Uiterlijk schoon en de zorg voor de jongen

Aan het uiterlijk van dieren kan vaak in één oogopslag gezien worden of de soort monogaam dan wel polygaam is. De algemene regel is dat wanneer de sexen uiterlijk sterk van elkaar verschillen, de soort polygaam is. Het geslacht met het meest opvallende uiterlijk besteedt de minste zorg aan het nageslacht.

Paradijsvogels zijn een goed voorbeeld van een zeer polygame soort. Vrouwelijke paradijsvogels hebben een bruingrauw, onopvallend uiterlijk. De mannetjes daarentegen zijn door hun kleurenpracht verbluffende verschijningen. Toen Europeanen ongeveer 500 jaar geleden voor het eerst mannelijke paradijsvogels zagen, dachten ze dat deze vogels rechtstreeks uit de hemel waren neergedaald, zo bovenaards is hun uiterlijk. Tot in het kleinste detail lijkt het gericht op een maximaal esthetisch effect. Daarbij voeren ze ook nog wonderlijke dansen uit, begeleid door gezang.

De contacten tussen mannelijke en vrouwelijke paradijsvogels beperken zich tot de bevruchting, waarna ieder zijns weegs gaat. Het vrouwtje bebroedt vervolgens verscholen in de jungle de eieren. Mannelijke hulp is onnodig en ongewenst, het nest zou daardoor alleen onder de aandacht van roofdieren worden gebracht.

De mannetjes concentreren zich daarom volledig op de kortstondige verovering van zoveel mogelijk vrouwtjes, zodat de vrouwtjes een ruime keus hebben. Mannetjes willen met elk vrouwtje paren dat ze tegenkomen, maar een vrouwtje kan het zich door deze grote belangstelling veroorloven kieskeurig te zijn. Een mannetje kan zich dat niet veroorloven, want voor hem zijn er vele andere.

De kieskeurigheid van de vrouwtjes heeft grote gevolgen voor de evolutie van het uiterlijk van de mannetjes, omdat de vrouwtjes duidelijke voorkeuren hebben. Veel vogelsoorten worden geplaagd door parasieten, en de vrouwtjes prefereren mannetjes zonder parasieten. Een heldere kleur, met symmetrische patronen en vloeiende lijnen, suggereert dat vlooien en luizen niet de overhand hebben. Daarom kiezen de vrouwtjes helder gekleurde mannetjes, ten nadele van grauwe, rafelige en pluizige. Net zoals een auto-koper de voorkeur geeft aan een glanzende bolide boven een die getekend is door krassen en roestvlekken.

De voorkeur voor heldere kleuren heeft tot gevolg dat er in de volgende generaties, gezien de erfelijkheid, steeds meer helder gekleurde mannetjes zijn. Maar op den duur suggereert een opvallend heldere kleur niet alleen weerstand tegen parasieten, het suggereert vooral een grote populariteit bij de vrouwtjes. Mannetjes met overdreven heldere kleuren zijn "sexy' voor de vrouwtjes, omdat deze vrouwtjes hopen zonen te krijgen die eveneens opvallende kleuren hebben en dus ook "sexy' zijn. Door aantrekkelijke mannetjes te kiezen geeft een vrouwtje de eigen genen maximaal door. De kleurige aspecten van mannetjes worden daarom steeds meer uitvergroot en aangedikt.

Niet alleen het uiterlijk van de mannetjes wordt beoordeeld, ook hun gedrag en de geluiden die zij voortbrengen. Om zo goed mogelijk voor de dag te komen, tonen de mannetjes hun fysieke en atletische vermogens door dansen uit te voeren, terwijl de vocale capaciteiten tijdens een serenade ten gehore worden gebracht.

