zuidzijde van de Amer, in de omgeving van Drimmelen, het meest beschikt is.

Welke er ook uit de bus komt, voor het waterwinbedrijf staat vast dat het bekken gevuld zal worden met water uit de Maas, en niet met water uit de Nieuwe Merwede. ""In de publieke perceptie is de Rijn een stuk schoner geworden, terwijl de Maas als vuil te boek staat. Terecht, maar de werkelijkheid is gecompliceerder'', legt drs. L.W.C.A. van Breemen, hoofd laboratorium van het waterwinbedrijf uit. ""Zo is de mutageniteit van het Rijnwater nog altijd een factor 5 à 10 hoger dan Maaswater.'' Er zitten met andere woorden veel meer stoffen in die het erfelijkheidsmateriaal kunnen benvloeden. Daartoe horen organische microverontreinigingen, zoals bestrijdingsmiddelen en stoffen die vrijkomen bij de produktie van kunststoffen en medicijnen.

""Daar staat tegenover dat de Maas meer zware metalen aanvoert, maar die vormen niet ons grootste probleem'', aldus Van Breemen. ""Als de meetstations langs de rivier melden dat de grenswaarden voor verontreinigingen worden overschreden, dan staken we de inname.'' In 1991 was dat vijf keer het geval, dit jaar tot nu toe twee keer. Omdat dergelijke piekbelastingen nooit lang aanhielden, hebben zich tot nu toe geen problemen met de voorraadvorming voorgedaan.

Zout

Met Rijnwater zou dit probleem zich minder vaak voordoen, gezien de indrukwekkende successen die de laatste jaren zijn gemeld. De gehaltes kwik en cadmium in de Rijn bijvoorbeeld zijn in vijftien jaar tijd met 95% afgenomen.

Maar een andere stof in het Rijnwater geeft in het geheel geen afname te zien: zout. ""Zouden we Rijnwater innemen, dan zouden we de inname heel wat vaker moeten staken, gelet op de hoge zoutconcentraties'', schetst Van Breemen dit hypothetische probleem. Het Waterleidingbesluit van 1984 heeft de absolute limiet voor zout gelegd bij 200 mg chloride per liter, een hoeveelheid die volgens de meetgegevens te Lobith over 1991 in veertien van de 26 tweewekelijkse perioden werd overschreden. ""Natuurlijk is het mogelijk van zout water goed drinkwater te maken, maar dat is een duur procédé; alleen weggelegd voor landen die beschikken over heel veel goedkope energie.''

Deze membraamfiltratie heeft als ander nadeel dat het niet alleen de natrium- en chloorionen uit het water zuivert, maar ook alle andere ionen. ""In feite blijft er gedemineraliseerd water over, zuiver H2O. En dat is giftig voor de mens. Er zouden na zuivering dus weer allerlei zouten aan toegevoegd moeten worden, zoals kalium, magnesium, calcium. Zeg maar alle stoffen die op het etiket van een flesje mineraalwater staan.''

Verwacht Van Breemen dan niet dat er de komende jaren ook wat het zout in de Rijn betreft grote vooruitgang zal worden geboekt? En laat het zich niet aanzien dat de sanering van de Maas nog lang op zich laat wachten, nu België nog in juli heeft laten weten geen waterverdragen met Nederland te kunnen sluiten, zolang de staatkundige verhoudingen tussen Vlaanderen en Wallonië niet duidelijk zijn?

Van Breemen: ""Het zoutgehalte zal tot in lengte van jaren hoog blijven. Niet alleen hebben de Franse kalimijnen het recht behouden hun zout in de Rijn te storten. Maar ook de steenkoolmijnen in Duitsland zullen opgepompt mijnwater - waar veel zout in zit - blijven lozen.''

Over de kwaliteit van de Maas is hij veel optimistischer. ""Ook België is gebonden aan EG-richtlijn 271 van 1991.'' In die richtlijn verplichten alle lidstaten zich om voor het jaar 2000 het afvalwater van agglomeraties met meer dan 15.000 inwonerequivalenten te zuiveren. ""Zodra Charleroi of Luik geen ongezuiverd rioolwater meer op de Maas loost, zal de kwaliteit echt met sprongen vooruit gaan'', verwacht Van Breemen. ""Laten de Belgen die termijn nu eens een paar jaar overschrijden, maar dan nog duurt het niet lang meer of het Maaswater wordt aanmerkelijk schoner. En daarom zal ook het vierde spaarbekken - waar dat ook komt - met Maaswater worden gevuld.''