Het overvloedige aanbod van mannetjes, en de voorkeur van vrouwtjes voor mannetjes die een grote aantrekkelijkheid weten te suggereren, heeft tot gevolg gehad dat de mannelijke paradijsvogels geëvolueerd zijn tot organismen die ontworpen lijken te zijn voor een maximaal effect-bejag. Zij hebben kleurencombinaties die niet van deze wereld zijn, tot in het onzinnige verlengde staartveren, voeren ingewikkelde dansen uit en maken geluiden die in niets meer aan normaal getjilp herinneren. Het gezang van de mannelijke Blauwe paradijsvogel Paradisaea rudolphi kan nog het best vergeleken worden met het geluid van een motorboot. Bij de voorstellingen van de mannetjes blijft een vrouwtje slechts een kritische toeschouwster. Van haar oordeel hangt af of er gepaard wordt of niet.

Door hun opvallende uiterlijk zijn de mannetjes natuurlijk een geliefd doelwit van roofdieren, zodat zij een hoge mortaliteit kennen. Maar een ietwat meer ingetogen mannetje is kansloos tegen zijn sexy collega's waar het gaat om de verovering van vrouwtjes, en in het evolutie-proces draait het tenslotte om voortplanting, niet om overleving. Als het overgrote deel van de mannetjes met een extreem lange staart vroeg sterft, maar de paar die overblijven vrijwel alle vrouwtjes bevruchten, dan neemt de gemiddelde staartlengte van mannetjes toe.

De vrouwtjes behouden hun onopvallende uiterlijk, want er is een overvloed aan mannelijke vrijers. Mannelijke kieskeurigheid, zo die er al is, heeft weinig invloed op de evolutie van hun verschijning. Het uiterlijk van de vrouwtjes is vooral het resultaat van de eisen die de jungle stelt, met name aan het vermogen om onzichtbaar te blijven. Dit verklaart dat vrouwelijke paradijsvogels van verschillende soorten vaak treffend op elkaar lijken, zij leven immers in dezelfde jungle.

Geheel anders wordt het beeld als, door omstandigheden gedwongen, beide sexen zich volledig voor het grootbrengen van de jongen moeten inzetten. Veel meeuwensoorten nestelen op open vlakten, waar de eieren en jongen geen moment alleen gelaten kunnen worden. Om beurten wordt voedsel gehaald en het nest bewaakt. Als een mannelijke meeuw in deze situatie twee vrouwtjes bevrucht, en vervolgens aan beide nesten onvoldoende hulp verleent zodat de jongen sterven, dan is hij reproductief minder succesvol dan zijn strikt monogame sexegenoot. In deze omstandigheden zijn mannetjes een even schaars goed voor de vrouwtjes, als het omgekeerde het geval is. Beide sexen zijn daarom even kieskeurig wat het uiterlijk van de andere partij betreft, en het resultaat is dat bij strikt monogame soorten de sexen soms nauwelijks uit elkaar gehouden kunnen worden.

Het geslacht van een meeuw kan vaak pas na inwendig onderzoek worden gedetermineerd. Extreme versierselen die een hoge mortaliteit met zich meebrengen (zoals idioot lange staartveren) komen niet meer voor. Ook in het gedrag is het niet langer zo dat de ene partij kunstjes vertoont, terwijl de ander keurend toekijkt. Beide sexen nemen actief deel aan paringsdansen en samenzang.

Net zoals de mannelijke paradijsvogel door mensen mooi wordt gevonden, zo zullen weinig mensen bestrijden dat de balts van bijvoorbeeld futen of kraanvogels tegemoet komt aan het menselijke gevoel voor esthetiek. Ook de gezamenlijke muzikale omlijsting van het gebeuren behaagt de mens. Een paar gibbons (monogame Aziatische apen) geeft acrobatische voorstellingen begeleid door indrukwekkende duetten. Opera-liefhebbers onder de primatologen prijzen de artistieke kwaliteiten. Toch blijken hierover verschillen van mening te kunnen bestaan. Een tijd geleden kwam in het nieuws dat enkele omwonenden van het "Apenheul' te Apeldoorn een rechtszaak hadden aangespannen vanwege het gezang van op 900 meter afstand verblijvende gibbons. Het Apenheul is nu gedwongen een paar met een jong van de hand te doen. Als de opera-minnende primatologen geloofd mogen worden, dan zullen de omwonenden nog spijt krijgen van hun geklaag.